Het karakter en de plaats van de systeemtheorie in relatie tot de vijf psychologische kenmerken.
Synthese, evaluatie, open vraag, 20 punten.
1. De psychoanalyse theorie ontwikkelt door Sigmund Freud, bestaat uit de psychoanalytische
theorie en de psychoanalytische therapie.
We doorlopen drie fasen in ons leven, de orale fase, de anale fase en de fallische of genitale fase.
Wanneer een kind één van deze fasen niet goed doorloopt, zal het niet-volledig doorgewerkte
elementen meenemen naar de volgende fase.
Het persoonlijkheidsmodel, bestaande uit het es, het ich en het über-ich.
De essentie van Freuds theorie is dat mensen in het reine moeten zien te komen met het lust- en
het realiteitsprincipe.
2. De humanistische psychologie de nadruk ligt op de menselijke mogelijkheden, de mogelijkheid
van de mens te kiezen en zich te ontplooien.
Mensen hebben een aangeboren behoefte aan groei en zelfverwezenlijking.
Abraham Maslow, behoeftehiërarchie.
Carl Rogers, cliëntgerichte therapie.
3. Het behaviorisme de psychologie van het uiterlijk waarneembare gedrag.
Theorie over de wijze waarop mensen leren.
Alle menselijk gedrag is aangeleerd.
De mens komt als een tabula rosa (een onbeschreven blad) ter wereld.
Ivan Pavlov, Burhus Skinner.
Gedragstherpaie.
4. Biologische psychologie alles heeft te maken met chemie, als er iets niet goed is dan is het van
binnen, gedrag wordt bepaald door genen, geen baas in eigen brein, defect is ‘de machine’,
medicatie, neurologie, psychiatrie.
5. Cognitieve psychologie manier waarop je denkt, hoe je dingen interpreteert.
Gedrag wordt bepaald door manier van informatieverwerking.
Instagram/ filters.
Mensen hebben cognitieve schema’s.
Invloed: opvoeding, cultuur, persoonlijke ervaringen.
6. Systeemtheorie je moet het breed zien.
Er wordt gekeken naar circulaire causaliteit.
Het heeft een de-individualiserend karakter.
Het is nuchter en zakelijk.
Informatie staat centraal, non-verbale, onbewuste en onbedoelde signalen die mensen uitzenden
en ontvangen.
Er is sprake van een patroon/ redundantie.
De basis ligt in het constructivisme.
Communicatie is informatie die gevolgen heeft en alle gedrag is communicatie.
Kenmerken van een open systeem
Kennis, open vraag, 10 punten
Totaliteit duidt aan dat als er een verandering optreedt in een deel van het systeem, dat zijn
weerslag heeft op het gehele systeem en dat deze verandering ook veranderingen teweeg zal
brengen in alle andere delen van het systeem.
Niet-optelbaarheid het geheel is meer dan de som der delen.
Subsysteem is een willekeurige samenstelling van twee of meer leden van het systeem.