Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Arresten

Arresten kort goederen- en insolventierecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
22
Geüpload op
30-08-2022
Geschreven in
2021/2022

Arrest van 22 pagina's voor het vak Goederen- En Insolventierecht aan de EUR (zie titel)

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

PROBLEEM 1

Beperkte genotsrechten:

1. Het recht van vruchtgebruik;
2. Erfdienstbaarheden;
3. Het recht van erfpacht;
4. Het recht van opstal.

HET RECHT VAN VRUCHTGEBRUIK (= BEPERKT RECHT)

Waarop: alle goederen, dus zaken en vermogensrechten  art. 3:102 BW

Waarvoor: vruchttrekking, gebruik, beheer  dus ruime bevoegdheden, maar bestemming moet
gerespecteerd worden art. 3:208 lid 1.
Hem komen immers alle vruchten toe, die tijdens het vruchtgebruik afgescheiden of opeisbaar worden (art.
3:216 jo. 5:17 BW). Hieronder vallen dus zowel natuurlijke en burgerlijke vruchten (art. 3:9 BW). Om
onduidelijkheden te voorkomen, kan bij de vestiging van het vruchtgebruik worden bepaald wat met
betrekking tot het vruchtgebruik als vrucht moet worden beschouwd (art. 3:216 BW).

Duur: art. 3:202 BW  vruchtgebruik ontstaat door vestiging of verjaring
art. 3:203 BW  vestiging:

- Ten behoeve van 1 of meerdere personen. Kan sprake zijn van gezamenlijk gebruik of opvolging.
- Vruchtgebruik is gebonden aan het leven van de vruchtgebruiker.
- Bij rechtspersonen gaat het te niet door ontbinding en 30 jaar na vestiging.

Vergoedingsverplichting: vruchtgebruik kent geen wettelijke vergoedingsplicht. Vergoeding kan wel
contractueel overeengekomen worden.

Vestigingsvorm: dat ligt aan de aard van het goed 3:89 t/m 3:95

Rechstkarakter: zaaksgevolg/droit de suite  de beperkt rechthebbende kan zijn recht uitoefenen ongeacht
onder wie de zaak zich bevindt

ERFDIENSTBAARHEID (= BEPERKT RECHT 3:8, AFHANKELIJK RECHT 3:7)

Waarop: onroerende goederen art. 5:70

Waarvoor: eigenaar van het dienend erf heeft een gedoogplicht, zie 5:71. Eigenaar van het heersend erf heeft
een gebruikersrecht.

Duur: erfdienstbaarheden worde gevestigd om voor een hele lange tijd te bestaan. Zij zullen daarom niet na
een bepaalde periode van rechtswege te niet gaan. Daarom kan de rechter wijzigingen aanbrengen of op
heffen, zie 5:78 t/m 5:81. Eeuwig durend, tenzij anders overeengekomen.

Vergoedingsplicht: kent een retributie, wat inhoudt dat in de akte van vestiging kan worden vastgesteld of er
een retributie moet worden betaald, 5:70 lid 2.

Vestigingsvorm: een daartoe bestemde, tussen partijen opgemaakte notariële akte, gevolgd door de
inschrijving in de daartoe bestemde openbare registers  3:89 lid 1 (en 3:98)

,Rechstkarakter: zaaksgevolg/droit de suite  de beperkt rechthebbende kan zijn recht uitoefenen ongeacht
onder wie de zaak zich bevindt (passieve zijde)
Afhankelijk recht  3:7
Nevenrecht  6:142  bij overdracht van een meer omvattend recht zal het beperkte recht blijven plakken.

Het bestaat dus uit een dulden of een niet doen:

1. De eigenaar van het dienden erf moet dulden dat de eigenaar van het heersend erf op het dienend erf
iets doet dat hij niet zou mogen doen.
2. De eigenaar van het dienend erf moet op zijn eigen erf iets nalaten wat hij anders wel zou mogen.
3. De eigenaar van het dienend erf moet dulden dat de eigenaar van het heersend erf op dat heersend
erf iets doet aan wat hij anders niet zou mogen.
4. De eigenaar van het dienend erf mag op het heersend erf iets niet doen dat hij anders wel zou mogen.

Hier zijn echter wel uitzonderingen op: er kan ook een verplichting zijn namelijk. Bijvoorbeeld een verplichting
tot onderhoud 5:71 lid 2.

