aantekeningen
Les 1
Week 2 het COSO-model wordt door mevrouw van Delft nagekeken
We krijgen veel praktijkvoorbeelden te zien tijdens de lessen van mevrouw van Delft
Handleiding regelgeving Accountancy (HRA) is de bijbel voor accountants, deze is online te verkrijgen
maar er bestaat ook een hard copy ervan
HRA is uitgegeven door de NBA
We moeten naar de lessen ons boek ‘’De Kern van de administratieve organisatie’’ meenemen
We gaan kijken naar het COSO-model, schematechnieken (3 kolom schema’s)
We gaan nu over naar 5 kolom schematechnieken
Plaats in blok /project
Jaar 1 handelsbedrijf
Jaar 2 personeel/ productie
Jaar 3 dienstverlening
Jaar 4 herhaling/ OAT
Project: mini OAT drie kernvakken in een project in teken van productie
Wat is BIV? Bestuurlijke informatieverzorging
Wat is AO: Data vastleggen, transformeren en verzamelen om mensen uiteindelijk te laten
verantwoorden
Wat zijn beheersmaatregelen?
,AO sjabloon om theoretisch probleem uit te werken
1. Typologie
2. Attentiepunten Risico’s
3. Randvoorwaarden
- Begroting/ Richtlijnen
- Functiescheiding
- Automatisering
- Managementinformatie
4. Procesbeschrijvingen
Attentiepunten leiden tot risico’s
Als je een risicobeschrijving gaat doen ga je inherente risico’s doen
Als je zegt attentiepunt is kortingen wat is dan de inherente risico?
Inherente risico begint met een jaarrekeningpost, de controledoelstelling en wat het risico dan
daarop is
Inherente risico:
Het risico op onvolledig verantwoorden opbrengsten doordat onterecht korting wordt verantwoord
in de jaarrekening.
1 2 3
Een jaarrekening noemen we ook wel een verantwoording. Als het niet goed in de administratie staat
dan geef je het wel aan in de adviesbrief maar je controleert uiteindelijk alleen de jaarrekening
1 is de controledoelstelling, 2 is de jaarrekeningpost en 3 is de oorzaak achter doordat
Je moet de verantwoording controleren, als er 15% korting is gegeven in het echt maar de korting
wordt vastgelegd als een korting van 30% dan is de korting verkeerd verantwoord
Audit risico
Business risk (als de norm 30% korting is en een medewerker 50% korting geeft) (activa wordt
onterecht onttrokken en dat is een vorm van fraude)
Een gratis koffie of te veel korting die verleend wordt mag als het maar goed verantwoord is in de
jaarrekening, wij kijken alleen naar de verantwoording, puur naar de jaarrekening
1. Tendentie: de winst hoog of laag verantwoorden
1) Flatteren: winst hoger verantwoorden
2) Deflatteren: winst lager verantwoorden
, 2. Controledoelstelling:
*omzet: volledigheid (is het niet te laag verantwoord?)
*kosten: nauwkeurigheid (is het niet te hoog verantwoord?)
Standaard tendentie die we hebben is deflatteren van de winst
Winst -> Vpb 25% => vbc: omzet – kosten = winst
Zo laag mogelijke opbrengsten en zo hoog mogelijke kosten verantwoorden resulteert in zo laag
mogelijke winst
Voorbeeld: Een familiebedrijf verkocht zijn bedrijf op de markt en je wilt zoveel mogelijk geld
ontvangen bij het verkopen van jouw bedrijf dus daarom had mevrouw van Delft vooral
gecontroleerd op de controledoelstelling nauwkeurigheid (of het niet te hoog verantwoord is).
Alleen aandeelhouders kijken naar winst want zij ontvangen dividend. Er zijn verschillende belangen:
belangen van banken, personeel, aandeelhouders en de belastingdienst. Het MKB-segment heeft
vooral het belang om zo min mogelijk belasting te betalen, dus zij zullen sneller de winst zo laag
mogelijk willen verantwoorden.
Interne beheers/controle maatregelen
We kennen:
• Preventieve interne controle maatregelen
• Repressieve interne controle maatregelen
Preventief: Functiescheiding, processtappen en bewaking
Repressief: Verbandscontroles, detailcontrole en cijferbeoordeling
Attentiepunten (theorie)
Belangrijke zaken die van invloed kunnen zijn op de optimalisatie van het resultaat en/of
bedrijfsvoering
Punten die de volledigheid van de opbrengsten en/ of de juistheid van de kosten verstoren
Zaken die de waardekringloop kunnen verstoren
Management is verantwoordelijk voor jaarrekening en moet frauderisico minimaliseren en
wet en regelgeving naleven
Al deze punten / zaken kunnen gezien worden als risico’s voor het bedrijf. Hieraan zal bij de
procesbeschrijving aandacht moeten worden besteed in de zin van: te nemen organisatorische
maatregelen / interne controles.
, BV + I – EV = Verkopen
I = inkopen
BV = beginvoorraad
We moeten deze betaformule kunnen dromen
Het bestuur moet het frauderisico minimaliseren en wet- en regelgeving navolgen. Dit staat in Titel 9
Boek 2 BW.
Beschrijven processen Adm. Org.
Niet overschrijven van de opgave, maar behandelen van de processen die gedaan worden
c.q. moeten worden gedaan. De operationele processtappen zijn alinea’s (kopje) van een
proces
Vaste volgorde:
- Volg decompositie (processtappen HPS) per alinea:
- Geef aan WIE wat doet (afdeling c.q. functionaris)
- Geef aan WAT er moet worden gedaan (proces: bijv. opvragen offerte)
- Geef aan WAAR(IN) een en ander wordt vastgelegd: naam bestand e.d.
- Geef INHOUD bestand aan (belangrijkste gegevens)
- Bij verbandscontroles door administratie (controller): geef aan welke gegevens uit welke
bestanden worden vergeleken.
Als je een verbandscontrole gaat doen uit dezelfde administratie dan zegt het niet alles
Alle kubussen van de COSO moet je op een chronologische volgorde van boven naar beneden
aflopen