Taak 6 Attention disorders and agnosia
Deel 1
1. Welke hersengebieden zijn betrokken bij perceptie?
(dorsaal/ ventraal)
2. Typen agnosie. (vooral die van de taak)
3. Welke hersengebieden zijn betrokken bij deze verschillende
typen agnosie?
Deel 2
1. Welke hersengebieden zijn betrokken bij de ruimtelijke
informatieverwerking?
2. Wat gebeurd er na schade aan de parietale cortex? (rechts/
links)
3. Wat is neglect?
4. Welke hersengebieden zijn betrokken bij neglect?
5. Hoe vind mogelijk herstel plaats? (2 stadia)
6. Hoe kun je neglect verklaren?
Welke hersengebieden zijn betrokken bij perceptie? (dorsaal/
ventraal)
Occipitale kwab is betrokken bij perceptie. Ligt onder het occipitale bot in
de schedel. De occipitale kwab wordt onderscheden van de parietale kwab
door de parietale-occipitale kwab. Er is geen duidelijke afbakening van de
occipitale kwab vanuit het laterale oppervlak.
Binnen de visuele cortex zijn er duidelijk drie gebieden aan te wijzen. De
meest prominente is de calcarine sulcus, die veel van de primaire cortex
bevat.
De occipitale kwab van de aap bevat vele visuele gebieden. Sommige
gbieden bevatten een compleet visueel veld terwijl andere slechts een
onderste of bovenste veld bevatten. Dit onderscheid is apart. Men denkt
dat het onderste en bovenste deel verschillende functies hebben waarbij
het bovenste deel is gespecialiseerd in visueel zoeken terwijl het onderste
deel meer bedoeld is voor visuomotorische hulp.
Verder zijn er cellen te onderscheiden voor kleurperceptie en cellen voor
vorm en bewegingsperceptie. Sommige delen van de occipitale kwab
focussen zich op een van deze functies terwijl er ook delen zijn die zich
met deze beide functies bezig houden. Tot voorkort werd gedacht dat de
perceptie van vorm of beweging kleurenblind was. Het is nu duidelijk dat
kleurvisie een integraal onderdeel vormt van de analyse van positie,
diepte, beweging en de structuur van objecten. Het verwerken van kleur
gerelateerde informatie zorgt er voor dat wij niet alleen in staat zijn om
kleuren van elkaar te onderscheiden maar dat we ook in staat zijn om
, diepte en beweging beter te detecteren. Honden zijn dus niet alleen
kleuren slechter ze hebben over het algemeen een slechter zicht.
Er wordt nog steeds een hierarchie voorgesteld voor de verwerking van
visie. Er zijn teveel verbindingen tussen de occipitale kwab en de overige
kwabben om op te noemen. Toch kunnen er een aantal conclusies uit
getrokken worden:
- V1: De striate cortex is het primaire visuele gebied. Het ontvangt de
grootste input van de laterale geniculate nucleus van de thalamus
en het projecteert naar alle andere occipitale regionen. Dit gebied is
het eerste verwerkingsgebied.
- V2: Projecteert ook naar de overige occipitale regionen. Dit is het
tweede niveau.
- Na V2 zijn er drie verschillende routes. Een gaat naar de parietale
cortex, een naar de superiore temporale sulcus en een naar de
inferiore temporale cortex voor verdere verwerking.
Dorsale stroom (naar de parietale kwab)
Speelt een rol in de visuele begeleiding van beweging.
Milner en Goodale stellen dat de dorsale stroom moet gezien worden als
een aantal systemen voor de online visuele controle van actie. Hun
argument is gebaseerd op drie lijnen van bewijs:
- De karakteristieken van neuronen in de posteriore parietale regionen
is dat ze actief zijn gedurende de combinatie van visuele stimuli en
geassocieerd gedrag. Deze visuele neuronen zijn dus uniek omdat ze
alleen geactiveerd worden indien het brein reageert op visuele
stimuli
- Deze neuronen kunnen dus gezien worden als een interface tussen
de analyse van de visuele wereld en de motorische acties die op
basis daarvan worden genomen. De eis van de actie heeft dus
belangrijke implicaties voor het soort informatie dat verstuurd moet
worden naar de parietale cortex. Informatie zoals de vorm van een
object, de beweging en locatie. Elk van deze visuele eigenschappen
wordt op een aparte manier gecodeerd en tenminste drie
verschillende paden lopen binnen de dorsale stroom lopen van
gebied V1 naar de parietale cortex.
- De meeste visuele gebreken geassocieerd met lesies aan de
parietale cortex kunnen gekarakteriseerd worden als
visueelmotorisch of orientationeel.
Ventrale stroom (naar de temporale kwab)
Houdt zich bezig met objectperceptie (waaronder ook kleur)
De middelste weg
Langs de superiore temporale sulcus houdt zich waarschijnlijk bezig met
visuoruimtelijke functies en in de perceptie van bepaalde bewegingen. Ook
wel polysensorische neuronen genoemd. Neuronen die zowel responsief
zijn voor zowel visuele als auditoire, of zowel visuele als
somatosensorische input. De interactie van de parietale en temporale
Deel 1
1. Welke hersengebieden zijn betrokken bij perceptie?
(dorsaal/ ventraal)
2. Typen agnosie. (vooral die van de taak)
3. Welke hersengebieden zijn betrokken bij deze verschillende
typen agnosie?
Deel 2
1. Welke hersengebieden zijn betrokken bij de ruimtelijke
informatieverwerking?
2. Wat gebeurd er na schade aan de parietale cortex? (rechts/
links)
3. Wat is neglect?
4. Welke hersengebieden zijn betrokken bij neglect?
5. Hoe vind mogelijk herstel plaats? (2 stadia)
6. Hoe kun je neglect verklaren?
Welke hersengebieden zijn betrokken bij perceptie? (dorsaal/
ventraal)
Occipitale kwab is betrokken bij perceptie. Ligt onder het occipitale bot in
de schedel. De occipitale kwab wordt onderscheden van de parietale kwab
door de parietale-occipitale kwab. Er is geen duidelijke afbakening van de
occipitale kwab vanuit het laterale oppervlak.
Binnen de visuele cortex zijn er duidelijk drie gebieden aan te wijzen. De
meest prominente is de calcarine sulcus, die veel van de primaire cortex
bevat.
De occipitale kwab van de aap bevat vele visuele gebieden. Sommige
gbieden bevatten een compleet visueel veld terwijl andere slechts een
onderste of bovenste veld bevatten. Dit onderscheid is apart. Men denkt
dat het onderste en bovenste deel verschillende functies hebben waarbij
het bovenste deel is gespecialiseerd in visueel zoeken terwijl het onderste
deel meer bedoeld is voor visuomotorische hulp.
Verder zijn er cellen te onderscheiden voor kleurperceptie en cellen voor
vorm en bewegingsperceptie. Sommige delen van de occipitale kwab
focussen zich op een van deze functies terwijl er ook delen zijn die zich
met deze beide functies bezig houden. Tot voorkort werd gedacht dat de
perceptie van vorm of beweging kleurenblind was. Het is nu duidelijk dat
kleurvisie een integraal onderdeel vormt van de analyse van positie,
diepte, beweging en de structuur van objecten. Het verwerken van kleur
gerelateerde informatie zorgt er voor dat wij niet alleen in staat zijn om
kleuren van elkaar te onderscheiden maar dat we ook in staat zijn om
, diepte en beweging beter te detecteren. Honden zijn dus niet alleen
kleuren slechter ze hebben over het algemeen een slechter zicht.
Er wordt nog steeds een hierarchie voorgesteld voor de verwerking van
visie. Er zijn teveel verbindingen tussen de occipitale kwab en de overige
kwabben om op te noemen. Toch kunnen er een aantal conclusies uit
getrokken worden:
- V1: De striate cortex is het primaire visuele gebied. Het ontvangt de
grootste input van de laterale geniculate nucleus van de thalamus
en het projecteert naar alle andere occipitale regionen. Dit gebied is
het eerste verwerkingsgebied.
- V2: Projecteert ook naar de overige occipitale regionen. Dit is het
tweede niveau.
- Na V2 zijn er drie verschillende routes. Een gaat naar de parietale
cortex, een naar de superiore temporale sulcus en een naar de
inferiore temporale cortex voor verdere verwerking.
Dorsale stroom (naar de parietale kwab)
Speelt een rol in de visuele begeleiding van beweging.
Milner en Goodale stellen dat de dorsale stroom moet gezien worden als
een aantal systemen voor de online visuele controle van actie. Hun
argument is gebaseerd op drie lijnen van bewijs:
- De karakteristieken van neuronen in de posteriore parietale regionen
is dat ze actief zijn gedurende de combinatie van visuele stimuli en
geassocieerd gedrag. Deze visuele neuronen zijn dus uniek omdat ze
alleen geactiveerd worden indien het brein reageert op visuele
stimuli
- Deze neuronen kunnen dus gezien worden als een interface tussen
de analyse van de visuele wereld en de motorische acties die op
basis daarvan worden genomen. De eis van de actie heeft dus
belangrijke implicaties voor het soort informatie dat verstuurd moet
worden naar de parietale cortex. Informatie zoals de vorm van een
object, de beweging en locatie. Elk van deze visuele eigenschappen
wordt op een aparte manier gecodeerd en tenminste drie
verschillende paden lopen binnen de dorsale stroom lopen van
gebied V1 naar de parietale cortex.
- De meeste visuele gebreken geassocieerd met lesies aan de
parietale cortex kunnen gekarakteriseerd worden als
visueelmotorisch of orientationeel.
Ventrale stroom (naar de temporale kwab)
Houdt zich bezig met objectperceptie (waaronder ook kleur)
De middelste weg
Langs de superiore temporale sulcus houdt zich waarschijnlijk bezig met
visuoruimtelijke functies en in de perceptie van bepaalde bewegingen. Ook
wel polysensorische neuronen genoemd. Neuronen die zowel responsief
zijn voor zowel visuele als auditoire, of zowel visuele als
somatosensorische input. De interactie van de parietale en temporale