JURISPRUDENTIE BPR
VAN DER LUGT/ZEGERS ONJUISTE PARTIJAANDUIDING RECTIFICATIE
Een aanvankelijke onjuiste partijaanduiding kan worden gerectificeerd indien:
1. Het onder de gegeven omstandigheden voor de wederpartij kenbaar was dat van een vergissing
sprake was,
2. De wederpartij door de rectificatie en vergissing niet is benadeeld of in haar verdediging is geschaad
en
3. De rectificatie tijdig heeft plaatsgevonden
OPENBAAR BETEKENEN OF BETEKENEN AAN BRIEFADRES BETEKENING
1. Geldt een briefadres als gekozen woonplaats als bedoeld in art. 1:15 BW?
2. Zo ja, dienen exploten op grond van art. 46 Rv te worden betekend op dit adres?
Antwoord op beide vragen is ja. Een briefadres moet worden aangemerkt als gekozen woonplaats in de zin van
art. 1:15 BW voor de toepassing van art. 45-47 Rv, omdat betekening op een briefadres effectiever is dan
openbare betekening. Dat betekent dat in dat geval er geen sprake is van een onbekende woonplaats of
onbekende werkelijke verblijfplaats als bedoeld in art. 54 lid 2 Rv. Hierdoor kan gewoon art. 46 Rv gebruikt
worden. De uitzondering hierop is als de deurwaarder moet aannemen dat het briefadres niet (meer) juist is en
de stukken de betrokkene niet zullen bereiken bij betekening aan het briefadres. Dan gelden de
betekeningsvoorschriften van art. 45-47 Rv en art. 54 Rv. Ook is de dagvaardingstermijn van minstens een week
(art. 114 Rv) ook bij betekening aan een briefadres van toepassing.
CORONA-BETEKENING BETEKENING
Betekening op de voet van art. 46 lid 1 Rv wordt wegens besmettingsgevaar met COVID-19 niet verantwoord
geacht. Het wetsvoorstel Verzamelspoedwet COVID-19 is met algemene stemmen aangenomen door de
Eerste- en Tweede Kamer. Art. 1 hiervan bepaalt dat voor de toepassing van art. 47 lid 1 Rv van een feitelijke
onmogelijkheid om aan een van de in art. 46 lid 1 Rv bedoelde personen afschrift te laten, steeds sprake is
zolang de richtlijnen van het RIVM afstand voorschrijven wegens besmettingsgevaar.
Besmettingsgevaar feitelijke onmogelijkheid betekenen in persoon dus gesloten envelop kan ook
Van Mierlo niet eens hiermee, omdat de deurwaarder geen standaard postbezorger is. Hij moet namelijk uitleg
geven over het exploot.
MONDELINGE UITSPRAAK 30P NIET LIMITATIEF
De vraag rees over of art. 30p Rv een exclusieve regeling bevat voor het doen van mondelinge uitspraak.
De hoge raad overweegt dat de rechtbank 2 mogelijkheden heeft na afloop van de mondelinge behandeling:
1. De rechtbank doet mondeling uitspraak: bij een spoedeisend belang en als de beslissing zich hiervoor
leent.
2. De rechtbank doet schriftelijk uitspraak binnen de wettelijke termijn
Conclusie was is dat de regeling niet exclusief is. Een mondelinge uitspraak kan in de volgende gevallen:
1. Op de voet van 30p als de beslissing zich daarvoor leent en alle partijen ter zitting aanwezig zijn; en
2. Indien er sprake is van een spoedeisend belang
VAN DER LUGT/ZEGERS ONJUISTE PARTIJAANDUIDING RECTIFICATIE
Een aanvankelijke onjuiste partijaanduiding kan worden gerectificeerd indien:
1. Het onder de gegeven omstandigheden voor de wederpartij kenbaar was dat van een vergissing
sprake was,
2. De wederpartij door de rectificatie en vergissing niet is benadeeld of in haar verdediging is geschaad
en
3. De rectificatie tijdig heeft plaatsgevonden
OPENBAAR BETEKENEN OF BETEKENEN AAN BRIEFADRES BETEKENING
1. Geldt een briefadres als gekozen woonplaats als bedoeld in art. 1:15 BW?
2. Zo ja, dienen exploten op grond van art. 46 Rv te worden betekend op dit adres?
Antwoord op beide vragen is ja. Een briefadres moet worden aangemerkt als gekozen woonplaats in de zin van
art. 1:15 BW voor de toepassing van art. 45-47 Rv, omdat betekening op een briefadres effectiever is dan
openbare betekening. Dat betekent dat in dat geval er geen sprake is van een onbekende woonplaats of
onbekende werkelijke verblijfplaats als bedoeld in art. 54 lid 2 Rv. Hierdoor kan gewoon art. 46 Rv gebruikt
worden. De uitzondering hierop is als de deurwaarder moet aannemen dat het briefadres niet (meer) juist is en
de stukken de betrokkene niet zullen bereiken bij betekening aan het briefadres. Dan gelden de
betekeningsvoorschriften van art. 45-47 Rv en art. 54 Rv. Ook is de dagvaardingstermijn van minstens een week
(art. 114 Rv) ook bij betekening aan een briefadres van toepassing.
CORONA-BETEKENING BETEKENING
Betekening op de voet van art. 46 lid 1 Rv wordt wegens besmettingsgevaar met COVID-19 niet verantwoord
geacht. Het wetsvoorstel Verzamelspoedwet COVID-19 is met algemene stemmen aangenomen door de
Eerste- en Tweede Kamer. Art. 1 hiervan bepaalt dat voor de toepassing van art. 47 lid 1 Rv van een feitelijke
onmogelijkheid om aan een van de in art. 46 lid 1 Rv bedoelde personen afschrift te laten, steeds sprake is
zolang de richtlijnen van het RIVM afstand voorschrijven wegens besmettingsgevaar.
Besmettingsgevaar feitelijke onmogelijkheid betekenen in persoon dus gesloten envelop kan ook
Van Mierlo niet eens hiermee, omdat de deurwaarder geen standaard postbezorger is. Hij moet namelijk uitleg
geven over het exploot.
MONDELINGE UITSPRAAK 30P NIET LIMITATIEF
De vraag rees over of art. 30p Rv een exclusieve regeling bevat voor het doen van mondelinge uitspraak.
De hoge raad overweegt dat de rechtbank 2 mogelijkheden heeft na afloop van de mondelinge behandeling:
1. De rechtbank doet mondeling uitspraak: bij een spoedeisend belang en als de beslissing zich hiervoor
leent.
2. De rechtbank doet schriftelijk uitspraak binnen de wettelijke termijn
Conclusie was is dat de regeling niet exclusief is. Een mondelinge uitspraak kan in de volgende gevallen:
1. Op de voet van 30p als de beslissing zich daarvoor leent en alle partijen ter zitting aanwezig zijn; en
2. Indien er sprake is van een spoedeisend belang