Sociaal recht, werkcolleges 1 t/m
5
Werkcollege 1 Ontstaan en inhoud arbeidsovereenkomst
Vraag 1
a. Welke gebieden worden tot het sociaal recht gerekend?
Sociaal zekerheidsrecht publiekrecht..
Arbeidsrecht privaatrecht + publiekrecht: ambtenarenrecht en
medezeggenschapsrecht.
b. Wat is het arbeidsovereenkomstenrecht?
Het geheel van rechtsregels die het tot stand komen, de inhoud en
het einde van de arbeidsovereenkomst reguleert.
Vraag 2
Welke bronnen kent het arbeidsrecht?
Internationale bronnen zoals verdragen IAO, Handvest
Nationale bronnen Wet (grondwet), materieel recht
Jurisprudentie
Gewoonte
Redelijkheid en billijkheid
CAO
Vraag 3
Geef voor de onderstaande bepalingen aan of er sprak is van aanvullend, semi-dwingend,
dwingend ¾ dwingend of 5/8 dwingend recht. Motiveer uw antwoord en geef daartoe het
artikellid.
Aanvullend recht = de wetgever geeft de mogelijkheid om er van
af te wijken
Semi- dwingend = als het schriftelijk is vastgelegd in de
overeenkomst
Dwingend = kun je niet van af wijken
¾ dwingend recht = recht waar je van af mag maken alleen als het
in de cao geregeld is.
5/8 dwingend recht = oplossing vd wetgever ingeval er geen CAO
is.
a. Artikel 7: 656 lid 1 BW dwingend recht: in lid 6 staat er namelijk dat er niet
vanaf geweken kan worden
b. Artikel 7: 652 lid 5 onder a BW ¾ dwingend recht: in lid 7 staat er dat er wel
vanaf kan worden geweken als dit in de cao bepaalt is.
c. Artikel 7: 622 BW aanvullend recht
d. Artikel 2 lid 11 Wet Aanpassing Arbeidsduur ( WAA) 5/8 dwingend recht, als er
geen cao is mag afgeweken worden met toestemming van de
Ondernemingsraad of personeelsvereniging.
Uitsluitend ten aanzien van vermeerdering van de arbeidsduur kan van dit artikel of
een of meer onderdelen daarvan worden afgeweken bij collectieve
, arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd
bestuursorgaan dan wel, indien geen collectieve arbeidsovereenkomst of regeling
van toepassing is of ter zake geen bepaling bevat, indien de werkgever ter zake
schriftelijke overeenstemming heeft bereikt met de ondernemingsraad of, bij het
ontbreken daarvan, met de personeelsvertegenwoordiging.
Vraag 4
Welke overeenkomsten op basis waarvan iemand werk voor een ander verricht kent het
BW? Geef de artikelen waarin die overeenkomsten gedefinieerd worden.
1. De arbeidsovereenkomst: 7:610 t/m 691 BW
2. De overeenkomst tot aanneming van werk: 7:750 t/m 769 BW
3. De overeenkomst tot opdracht: 7:400 t/m 413 BW
Bij aanneming tot werk gaat het om stoffen bouwen van een schuur bijvoorbeeld,
dus iets stoffelijks.
Bij tot opdracht gaat om een dienst.
Vraag 5
Is er in de volgende gevallen sprake van een arbeidsovereenkomst? Zo nee, wat voor
overeenkomst dan wel? Motiveer uw antwoord.
a. Dayenne werkt als verkoopster bij C&A, twee dagen per week. Zij moet van 9 tot 6,
met 1 uur pauze, kassawerkzaamheden en opruimwerkzaamheden verrichten. Zij
rapporteert aan de assistent filiaal manager. Dayenne krijgt het minimumloon
uitbetaald.
5
Werkcollege 1 Ontstaan en inhoud arbeidsovereenkomst
Vraag 1
a. Welke gebieden worden tot het sociaal recht gerekend?
Sociaal zekerheidsrecht publiekrecht..
Arbeidsrecht privaatrecht + publiekrecht: ambtenarenrecht en
medezeggenschapsrecht.
b. Wat is het arbeidsovereenkomstenrecht?
Het geheel van rechtsregels die het tot stand komen, de inhoud en
het einde van de arbeidsovereenkomst reguleert.
Vraag 2
Welke bronnen kent het arbeidsrecht?
Internationale bronnen zoals verdragen IAO, Handvest
Nationale bronnen Wet (grondwet), materieel recht
Jurisprudentie
Gewoonte
Redelijkheid en billijkheid
CAO
Vraag 3
Geef voor de onderstaande bepalingen aan of er sprak is van aanvullend, semi-dwingend,
dwingend ¾ dwingend of 5/8 dwingend recht. Motiveer uw antwoord en geef daartoe het
artikellid.
Aanvullend recht = de wetgever geeft de mogelijkheid om er van
af te wijken
Semi- dwingend = als het schriftelijk is vastgelegd in de
overeenkomst
Dwingend = kun je niet van af wijken
¾ dwingend recht = recht waar je van af mag maken alleen als het
in de cao geregeld is.
5/8 dwingend recht = oplossing vd wetgever ingeval er geen CAO
is.
a. Artikel 7: 656 lid 1 BW dwingend recht: in lid 6 staat er namelijk dat er niet
vanaf geweken kan worden
b. Artikel 7: 652 lid 5 onder a BW ¾ dwingend recht: in lid 7 staat er dat er wel
vanaf kan worden geweken als dit in de cao bepaalt is.
c. Artikel 7: 622 BW aanvullend recht
d. Artikel 2 lid 11 Wet Aanpassing Arbeidsduur ( WAA) 5/8 dwingend recht, als er
geen cao is mag afgeweken worden met toestemming van de
Ondernemingsraad of personeelsvereniging.
Uitsluitend ten aanzien van vermeerdering van de arbeidsduur kan van dit artikel of
een of meer onderdelen daarvan worden afgeweken bij collectieve
, arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd
bestuursorgaan dan wel, indien geen collectieve arbeidsovereenkomst of regeling
van toepassing is of ter zake geen bepaling bevat, indien de werkgever ter zake
schriftelijke overeenstemming heeft bereikt met de ondernemingsraad of, bij het
ontbreken daarvan, met de personeelsvertegenwoordiging.
Vraag 4
Welke overeenkomsten op basis waarvan iemand werk voor een ander verricht kent het
BW? Geef de artikelen waarin die overeenkomsten gedefinieerd worden.
1. De arbeidsovereenkomst: 7:610 t/m 691 BW
2. De overeenkomst tot aanneming van werk: 7:750 t/m 769 BW
3. De overeenkomst tot opdracht: 7:400 t/m 413 BW
Bij aanneming tot werk gaat het om stoffen bouwen van een schuur bijvoorbeeld,
dus iets stoffelijks.
Bij tot opdracht gaat om een dienst.
Vraag 5
Is er in de volgende gevallen sprake van een arbeidsovereenkomst? Zo nee, wat voor
overeenkomst dan wel? Motiveer uw antwoord.
a. Dayenne werkt als verkoopster bij C&A, twee dagen per week. Zij moet van 9 tot 6,
met 1 uur pauze, kassawerkzaamheden en opruimwerkzaamheden verrichten. Zij
rapporteert aan de assistent filiaal manager. Dayenne krijgt het minimumloon
uitbetaald.