Wat is een organisatie:
Organisatie: doelgericht samenwerkingsverband, meestal gericht op
continuïteit.
Verschillende organisaties hebben 3 aspecten met elkaar gemeen:
1. Mensen:
2. Middelen: grondstoffen, gebouwen, systemen.
3. Doelstellingen:
Indeling organisaties naar doelen:
Indeling naar rechtsvormen:
- Organisaties zonder rechtspersoonlijkheid zoals eenmanszaak (zzp'er, 1
persoon, aansprakelijk voor alles), vennootschap onder firma.
- Organisaties met rechtspersoonlijkheid zoals de naamloze vennootschap
(nv, beursgenoteerd, op de beurs geplaatst, meerdere aansprakelijk) en de
besloten vennootschap (bv, niet beursgenoteerd, meerdere aansprakelijk).
Ontwikkelingen in de organisatietheorie:
Adam Smith: productieve arbeid de bron is van welvaart en dat door
arbeidsverdeling de productiviteit van de arbeid sterk kan worden verhoogd.
Tot 1935:
Scientific Management - Taylor:
Taylor: grondlegger van een meer systematische benadering van
bedrijfsvoering.
, Hoofdpunten van Scientific Management (Taylorisme) zijn:
1. Wetenschappelijke analyse van werkzaamheden en uitvoeren van
bewegingsstudies
2. Vergaande taakverdeling en training van arbeiders, waarbij elke
handeling nauwkeurig was beschreven
3. Invoeren van prestatiebeloning met als doel te komen tot lagere
productiekosten
General Management-theorie - Fayol:
Fayol zijn bijdrage was nadrukkelijk gericht op de gehele organisatie. Dit in
tegenstelling tot Taylor die zich vooral richtte op de productieafdeling.
General Management-theorie legt verbanden tussen de
managementgebieden en de managementtaken.
Bureaucratie - Weber:
Rationele organisatie
Bijdrage van Weber vooral gericht op overheidsorganisaties en grote
bedrijven vanuit een sociologische invalshoek
Kenmerken van een ideale bureaucratie
o Hiërarchische bevelstructuur: éénheid van bevel
o Nauwkeurig afgebakende bevoegdheden en verantwoordelijkheden
o Werving, bevordering en beloning op basis van objectieve criteria
ipv vriendjespolitiek
o Uitvoering van werkzaamheden volgens vaste routineregels
Positieve kant: rationele aspect van bureaucratie
o Meer productiviteit en welvaart
o Gelijkheid van regels die voor iedereen gelden
1935 - 1955:
Human Relations - Mayo:
Mayo bewees met zijn Hawthorne-experimenten dat er naast objectieve
factoren ook subjectieve factoren zijn voor het resultaat
o Subjectieve factoren zijn aandacht, zekerheid, bij de groep horen en
waardering
o Betekenis van Human Relations voor het vakgebied leidinggeven;
sociale vaardigheden zijn van groot belang
Arbeider niet langer het verlengstuk van de machine
Revisionisme - Likert e.a.
Revisionisme is synthese tussen Scientific Management en Human
Relations
o Scientific Management: organisatie zonder mensen
o Human Relations: mensen zonder organisatie
o Revisionisme: mensen en organisatie
Belangrijke auteurs: