Radboud Universiteit Nijmegen
Faculteit der Managementwetenschappen (alle opleidingen)
Onderzoeks- en interventiemethodologie A
Weektaaknummer: 4
Naam studentnr. Handtekening
(1) Yusuf Aslaner S1075952 Y
(2) Jochem Schipper S1083332 J
(3) Joep Kroes S1082690 J
Studierichting: Bestuurskunde
Werkgroepnummer: 4
Weektaakgroepnummer: 4
Inleverdatum: 31/09/2021
Naam docent: Sara Kok
Let op: nummer en identificeer elke pagina van deze weektaak met je
werkgroepnummer en datum!
, Werkgroepnummer:4 - 4 Datum: 31/09/2021
Onderzoeks- en Interventiemethodologie A
WEEKTAAK 4: KWANTITATIEF ONDERZOEK: BESCHRIJVEN
VAN DATA EN TABELELABORATIE
ANTWOORDBLAD
4A KWANTITATIEF ONDERZOEK DEEL 1, BESCHRIJVEN VAN
DATA
Kennisvragen
Vraag 1
voorbereiding: de methode van onderzoek wordt gekozen, elementen bij elkaar zoeken om de steekproef uit te
kunnen voeren en het verloop van de dataverzameling.
Data-preparatie: de verkregen gegevens ordenen en klaar maken om te analyseren.
Data-analyse: In deze fase probeer je uitspraken te doen over de verkregen informatie door of te beschrijven of
op zoek te gaan naar een relatie tussen de variabelen, dus een samenhang of causaliteit.
Vraag 2
Gestratificeerd: Bij deze steekproef maak je groepen ook wel strata genoemd. Uit die groepen worden aselecte
steekproeven getrokken, waarbij de steekproeven uit de strata gelijk zijn aan de grote van de strata.
Clustersteekproef: Bij een clustersteekproef verdeel je wederom de populatie in groepen maar hier kies je
aselect een groep uit die volledig wordt onderzocht.
Quotasteekproef: Bij een quotastaakproef wordt er vooraf bepaald hoeveel respondenten met een bepaalde
kenmerken moeten worden onderzocht, dit kan op basis van: leeftijd, geslacht etc.
Sneeuwbalsteekproef: Bij de sneeuwbal steekproef wordt de respondent gevraagd naar andere respondenten
met de gelijke (gewenste) kenmerken die nodig zijn voor het onderzoek.
Vraag 3
Maturatie: Door het verstrijken van tijd tussen de eerste en de tweede meting kan zorgen voor problemen in
het experiment. Dit komt doordat in de tussentijd tussen de twee metingen er een hoop kan gebeuren met de
respondent wat er voor zorgt dat de gegeven antwoorden van de respondent kunnen veranderen. De mening
en eigenschappen van een respondent kan door invloeden van buitenaf veranderen. Bijvoorbeeld wanneer er
een experiment wordt gedaan over de zelfstandigheid van kinderen maar er gaat een jaar over de eerste en de
tweede meting heen kan het kind een stuk zelfstandiger zijn geworden in de tussentijd.
Testing: Wanneer de respondent een tweede keer een meting ondergaat kan zij beïnvloed worden door de
eerste meting. Dit kan doordat de respondent nu weet waar het onderzoek op doelt of de respondent is door
de vorige meting na gaan denken over het onderwerp of de eigenschap. Dan kan de respondent van mening
veranderen of zichzelf bewust of onbewust gaan aanpassen. Bijvoorbeeld wanneer er een experiment wordt
uitgevoerd over racisme zal de respondent anders antwoorden als zij na de eerste meting het doel van het
onderzoek snappen.
History: Dit is het risico dat de respondenten door een voorafgaande factor beïnvloed worden, dat buiten het
onderzoek staat. Een voorbeeld hiervan is wanneer er een experiment wordt uitgevoerd over de tevredenheid
van leerlingen op middelbare scholen wat vlak of tijdens de pandemie plaats vindt. Door die externe factor
2
Faculteit der Managementwetenschappen (alle opleidingen)
Onderzoeks- en interventiemethodologie A
Weektaaknummer: 4
Naam studentnr. Handtekening
(1) Yusuf Aslaner S1075952 Y
(2) Jochem Schipper S1083332 J
(3) Joep Kroes S1082690 J
Studierichting: Bestuurskunde
Werkgroepnummer: 4
Weektaakgroepnummer: 4
Inleverdatum: 31/09/2021
Naam docent: Sara Kok
Let op: nummer en identificeer elke pagina van deze weektaak met je
werkgroepnummer en datum!
, Werkgroepnummer:4 - 4 Datum: 31/09/2021
Onderzoeks- en Interventiemethodologie A
WEEKTAAK 4: KWANTITATIEF ONDERZOEK: BESCHRIJVEN
VAN DATA EN TABELELABORATIE
ANTWOORDBLAD
4A KWANTITATIEF ONDERZOEK DEEL 1, BESCHRIJVEN VAN
DATA
Kennisvragen
Vraag 1
voorbereiding: de methode van onderzoek wordt gekozen, elementen bij elkaar zoeken om de steekproef uit te
kunnen voeren en het verloop van de dataverzameling.
Data-preparatie: de verkregen gegevens ordenen en klaar maken om te analyseren.
Data-analyse: In deze fase probeer je uitspraken te doen over de verkregen informatie door of te beschrijven of
op zoek te gaan naar een relatie tussen de variabelen, dus een samenhang of causaliteit.
Vraag 2
Gestratificeerd: Bij deze steekproef maak je groepen ook wel strata genoemd. Uit die groepen worden aselecte
steekproeven getrokken, waarbij de steekproeven uit de strata gelijk zijn aan de grote van de strata.
Clustersteekproef: Bij een clustersteekproef verdeel je wederom de populatie in groepen maar hier kies je
aselect een groep uit die volledig wordt onderzocht.
Quotasteekproef: Bij een quotastaakproef wordt er vooraf bepaald hoeveel respondenten met een bepaalde
kenmerken moeten worden onderzocht, dit kan op basis van: leeftijd, geslacht etc.
Sneeuwbalsteekproef: Bij de sneeuwbal steekproef wordt de respondent gevraagd naar andere respondenten
met de gelijke (gewenste) kenmerken die nodig zijn voor het onderzoek.
Vraag 3
Maturatie: Door het verstrijken van tijd tussen de eerste en de tweede meting kan zorgen voor problemen in
het experiment. Dit komt doordat in de tussentijd tussen de twee metingen er een hoop kan gebeuren met de
respondent wat er voor zorgt dat de gegeven antwoorden van de respondent kunnen veranderen. De mening
en eigenschappen van een respondent kan door invloeden van buitenaf veranderen. Bijvoorbeeld wanneer er
een experiment wordt gedaan over de zelfstandigheid van kinderen maar er gaat een jaar over de eerste en de
tweede meting heen kan het kind een stuk zelfstandiger zijn geworden in de tussentijd.
Testing: Wanneer de respondent een tweede keer een meting ondergaat kan zij beïnvloed worden door de
eerste meting. Dit kan doordat de respondent nu weet waar het onderzoek op doelt of de respondent is door
de vorige meting na gaan denken over het onderwerp of de eigenschap. Dan kan de respondent van mening
veranderen of zichzelf bewust of onbewust gaan aanpassen. Bijvoorbeeld wanneer er een experiment wordt
uitgevoerd over racisme zal de respondent anders antwoorden als zij na de eerste meting het doel van het
onderzoek snappen.
History: Dit is het risico dat de respondenten door een voorafgaande factor beïnvloed worden, dat buiten het
onderzoek staat. Een voorbeeld hiervan is wanneer er een experiment wordt uitgevoerd over de tevredenheid
van leerlingen op middelbare scholen wat vlak of tijdens de pandemie plaats vindt. Door die externe factor
2