Samenvatting Algemeen Management blok 1:
Hoofdstuk 1:
Management zolang mensen via gezamenlijke inspanning iets hebben
bereikt is er al sprake van management. Management was vroeger heel
simpel, het is nu veel ingewikkelder geworden omdat de samenleving veel
complexer is geworden.
In het dagelijks leven komt iedereen in aanraking met organisaties:
(samenwerkingsverband van mensen en middelen met een
gemeenschappelijk doel.), namelijk via het doen en laten van bedrijven en
instellingen. Wij maken gebruik van producten of diensten van fabrieken,
scholen, ziekenhuizen ect. We werken en leven in een maatschappij van
organisaties.
Als je je richt op organiseren en leidinggeven dan kom je in aanraking
met vraagstukken van een manager en organisatie met als doel: het
besturen van een bedrijf.
Manager een manager is iemand die processen stuurt, die het
handelen van andere op gang brengt. Hij neemt als leidinggevende
voortdurend beslissingen over wat er gedaan moet worden, hoe, en door
wie. Hij moet daarbij steeds bereik zijn om uitleg te geven. Kenmerken van
managers:
Afhankelijk van inzet van anderen een manager is afhankelijk van
de bijdragen van anderen (wel gezagsrelatie) , ook van
leidinggevende uit andere bedrijfsonderdelen (geen gezagsrelatie).
Verantwoordelijk voor werkklimaat, informatie en beslissingen een
manager is verantwoordelijk voor een goed werkklimaat en hij dient
de samenwerking te stimuleren, er moet een overeenstemming zijn
tussen het uit te voeren werk en de behoefte van
individuen/groepen. Om snel problemen om te lossen heeft een
manager voldoende informatie nodig.
Vaardigheden: tijdmanagement, terreinkennis, resultaatgerichtheid
leidinggevende moeten in staat zijn tot een goede
tijdmanagement = op een zo efficiënt mogelijke manier omgaan met
de beschikbare tijd. Het is hierbij van belang om effectief te kunnen
vergaderen.
Organisatie samenwerkingsverband van mensen en middelen met een
gemeenschappelijk doel.
In een goede organisatie wordt er doeltreffend (effectief) en
doelmatig (efficiënt) te werk gegaan.
Er zijn 3 elementen die een organisatie kenmerken:
- mensen
- die samenwerken
- met een bepaald doel
, Samenwerkingsverband in bedrijven/instellingen werken mensen
samen en worden technische en financiële middelen gebruikt om
doelstellingen te bereiken. Deze
doelen zijn vaak het beste en snelste te realiseren door gezamenlijke
inspanning.
Organiseren organiseren wil zeggen dat er doelmatige verhoudingen
zijn tussen mensen, middelen en handelingen om bepaalde doeleinden te
bereiken.
Ontwikkelingen van invloed op hedendaagse management:
1. Relatie onderneming-samenleving (zie hoofdstuk 2)
ethisch handelen betekend verband leggen over normen van goed
en kwaad zijn.
2. Schaalvergroting en internationalisering: Globalisering van
globalisering is sprake als het gaat om producten afzetten op
wereldwijde markten.
3. Wijziging in machts-/gezagsverhouding (invloed van de
manager) de invloed van een manager hangt voor een groot
deel af van de mate waarin werknemers naar de manager willen
luisteren.
4. Rol wetenschap en techniek Management tools:
- Operations research (regelings- en planningsmethode)
- Cybernetica (bestuurskunde)
- Informatietechnologie (kunstmatige intelligentie)
5. Marketingfilosofie de marketingfilosofie helpt het management
(beter) te begrijpen dat het organisatiedoel buiten de organisatie
ligt, namelijk in de markt.
- B2C: Businnes-to-consumer = individuele consument)
- B2B: Businnes-to-businnesrelaties
Managementlagen:
Topleiding (of topmanagement) Directie of een bepaalde raad
- Strategische beslissingen
- Langetermijn beslissingen
Middenkader (of middle management) Besluit laten
uitvoeren, bijv. Manager inkoop.
- uitvoerende taak naar boven toe
- leidinggevende taak naar beneden toe
Eerstelijnsmanagement en uitvoerende medewerkers
Mensen aansturen, problemen oplossen
- operationele processen
- uitvoerende medewerkers
elke laag heeft een eigen taakstelling en verantwoordelijkheid. Als een
organisatie veel managementlagen heeft: steile organisatie, en als het
weinig lagen heeft: platte organisatie.