Vereisten voor derdenwerking
Volgens art. 6:252 lid 1 BW kunnen partijen bij een overeenkomst bedingen dat de verplichting van een hunner
of iets te dulden of niet te doen ten aanzien van een haar toebehorend registergoed zal overgaan op degenen
die het goed onder bijzondere titel zullen verkrijgen, en dat mede gebonden zullen zijn degenen die van de
rechthebbende een recht tot gebruik van het goed zullen verkrijgen. Lid 2 is ook belangrijk, maar dat spreekt
voor zich.

ERFPACHT (BEPERKT RECHT)

Waarop: onroerende goederen 5:85

Waarvoor: geniet hetzelfde als de eigenaar, maar moet de bestemming wel respecteren 5:89 lid 2.

Duur: wordt bepaald in de akte van vestiging 5:86.

- Erfpacht voor bepaalde tijd
- Erfpacht voor onbepaalde tijd waarbij onderscheid gemaakt moet worden tussen voortdurende en
eeuwigdurende erfpacht.

Vergoedingsplicht: canon 5:85 lid 2, is echter niet verplicht

Vestigingsvorm: een daartoe bestemde, tussen partijen opgemaakte notariële akte, gevolgd door de
inschrijving in de daartoe bestemde openbare registers  3:89 lid 1

Rechstkarakter: zaaksgevolg/droit de suite  de beperkt rechthebbende kan zijn recht uitoefenen ongeacht
onder wie de zaak zich bevindt

RECHT VAN OPSTAL

Waarop: onroerende goederen 5:101

Doel: doorbreken goederenrechtelijk natrekkingsbeginsel

Waarvoor: degene met het recht van opstal verkrijgt juridisch eigendom over de opstallen en de volgende
bevoegdheden:

- Gebruiken, aanbrengen en wegnemen van de opstallen 5:102

, - Volle genot van de zaak waarop het recht van opstal rust 5:103

Duur: verschilt per opstal recht:

- Onafhankelijk opstalrecht: duur wordt bepaald door de akte van vestiging 5:104 lid 2
- Afhankelijk opstalrecht: duur is afhankelijk van het goed waarop het recht rust.

Vergoedingsplicht: de opstaller kan verplicht worden om geldsommen te betalen aan de eigenaar in de akte
van vestiging 5:101 lid 3. Zelfde karakter als de canon.

Rechstkarakter: zaaksgevolg/droit de suite  de beperkt rechthebbende kan zijn recht uitoefenen ongeacht
onder wie de zaak zich bevindt
Soms afhankelijk recht  3:7

Basis begrippen goederenrecht

1. Absoluutheid en exclusiviteit
2. Droit de suite/zaaksgevolg  het eigendomsrecht en elk beperkt recht blijft op een zaak rusten, zelfs
wanneer de zaak wordt overgedragen.
3. Droit de preference/prioriteitsbeginsel

4. Afhankelijk recht  art. 3:7 BW: een recht dat aan een ander recht zodanig is verbonden dat het niet
zonder dat andere recht kan bestaan.
- Recht kan dus niet afzonderlijk van het hoofdrecht worden overgedragen
- Wanneer het hoofdrecht tenietgaat, dan gaat het afhankelijke recht ook te niet

Vestiging?
In de meeste gevallen komen beperkte rechten tot stand door vestiging. De term vestiging wordt in
verschillende betekenissen gebruikt:

- In de eerste plaats kan men doelen op de vestiging als een van de totstandkomingsvereisten, te weten
het samenstel van goederenrechtelijke overeenkomst en vestigingsformaliteit. Op deze wijze gebruikt,
staat het begrip vestiging bij de totstandkoming van een beperkt recht op één lijn met het begrip
levering bij overdracht.
- De tweede betekenis is die van bewerkstelligd rechtsgevolg. De uiteindelijke totstandkoming van het
beperkte recht indien aan alle vereisten is voldaan (art. 3:98 BW).

Natrekking
Art. 5:3 BW  eigenaar zaak = eigenaar van al haar bestanddelen

Verticaal = de ondergrond trekt na wat er boven de grond wordt gevestigd
Horizontaal = niet direct boven eigen grond, maar maakt er wel deel vanuit
 vaak horizontaal > verticaal

Art. 5:20  bijzondere regel omtrent de eigendom van onroerende zaken

Verbintenisrechtelijke alternatieven?

1. Kwalitatieve verplichting  art. 6:252, enkel dulden of een niet doen
2. Kettingbeding  afhankelijk andermans wil en dus onzeker

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
30 augustus 2022
Aantal pagina's
22
Geschreven in
2021/2022
Type
Arresten

Onderwerpen

$4.18
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
STUDENTVU55 Erasmus Universiteit Rotterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
51
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
7
Documenten
24
Laatst verkocht
2 weken geleden

2.0

8 beoordelingen

5
0
4
0
3
2
2
4
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen