Inleiding in opvoeding en onderwijs
Inhoud
Belang van historische kennis.................................................................................................................2
Benaderingen en bronnengebruik..........................................................................................................3
Mythe van het Europese gezin...............................................................................................................4
Ontstaan van het klassikaal onderwijs....................................................................................................7
Pedagogische stromingen.....................................................................................................................10
Reformpedagogiek...............................................................................................................................11
Zwarte en witte legende.......................................................................................................................14
Machtsverhoudingen binnen het gezin................................................................................................16
Opvoedstijlen.......................................................................................................................................17
Functies van onderwijs.........................................................................................................................18
Vrijheid van onderwijs..........................................................................................................................21
1
,Belang van historische kennis
Reflecteren
- Door het perspectief van het verleden kunnen we reflecteren op ontwikkelingen.
- Afstand nemen huidige situatie > door het verleden, nu kunnen we kritisch objectief
reflecteren
- Als je vooruit wilt moet je ook achteruit kijken (metafoor achteruitspiegel)
Verleden, actualiteit en toekomst zijn verbonden.
Veranderende tijdsbeelden
- Tijd veranderd dus de ideeën over wat er vroeger gebeurd is ook
Geschiedenis heeft geen eindpunt
- Niet beoordelen vanuit de hedendaagse bril, leef je in
Rekening houden met de tijd en plaats van opvoeding en onderwijs ideeën (afstand nemen en
reflecteren)
Waarom geschiedenis bestuderen
- Inzicht in gebeurtenissen verleden
- Leren fouten verleden
- Begrip van traditie of cultuur
- Verleden, heden en toekomst (samenwerking
- Algemene ontwikkeling
Motieven om naar de geschiedenis te kijken
- Romantisering > vroeger was het beter
- Nationalisme > wij zijn beter
- Politiek > school kweekplaats brave burgers (verborgen curriculum > we komen naar
het college)
- Debunking vooroordelen > nature belangrijk dus weinig geld onderwijs of nurture
belangrijk dus veel geld
1900, eerst pedagogiekhandboeken voor leerkracht naar > ontwikkeling van de schoolvakken, het
leerplan en denkbeelden van pedagogen.
Pacificatiewet > alle scholen die voldoen aan de kwaliteitseisen worden gesubsidieerd.
2
,Benaderingen en bronnengebruik
Representativiteit bronnen
- Kwantitatief (hoeveel documenten overgebleven, zegt vrij weinig)
- Kwalitatief (leeftijd, geslacht etc. van de auteur)
- Voor wie, van wie en welk doel.
Gezond wantrouwen is goed.
Onderzoek naar de geschiedenis:
1. - Demografische benadering > beeld vormen van gezin a.d.h.v. kwantitatieve en
demografische gegevens, alleen contour gezin (niet belevingswereld).
- Tellende benadering > cijfermatige gegevens (CBS, cijferbank). Het zijn harde feiten
maar te zacht om een uitspraak over heel het onderwijs te doen (geen ervaringen etc.)
2. - Affectieve benadering > gedrag en beleving, kwalitatieve bronnen (dagboek, kleding)
- Vertellende benadering (oral history) > emoties en mentaliteit achter de feiten.
Gebruik van egodocumenten (dagboek). Zijn interessant maar lastig om te interpreteren
als bron.
3. Historische maw > invloed van sociaaleconomische, cultureel-maatschappelijke en
technologische ontwikkelingen in het gezin. Ontwikkelingen waar wij geen invloed op
hebben (trein). De tijd loopt door
4. Veronderstellende benadering > kunnen inleven in een andere tijd en je kijkt dan
vanuit een speciale theorie. Daarom is de historische pedagogiek interdisciplinair. Nu vooral
de cultuur historische invalshoek, je probeert de cultuur te begrijpen vanuit literaire
bronnen.
Beste beeld krijg je als je al deze 4 gebruikt.
In een bron niet duidelijk of
- Prescriptie > hoe men geacht werd om te handelen
- Descriptie > hoe er feitelijk werd gehandeld
3
, Mythe van het Europese gezin
De mythe:
- Het moderne gezin door de industrialisatie. Grote familieverbanden, veel kinderen geboren
(en gestorven) en gearrangeerde huwelijken.
De werkelijkheid
- niet meer dan 2 generaties, inwoning van personeel of anderen was een uitzondering. Vrije
huwelijkskeuze mogelijk. Alleen de hoge sterfte klopt.
Redenen
- Neo-lokaal vestigingspatroon: na het huwelijk zelfstandig wonen.
- Ongehuwden zelfstanding wonen
- Na het overlijden niet terug naar de kinderen
- Parigenituur erfrecht: elk kind kreeg geld, dus meerdere financieel afhankelijk
(primogenituur)
Huwelijkspatroon West-Europa Huwelijkspatroon Oost-Europa
Hoge huwelijksleeftijd (25v, m27) Lagere huwelijksleeftijd
Klein leeftijdsverschil man-vrouw Groot leeftijdsverschil man-vrouw
Neo-lokaal: pas trouwen als ze zichzelf kunnen Patrilokaal: inwonen bij de familie van de
onderhouden. bruidegom
Parigenituur Primogenituur
Celibaat
Lange periode geslachtsrijpheid en huwelijk
- Avondbezoek (kweesten, nachtvrijen of venstervrijen)
Minder kinderen door
- Geven borstvoeding of onthouding seks
Ongewenste kinderen
- Doden (smoren)
- Dood laat gaan (niet voeden)
- Te vondeling leggen
Toename vondelingen
- Kerken minder gezag > lossere seksuele moraal
- Migratie naar stad > minder sociale controle
- Economische crisis > uitstel huwelijken
Hoog kind sterfte
- Vies drinkwater
- Hoog infectiegevaar
- Uitbesteding aan min (loopmin/huismin)
Min
- Erasmus > lui en onnatuurlijk
- Rousseau > tegen de kinderlijke behoefte en gezondheid
Gemiddeld 5-6 kinderen
Zwarte legende
4