Modellen van het zenuwstelsel
Hiërarchisch model
Het hiërarchisch model is een verband tussen organisatie en ontwikkeling van het
zenuwstelsel.
- Complex - Neo - Willekeurig denken en bewegen
Inhibitie
- Paleo - Uiting van emotie en automatische bewegingen
Inhibitie
- Basaal - Archi - Aangeboren reflexen
Sensoriek. Motoriek
Het neoniveau controleert en inhibeert (onderdrukt) het paleo en archi niveau.
Reflexmodel
Stimulus- respons
De prikkels worden door sensoren en via sensorische neuronen naar het centrale
zenuwstelsel vervoerd
De verwerking leidt tot prikkeling van de motorische neuronen, die op hun beurt de
prikkel overdragen op een doelorgaan (effector)
Via de effector kan een beweging voortkomen
Reflexboog: sensor- sensorische neuronen- CZS- motorische neuronen- effector
Functionele units van Luria
Unit van actie: frontale kwab
Zorgt voor spiercontracties, plannen en psychen
Unit van waarneming: partiele, occipitale, temporale kwab
Zien, horen, proeven, ruiken, voelen, evenwicht
Unit van activatie: frontale, partiele, occipitale, temporale kwab
Zorgt voor alertheid, concentratie, aandacht
Ontwikkeling centraal zenuwstelsel
Embryonale ontwikkeling
Differentiatie 6-10 weken
Er vormt een klompje cellen wat zich vormt tot een lichaam.
Na 10 weken is het lichaam af en is het een foetus van 4 cm
Het centrale zenuwstelsel ontwikkelt zich nog 2 jaar door en daarna gaat het door
ontwikkelen en differentiëren
Ontstaan zenuwstelsel
Neurale buis is de basis van het zenuwstelsel waaruit het ruggenmerg en de
hersenen ontwikkelen
De basis is de grijze stof en deze groeit op twee manieren
In het ruggenmerg blijft de grijze stof (de cellichamen) aan de binnenkant (vlinder)
Naar de hersenen toe gaat de grijze stof naar buiten en blijven de verbindingen aan
de binnenkant omdat er niet genoeg ruimte is voor de belangrijke zenuwcellen
,Ontstaan segmenten (ruggenmerg)
Uit de neurale buis groeien basis cellen die zich ontwikkelen tot spier en huidcellen
(somieten)
Somieten zijn een stukje huid (dermatoom), spier (myotoom), bot en bindweefsel
(sclerotoom)
Neurale buis: hersenblaasjes
Grote hersenen (cerebrum)
Hersenschors
Basale kernen
Tussenhersenen (kernen)
Middenhersenen (hersenstam)
Kleine hersenen (cerebellum)
Verlengde merg (hersenstam
Ruggengraat
Anatomie hersenen
Grote hersenen (cortex cerebri)
Hersenschors
Basale kernen
Limbisch systeem
Tussenhersenen
Thalamus
Hypothalamus
Hypofyse
Kleine hersenen (cerebellum)
Hersenstam
Grote hersenen
Grijze stof (cellichamen)
Cortex cerebri (hersenschors)
Kernen
Witte stof
Vezels
Banen en verbindingen
Cortex cerebri
Frontale kwab gericht op actie zoals uitvoeren motoriek, nadenken, beslissen
Pariëtale kwab gericht op waarnemen
Occipitale kwab gericht op waarnemen
Temporale kwab gericht op waarnemen
, Kernen
Basale kernen Limbisch systeem Thalamus
Automatisch aangeleerde Emotionele Sensorische
routine motoriek hersenen prikkels
Emotionele motoriek Belonen/straffen
Geheugen
Angstcentrum
Cerebellum
Houding en evenwicht
Ritmische motoriek
Fijne coördinatie
Hersenstam
Vegetatieve functies: ademen, bloeddruk, slapen
Pijncentrum
Activatie/ arousel
Formatio reticularis (zorgt voor alertheid)
Prikkelgeleiding en overdracht
Zenuwcellen/neuronen
Sensorische neuronen (perifeer)
Motorische neuronen (perifeer)
Schakelneuronen (centraal)
Taken
Ontvangst
Geleiding
Overdracht
Potentialen
Rust(-membraan) potentiaal is -70mV
Geen prikkel maar wel instroom geladen deeltjes
Natrium (na+) en kalium (K+)
Actiepotentiaal
1. Langzame depolarisatie
2. Snelle depolarisatie
3. Repolarisatie natrium en kalium nemen af
4. Hyperpolarisatie de cel wordt nog meer negatief door uitstroom kalium deeltjes
Prikkelgeleiding
De eerste actiepotentiaal zorgt voor ophoping van natrium in het begin van het axon
Er ontstaat een verschil in lading waardoor de positief geladen natrium deeltjes zich
verplaatsen naar het naastgelegen negatief geladen deel van het axon dit is de
langzame depolarisatiefase van een nieuwe actiepotentiaal
Wanneer de prikkeldrempel overschreden wordt treedt de snelle depolarisatie op en
wordt er een nieuwe actiepotentiaal opgericht dit gebeurt in de lengterichting van
het axon.