Klimaat en landschapzones
§3.1 De atmosfeer: omhulsel van gas
Weer
Toestand van dampkring op bepaald moment en voor klein gebied
Klimaat
Gemiddelde toestand van weer over langere periode voor groot
gebied
Samenstelling en opbouw van de atmosfeer
Meer dan 80% van gassen die dampkring vormen in onderste 10 km
Samenstelling:
- 78% stikstof
- 21% zuurstof
- Kleine hoeveelheden waterdamp en koolstofdioxide
Atmosfeer bestaat uti 4 lagen gescheiden door ’pauzes‘
van onder naar boven:
- Troposfeer: (9 – 12 km) waar temperatuur met grotere hoogte daalt
- Stratosfeer: met veel ozongas dat schadelijke ultraviollete straling
uit zonlicht filtert
- Mesosfeer: waarin meteorieten verbranden en uit elkaar vallen
- Thermosfeer: met minder dan 1% van atmosferische gassen
Stralingsbalans
Stralingsbalans of energiebalans = evenwicht tussen hoeveelheid
straling die atmosfeer bereikt en hoeveelheid straling die atmosfeer
weer verlaat:
- Omzetting kortgolvige zonnestraling in warmte en terugkaatsing
door aarde als langgolvige straling
- Broeikasgassen stralen meeste warmte weer terug naar de aarde
Variaties in de stralingsbalans
Heoveelheid straling het gebied ontvangt, hangt af van:
Breedteligging
- Meer straling op lage breedte door:
- Bolling aarde, waardoor zonnestralen daar loodrecht vallen en dus
meer straling per oppervlakte-eenheid
- Kortere weg door dampkring, waardoor minder energie door lucht
wordt opgenomen
Albedo
- Weerkaatsing van het zonlicht
- Verschilt van gebied to gebied
Gesteldheid van aardoppervlak
- Water wordt langzamer warm en koud dan land, doordat:
- Zonlicht dieper doordringt in water dan land
- Water beweegt en warmte dus beter wordt verdeeld dan op het land
- Het meer energie kost water een graad te laten stijgen dan land
- Bij verdamping van water energie uit water naar dampkring gaat
§3.1 De atmosfeer: omhulsel van gas
Weer
Toestand van dampkring op bepaald moment en voor klein gebied
Klimaat
Gemiddelde toestand van weer over langere periode voor groot
gebied
Samenstelling en opbouw van de atmosfeer
Meer dan 80% van gassen die dampkring vormen in onderste 10 km
Samenstelling:
- 78% stikstof
- 21% zuurstof
- Kleine hoeveelheden waterdamp en koolstofdioxide
Atmosfeer bestaat uti 4 lagen gescheiden door ’pauzes‘
van onder naar boven:
- Troposfeer: (9 – 12 km) waar temperatuur met grotere hoogte daalt
- Stratosfeer: met veel ozongas dat schadelijke ultraviollete straling
uit zonlicht filtert
- Mesosfeer: waarin meteorieten verbranden en uit elkaar vallen
- Thermosfeer: met minder dan 1% van atmosferische gassen
Stralingsbalans
Stralingsbalans of energiebalans = evenwicht tussen hoeveelheid
straling die atmosfeer bereikt en hoeveelheid straling die atmosfeer
weer verlaat:
- Omzetting kortgolvige zonnestraling in warmte en terugkaatsing
door aarde als langgolvige straling
- Broeikasgassen stralen meeste warmte weer terug naar de aarde
Variaties in de stralingsbalans
Heoveelheid straling het gebied ontvangt, hangt af van:
Breedteligging
- Meer straling op lage breedte door:
- Bolling aarde, waardoor zonnestralen daar loodrecht vallen en dus
meer straling per oppervlakte-eenheid
- Kortere weg door dampkring, waardoor minder energie door lucht
wordt opgenomen
Albedo
- Weerkaatsing van het zonlicht
- Verschilt van gebied to gebied
Gesteldheid van aardoppervlak
- Water wordt langzamer warm en koud dan land, doordat:
- Zonlicht dieper doordringt in water dan land
- Water beweegt en warmte dus beter wordt verdeeld dan op het land
- Het meer energie kost water een graad te laten stijgen dan land
- Bij verdamping van water energie uit water naar dampkring gaat