Managers hebben als belangrijkste taak om mensen en middelen te sturen
in een organisatie, hun tijd wordt in beslag genomen door:
Hoofdstuk 1:
Management zolang mensen via gezamenlijke inspanning iets hebben
bereikt is er al sprake van management. Management was vroeger heel
simpel, het is nu veel ingewikkelder geworden omdat de samenleving veel
complexer is geworden.
In het dagelijks leven komt iedereen in aanraking met organisaties:
(samenwerkingsverband van mensen en middelen met een
gemeenschappelijk doel.), namelijk via het doen en laten van bedrijven en
instellingen. Wij maken gebruik van producten of diensten van fabrieken,
scholen, ziekenhuizen ect. We werken en leven in een maatschappij van
organisaties.
Als je je richt op organiseren en leidinggeven dan kom je in aanraking
met vraagstukken van een manager en organisatie met als doel: het
besturen van een bedrijf.
Manager een manager is iemand die processen stuurt, die het
handelen van andere op gang brengt. Hij neemt als leidinggevende
voortdurend beslissingen over wat er gedaan moet worden, hoe, en door
wie. Hij moet daarbij steeds bereik zijn om uitleg te geven. Kenmerken van
managers:
Afhankelijk van inzet van anderen een manager is afhankelijk van
de bijdragen van anderen (wel gezagsrelatie) , ook van
leidinggevende uit andere bedrijfsonderdelen (geen gezagsrelatie).
Verantwoordelijk voor werkklimaat, informatie en beslissingen een
manager is verantwoordelijk voor een goed werkklimaat en hij dient
de samenwerking te stimuleren, er moet een overeenstemming zijn
tussen het uit te voeren werk en de behoefte van
individuen/groepen. Om snel problemen om te lossen heeft een
manager voldoende informatie nodig.
Vaardigheden: tijdmanagement, terreinkennis, resultaatgerichtheid
leidinggevende moeten in staat zijn tot een goede
tijdmanagement = op een zo efficiënt mogelijke manier omgaan met
de beschikbare tijd. Het is hierbij van belang om effectief te kunnen
vergaderen.
Organisatie samenwerkingsverband van mensen en middelen met een
gemeenschappelijk doel.
In een goede organisatie wordt er doeltreffend (effectief) en
doelmatig (efficiënt) te werk gegaan.
Er zijn 3 elementen die een organisatie kenmerken:
- mensen
- die samenwerken
- met een bepaald doel
, Samenwerkingsverband in bedrijven/instellingen werken mensen
samen en worden technische en financiële middelen gebruikt om
doelstellingen te bereiken. Deze
doelen zijn vaak het beste en snelste te realiseren door gezamenlijke
inspanning.
Organiseren organiseren wil zeggen dat er doelmatige verhoudingen
zijn tussen mensen, middelen en handelingen om bepaalde doeleinden te
bereiken.
Ontwikkelingen van invloed op hedendaagse management:
1. Relatie onderneming-samenleving (zie hoofdstuk 2)
ethisch handelen betekend verband leggen over normen van goed
en kwaad zijn.
2. Schaalvergroting en internationalisering: Globalisering van
globalisering is sprake als het gaat om producten afzetten op
wereldwijde markten.
3. Wijziging in machts-/gezagsverhouding (invloed van de
manager) de invloed van een manager hangt voor een groot
deel af van de mate waarin werknemers naar de manager willen
luisteren.
4. Rol wetenschap en techniek Management tools:
- Operations research (regelings- en planningsmethode)
- Cybernetica (bestuurskunde)
- Informatietechnologie (kunstmatige intelligentie)
5. Marketingfilosofie de marketingfilosofie helpt het management
(beter) te begrijpen dat het organisatiedoel buiten de organisatie
ligt, namelijk in de markt.
- B2C: Businnes-to-consumer = individuele consument)
- B2B: Businnes-to-businnesrelaties
Managementlagen:
Topleiding (of topmanagement) Directie of een bepaalde raad
- Strategische beslissingen
- Langetermijn beslissingen
Middenkader (of middle management) Besluit laten
uitvoeren, bijv. Manager inkoop.
- uitvoerende taak naar boven toe
- leidinggevende taak naar beneden toe
Eerstelijnsmanagement en uitvoerende medewerkers
Mensen aansturen, problemen oplossen
- operationele processen
- uitvoerende medewerkers
elke laag heeft een eigen taakstelling en verantwoordelijkheid. Als een
organisatie veel managementlagen heeft: steile organisatie, en als het
weinig lagen heeft: platte organisatie.
Managers hebben als belangrijkste taak om mensen en middelen te sturen
in een organisatie, hun tijd wordt in beslag genomen door: