waarbij een schatting van de effectieve (volg) dosis.
o Externe (uitwendige) bestraling: Straling komt van buiten lichaam, bv.
lineaire versneller
E: Effectieve dosis E = ∑WT x ∑WR x D
Dosis is gecorrigeerd voor soort straling en weefsel
o Inwendige besmetting: ‘Bestraling’ waarbij je activiteit binnen hebt
gekregen; Activiteit zit in lichaam en bestraald vanuit binnen het lichaam
E50: Effectieve volgdosis E50 = e50 x Ain
Dosis gedurende 50 jaar na inname van bepaalde activiteit
Voor alle beschreven dingen hieronder is rekening mee
gehouden in formule
o Zowel externe bestraling als inwendige besmetting gehad Etot = E + E50
omgaan met de termen ingestie, inhalatie en submersie en kan de bijpassende
e50 kiezen en conservatieve berekeningen uitvoeren.
kan de waarde van f1 bij risicoanalyses gebruiken.
o Handboek radionucliden
F1: Transfer component; Component waarmee activiteit door lichaam
heen gaat/wordt getransporteerd
Over algemeen is dit bloed
, Stel F1 = 1 stof komt geheel in bloed; stof wordt geheel door
bloed getransporteerd
Component lager dan 1 meenemen in berekeningen (bijna
altijd 1)
Inhalatie
Dampen en gassen kennen verschillende factoren
o Klasse SR-0: Niet reactief; Je ademt het als het ware
uit
o Klasse SR-1: Matig reactief en minder goed oplosbaar
o Klasse SR-2: Sterk reactief en goed oplosbaar; Blijft in
lichaam hangen
Depositie: Hoeveel er neerslaat/achterblijft in longen
Longzuiveringsklassen: Hoe snel stof vanuit long in
lichaamsvloeistoffen komt en bepaald hoe verdeling door
lichaam gaat
o Klasse Fast: Snel
o Klasse Moderate: Gemiddeld
o Klasse Slow: Langzaam
Submersie: Onderdompeling; Omgevingslucht is besmet met
radioactieve edelgassen of elementair tritium
Kent klasse SR-0 ingeademde gassen snel uitgeademd
spreekt van uitwendige bestraling
Aerosolen: Gasdeeltjes die zich verspreiden en die je inademt; Stof-
of vloeistofdeeltje in gas van nuclide in lucht
e50 verschillend voor werknemers en bevolking en bij
werknemers hoger
o Werknemers: Dichtbij bron van verspreiding 5µm
aerosolen slaan sterk neer
o Bevolking: Ver weg van bron van verspreiding 1 µm
aerosolen slaan minder snel neer
o Vlottere methode van urine- of schildklier meting bij werknemers (niet bij
ingestie)
E50 = Acontent x DPC in Sv
E50: Effectieve volgdosis
Acontent: Activiteit in urine of schildklier
Dose Per Content: Dosis per content (in Sv/Bq; Sv x Bq-1)
Rekenvoorbeeld
15 dagen na besmetting meet je in content (urine) 100 Bq. &
DPC is dan 7,0 x 106 Sv/Bq (zie tabel) E50 = 100 Bq x 7,0 x
106 Sv/Bq = 7,0 x 10-4 Sv
o Verschillende halfwaarde tijden (T1/2) voor berekeningen met activiteit