Privaatrecht: Burger <-> Burger (hierbij kan ook de overheid optreden
als ‘’burger’’)
Publiekrecht: Overheden onderling of Overheid <-> Burger (als de
overheid gebruik maakt van een typisch publieke taak)
Vermogensrecht: omvat het geheel van regels dat betrekking heeft op
vermogensbestanddelen. (goederenrecht + verbintenissenrecht):
Goederenrecht: gaat over vermogensrechten die een bepaalde
gradatie van zeggenschap geven over een goed (relatie persoon en
goed)
Verbintenissenrecht: een onderdeel van het privaatrecht dat gaat
over rechtsrelaties tussen twee of meer personen waarbij de een is
gerechtigd tot hetgeen waartoe de ander is verplicht (relatie tussen
meerdere personen)
2.1
Wat is een overeenkomst?
Overeenkomst een afspraak gemaakt door 2 of meer personen
(partijen), die juridisch relevant zijn. Waarom zijn ze juridisch relevant? Dat
heeft te maken met het feit dat uit een overeenkomst rechten en plichten
voortvloeien. In het recht noemen we deze rechten en plichten
verbintenissen = meerzijdige rechtshandeling waarbij 1 of meer
partijen een verbintenis aangaan (art. 6:213 lid 1 BW)
Overeenkomst: aanbod + aanvaarding = wilsovereenstemming (art. 6:217
lid 1 BW)
Normaal aanbod: kan worden herroepen zolang het niet is aanvaard
Onherroepelijk aanbod (er was termijn voor aanvaarding): kan niet
worden herroepen
Vrijblijvend aanbod: kan ook na aanvaarding nog worden herroepen
(moet wel direct na aanvaarding gebeuren)
Aanbod vervalt door tijdsverloop. Mondeling aanbod vervalt bij niet
onmiddellijk aanvaarden (zie lid 1). Schriftelijk aanbod vervalt indien niet
binnen redelijke tijd is aanvaard (zie lid 1). Aanbod vervalt eveneens door
verwerping (zie lid 2)
Een overeenkomst die door 2 partijen is gesloten met het doel dat
daaruit rechten en plichten voortvloeien, wordt ook wel een
obligatoire/verbintenisscheppende overeenkomst genoemd
Als er uit een overeenkomst 2 verbintenissen voortvloeien is er
sprake van een wederkerige overeenkomst een overeenkomst die
meebrengt dat beide partijen ten minste zowel een recht verkrijgen
, als een plicht op zich nemen. (bijv. Koopovereenkomst,
huurovereenkomst, overeenkomst van geld leen)
Eenzijdige overeenkomsten zijn afspraken waaruit slechts 1
verbintenis voortvloeit
2.2
Wanneer ontstaat een overeenkomst?
Volgens art. 217:6 komt een overeenkomst tot stand door een aanbod en
de aanvaarding daarvan. De aanbieder kan zijn bod intrekken, maar daar
zijn 2 voorwaarden voor:
1. Het aanbod mag nog niet aanvaard zijn (art. 219:6 lid 2)
2. De aanbieder mag zijn bod niet onherroepelijk hebben gemaakt
(Bijv. Een termijn vaststellen waarbinnen de aanvaarding moet
plaatsvinden) (art. 219:6 lid 1)
Er ontstaat geen overeenkomst als er geen aanbod, maar slechts een
uitnodiging tot het doen van een aanbod wordt gedaan.
De vraag wanneer een overeenkomst ontstaat, kan ook nog uit een andere
invalshoek worden benaderd art. 33:3 BW: hierin wil de wetgever tot
uitdrukking brengen dat voor het tot stand komen van onder meer een
overeenkomst vereist is dat de wilsverklaring van beide partijen met
elkaar overeenstemmen. Dit wil zeggen dat: als ik iets wil verkopen (een
koopovereenkomst met een ander wil sluiten) dan moet ik dit allereerst
willen. Vervolgens moet ik deze wil verklaren (kenbaar maken dit ik dit
wil). De overeenkomst ontstaat pas als een ander, de wederpartij, de
totstandkoming van deze overeenkomst eveneens wil en dat ook
verklaart. (zie fig. 2.1 blz. 53)
Wanneer komt een overeenkomst tot stand?
- Ontvangsttheorie (art. 3:37 lid 3 BW): Een tot bepaalde persoon
gerichte verklaring moet, om te werken, die persoon hebben bereikt
- Nuancering (2e zin art. 3:37 lid 3 BW): Verklaring die wederpartij
niet (tijdig) bereikt, werkt toch als dit de ontvanger is toe te rekenen.
2.3.1
Wilsdefect
Er zijn 2 categorieën als je spreek van een overeenkomst die ‘verkeerd is
begrepen’:
Wilsdefect
Wilsgebrek
Wilsdefect: