Hoofdpijndiagnostiek
Classificatie hoofdpijn volgens ICHD-3, 2018 en Sjaadstad, 2008
Primaire hoofdpijnsoorten:
Tension Type Headache Migraine (15%) Clusterhoofdpijn (0,1%)
(26 - 60%) Minstens 5 aanvallen Minstens 5 aanvallen die voldoen aan:
•Unilaterale hoofdpijn
• >15 dagen per maand (chronisch) •4-72 uur (orbitaal,temporaal)
gedurende een opeenvolgende •Ernstige - zeer
•unilateraal
periode van 3 maanden) en die ernstige pijn
voldoet aan de criteria B-D •pulserend
•Bewegingsonrust
• B. Duur: uren tot dagen of niet •matige-ernstige pijn
verminderend •Gepaard gaande met:
•toenemend bij lichamelijke loopneus ipsilateraal,
• C. Minstens 2 van de 4 kenmerken: activiteiten
1. bilaterale localisatie tranend oog
2. drukkend, niet pulserend van •misselijkheid/braken en/of ipsilateraal, myosis
aard photo-/phonophobie ipsilateraal, ptosis
3. mild of gemiddelde intensiteit •eventueel met aura; visueel, ipsilateraal, oedeem
4. niet toenemend bij lichamelijke sensorisch, spraak en/of taal,
activiteit ooglid ipsilateraal
motorisch, hersenstam,
• D. En de volgende beide netvlies
kenmerken:
1. Niet meer dan een van de •aura geeft binnen 60 min
volgende kenmerken: photophobie, hoofdpijn
phonophobie of aanwezigheid van •Test van Watson
lichte misselijkheid
2. geen zware misselijkheid of
braken
• Test van Watson
Secundaire hoofdpijnsoorten:
Cervicogene hoofdpijn Medicatie overgebruikshoofdpijn Temporomandibulaire disfunctie
(0,17 - 4%) (66% van de chronische TTH en migraine) (3 - 7%)
•Meestal unilaterale hoofdpijn • Ten minste 15 dagen per maand • Uni- en/of bilaterale
•Beweging- houdingafhankelijk: gedurende minstens 3 maanden hoofdpijn
beperking ROM CWK •Paracetamol/NSAID >15 dagen • Vaak met migraine en
•Ipsilaterale schouder/armpijn p/m en meerdere doseringen per TTH
•Matige pijnintensiteit-niet dag • Provocatie door;
kloppend •Triptanen: >10 dagen/maand kauwen, kaakbeweging,
•Pijnlokalisatie occipitaal naar •Abrubt beeindigen van en/of knarsen, omliggende
frontaal verandering in medicatie musculatuur en passief
•Trauma in voorgeschiedenis •Ook letten op overmatig gebruik bewegen kaak.
(55%) cafeïne 5d/dag, drank en drugs
•Test: flexie-rotatie test
HANDBOEK MMT AD MODUM SOMT | CHESLEY TEN OEVER | 421518 11
Classificatie hoofdpijn volgens ICHD-3, 2018 en Sjaadstad, 2008
Primaire hoofdpijnsoorten:
Tension Type Headache Migraine (15%) Clusterhoofdpijn (0,1%)
(26 - 60%) Minstens 5 aanvallen Minstens 5 aanvallen die voldoen aan:
•Unilaterale hoofdpijn
• >15 dagen per maand (chronisch) •4-72 uur (orbitaal,temporaal)
gedurende een opeenvolgende •Ernstige - zeer
•unilateraal
periode van 3 maanden) en die ernstige pijn
voldoet aan de criteria B-D •pulserend
•Bewegingsonrust
• B. Duur: uren tot dagen of niet •matige-ernstige pijn
verminderend •Gepaard gaande met:
•toenemend bij lichamelijke loopneus ipsilateraal,
• C. Minstens 2 van de 4 kenmerken: activiteiten
1. bilaterale localisatie tranend oog
2. drukkend, niet pulserend van •misselijkheid/braken en/of ipsilateraal, myosis
aard photo-/phonophobie ipsilateraal, ptosis
3. mild of gemiddelde intensiteit •eventueel met aura; visueel, ipsilateraal, oedeem
4. niet toenemend bij lichamelijke sensorisch, spraak en/of taal,
activiteit ooglid ipsilateraal
motorisch, hersenstam,
• D. En de volgende beide netvlies
kenmerken:
1. Niet meer dan een van de •aura geeft binnen 60 min
volgende kenmerken: photophobie, hoofdpijn
phonophobie of aanwezigheid van •Test van Watson
lichte misselijkheid
2. geen zware misselijkheid of
braken
• Test van Watson
Secundaire hoofdpijnsoorten:
Cervicogene hoofdpijn Medicatie overgebruikshoofdpijn Temporomandibulaire disfunctie
(0,17 - 4%) (66% van de chronische TTH en migraine) (3 - 7%)
•Meestal unilaterale hoofdpijn • Ten minste 15 dagen per maand • Uni- en/of bilaterale
•Beweging- houdingafhankelijk: gedurende minstens 3 maanden hoofdpijn
beperking ROM CWK •Paracetamol/NSAID >15 dagen • Vaak met migraine en
•Ipsilaterale schouder/armpijn p/m en meerdere doseringen per TTH
•Matige pijnintensiteit-niet dag • Provocatie door;
kloppend •Triptanen: >10 dagen/maand kauwen, kaakbeweging,
•Pijnlokalisatie occipitaal naar •Abrubt beeindigen van en/of knarsen, omliggende
frontaal verandering in medicatie musculatuur en passief
•Trauma in voorgeschiedenis •Ook letten op overmatig gebruik bewegen kaak.
(55%) cafeïne 5d/dag, drank en drugs
•Test: flexie-rotatie test
HANDBOEK MMT AD MODUM SOMT | CHESLEY TEN OEVER | 421518 11