Ontwikkelingspsychopathologie
College 2: Angst en gerelateerde stoornissen
Fear: Directe schrikreactie op bedreiging in omgeving (bijv. als je een beer tegenkomt).
Anxiety: Zorgen over iets wat mogelijk kan gebeuren in de toekomst (bijv. anxiety voor je presentatie
volgende week).
Fear en anxiety zijn oorspronkelijk hele adaptieve reacties die je helpen te overleven. Fear en anxiety
zijn niet meer nuttig als ze onrealistisch zijn, bijv. als je bang bent voor beren, dat je dan ook bang
bent voor een teddybeer.
Tripartite model: Bij fear en anxiety is sprake van een complex patroon van 3 typen responsen op
een waargenomen gevaar:
Gedragsmatig
Fysiologisch
Cognitief
Gedragsmatige (behavioral) responsen:
Freezing.
Wegrennen.
Ogen sluiten.
Beven.
Friemelen.
Huilen, schreeuwen, tantrums (vooral in kinderen).
Bevestiging zoeken.
Fysiologische responsen:
Cognitieve responsen:
, Worrying.
Het ergste verwachten.
Lichamelijk letsel voorstellen.
Moeite met concentreren.
Verwardheid.
Black-out.
Angst om de controle te verliezen.
Angstige gedachten.
Zelfspotgedachten.
Normale fear/anxiety
Inhoud van normale angsten verandert over tijd. En hoe ouder het kind wordt, hoe minder angsten.
Dit zijn een aantal voorbeelden van normale angsten per leeftijd:
Over het algemeen hebben vrouwen meer angsten dan mannen. Maar is dat echt zo, of is er
onderrapportage van angstklachten bij mannen omdat mannen minder graag toegeven bang te zijn?
Tijdens de adolescentie hebben mensen meer angstklachten, wegens
een disbalans in de snelheid van de ontwikkeling van verschillende
hersengebieden. Limbische gebieden ontwikkelen sneller dan
prefrontale gebieden. Hierdoor worden heftige emotionele gevoelens
minder goed onderdrukt door de prefrontale gebieden.
“Normale angsten” veranderen met de tijdsgeest. Angsten van nu zijn
bijvoorbeeld FOMO, klimaatverandering en corona. Wat er in de wereld
gebeurt werkt door in de angsten van kinderen/adolescenten.
Abnormale fear/anxiety
College 2: Angst en gerelateerde stoornissen
Fear: Directe schrikreactie op bedreiging in omgeving (bijv. als je een beer tegenkomt).
Anxiety: Zorgen over iets wat mogelijk kan gebeuren in de toekomst (bijv. anxiety voor je presentatie
volgende week).
Fear en anxiety zijn oorspronkelijk hele adaptieve reacties die je helpen te overleven. Fear en anxiety
zijn niet meer nuttig als ze onrealistisch zijn, bijv. als je bang bent voor beren, dat je dan ook bang
bent voor een teddybeer.
Tripartite model: Bij fear en anxiety is sprake van een complex patroon van 3 typen responsen op
een waargenomen gevaar:
Gedragsmatig
Fysiologisch
Cognitief
Gedragsmatige (behavioral) responsen:
Freezing.
Wegrennen.
Ogen sluiten.
Beven.
Friemelen.
Huilen, schreeuwen, tantrums (vooral in kinderen).
Bevestiging zoeken.
Fysiologische responsen:
Cognitieve responsen:
, Worrying.
Het ergste verwachten.
Lichamelijk letsel voorstellen.
Moeite met concentreren.
Verwardheid.
Black-out.
Angst om de controle te verliezen.
Angstige gedachten.
Zelfspotgedachten.
Normale fear/anxiety
Inhoud van normale angsten verandert over tijd. En hoe ouder het kind wordt, hoe minder angsten.
Dit zijn een aantal voorbeelden van normale angsten per leeftijd:
Over het algemeen hebben vrouwen meer angsten dan mannen. Maar is dat echt zo, of is er
onderrapportage van angstklachten bij mannen omdat mannen minder graag toegeven bang te zijn?
Tijdens de adolescentie hebben mensen meer angstklachten, wegens
een disbalans in de snelheid van de ontwikkeling van verschillende
hersengebieden. Limbische gebieden ontwikkelen sneller dan
prefrontale gebieden. Hierdoor worden heftige emotionele gevoelens
minder goed onderdrukt door de prefrontale gebieden.
“Normale angsten” veranderen met de tijdsgeest. Angsten van nu zijn
bijvoorbeeld FOMO, klimaatverandering en corona. Wat er in de wereld
gebeurt werkt door in de angsten van kinderen/adolescenten.
Abnormale fear/anxiety