PROBLEM 1: YOUR POINT OF VIEW
De anatomie van de hersenen
De rechterkant van de hersenen controleert en ontvangt sensorische informatie van de
linkerkant van het lichaam, de linkerkant van de hersenen monitort en controleert de
rechterkant van het lichaam.
De hoofdverdeling van het brein:
o Forebrain (telencephalon en diencephalon): omvat de hersenhelften, thalamus en
hypothalamus
o Midbrain (mesencephalon)
o Hindbrain (metencephalon en myelencephalon): omvat het cerebellum (de kleine
hersenen, centrale regulering van beweging) , de pons (brug, belangrijk
connectiepunt) en medulla (=myelencephalon)
De hersenstam omvat de midbrain, pons en medulla.
De hersenhelften bestaan uit de hersenschors (cerebral cortex), bestaande uit 6 lagen. De
cerebrale cortex is verantwoordelijk voor functies als zicht, taal en geheugen. Andere
neurale systemen omvatten de basal ganglia (reguleert beweging), het limbic system
(controleert emotionele gedragingen) en het cerebellum (motor control).
,De cerebrale cortex wordt gegroepeerd in 4 kwabben:
o Frontaal (beweging, high-level cognition), prefrontale cortex betrokken bij cognitieve
en emotionele functies als beslissingen nemen, plannen, sociaal gedrag en
impulsbeheersing.
o Pariëtaal (ontvangen van sensorische informatie, ruimtelijke cognitie/spatial
cognition)
o Temporaal (auditieve informatie, reuk, leren en geheugen)
o Occipitaal (zicht/vision)
De Sylvian fissure scheidt de temporale kwab van de andere gebieden en de central sulcus
scheidt de frontale en pariëtale kwabben van elkaar.
Precentral gyrus: stuk frontale cortex vóór de centrale sulcus (functie: motor control).
Postcentral gyrus: stuk pariëtale cortex achter de centrale sulcus die somatosensorische
informatie ontvangt.
Corpus callosum: hoofdband van axonen die de twee hersenhelften met elkaar verbindt→
communicatie tussen rechter- en linker hersenhelft.
In de hersenen zijn twee kleurtinten te onderscheiden:
o Grijze stof (gray matter): buitenste laag, bevat cellichamen zonder myeline. Functie:
ontvangen en verwerken informatie.
o Witte stof (white matter): onder de cortex, bevat axonen met een laag van myeline.
Functie: overdragen van informatie naar andere locaties.
,Regionale specialisaties en functies:
o De hersenschors (cerebral cortex) voert ingewikkelde cognitieve processen uit
forebrain/telencephalon
o Subcorticale structuren zijn betrokken bij beweging en de regulering van emoties
forebrain/telencephalon
• Basale ganglia (basal ganglia): groep van nuclei, waaronder de caudate
nucleus, putamen, globus pallidus en substantia nigra. Deze nuclei zijn
verbonden met de hersenschors en belangrijk bij motorische controle (motor
control).
• Langs de basale ganglia ligt een los netwerk van structuren, het limbisch
systeem (limbic system)→ belangrijk voor emotie en leren. De componenten
van het limbische systeem zijn:
➢ Amygdala: group nuclei in the medial anterior part of the temporal
lobe. Diverse functies zoals emotionele regulering en geurperceptie.
➢ Mammilary bodies: pairs of nuclei at the base of the brain. Functie
leren en geheugen.
➢ Hippocampus: medial temporal lobe structure. Functie: idem.
➢ Fornix: a fiber tract that extends from the hippocampus to the
mammillary body. Functie: idem.
➢ Cingulate gyrus
➢ Olfactory bulb
➢ Stria terminalis
, o De diencephalon leidt sensorische informatie en controleert basis fysiologische
functies forebrain/diencephalon
Richting de mediale en basale aspecten van de voorhersenen (forebrain) zijn er twee
belangrijke componenten van het diencephalon:
➢ Thalamus: cluster van nuclei die de binnenkomende sensorische informatie
naar de geschikte gebieden van de cortex leiden om verder te worden
verwerkt. Ook ontvangt de thalamus informatie van de cortex om te
controleren welke sensorische informatie is overgedragen.
➢ Hypothalamus: discrete nuclei die betrokken zijn bij veel vitale functies (o.a.
honger, dorst, temperatuurregulatie). Ook heeft de hypothalamus controle
over de hypofyse, waardoor de hypothalamus de belangrijkste koppeling is
met de hormonale systemen. Ook worden de optic chiasm (waar de
oogspieren samenkomen en kruisen naar de andere kant van het brein) en de
mammilary bodies vaak als onderdeel van de hypothalamus gezien.
o Het midbrain bevat sensorische en motorische componenten
midbrain/mesencephalon
• Tectum: bovenste deel middenhersenen (midbrain): twee paren hobbels
(bumps), één paar in elke hersenhelft, met specifieke functies voor
sensorische verwerking:
➢ Superior colliculi: meer rostraal, specifieke functies bij visuele
verwerking.
➢ Inferior colliculi: meer caudaal, verwerken van informatie die geluid
betreft.
• Tegmentum: periaquaductal gray en de motorische centra.
• Twee belangrijke motorische centra:
De anatomie van de hersenen
De rechterkant van de hersenen controleert en ontvangt sensorische informatie van de
linkerkant van het lichaam, de linkerkant van de hersenen monitort en controleert de
rechterkant van het lichaam.
De hoofdverdeling van het brein:
o Forebrain (telencephalon en diencephalon): omvat de hersenhelften, thalamus en
hypothalamus
o Midbrain (mesencephalon)
o Hindbrain (metencephalon en myelencephalon): omvat het cerebellum (de kleine
hersenen, centrale regulering van beweging) , de pons (brug, belangrijk
connectiepunt) en medulla (=myelencephalon)
De hersenstam omvat de midbrain, pons en medulla.
De hersenhelften bestaan uit de hersenschors (cerebral cortex), bestaande uit 6 lagen. De
cerebrale cortex is verantwoordelijk voor functies als zicht, taal en geheugen. Andere
neurale systemen omvatten de basal ganglia (reguleert beweging), het limbic system
(controleert emotionele gedragingen) en het cerebellum (motor control).
,De cerebrale cortex wordt gegroepeerd in 4 kwabben:
o Frontaal (beweging, high-level cognition), prefrontale cortex betrokken bij cognitieve
en emotionele functies als beslissingen nemen, plannen, sociaal gedrag en
impulsbeheersing.
o Pariëtaal (ontvangen van sensorische informatie, ruimtelijke cognitie/spatial
cognition)
o Temporaal (auditieve informatie, reuk, leren en geheugen)
o Occipitaal (zicht/vision)
De Sylvian fissure scheidt de temporale kwab van de andere gebieden en de central sulcus
scheidt de frontale en pariëtale kwabben van elkaar.
Precentral gyrus: stuk frontale cortex vóór de centrale sulcus (functie: motor control).
Postcentral gyrus: stuk pariëtale cortex achter de centrale sulcus die somatosensorische
informatie ontvangt.
Corpus callosum: hoofdband van axonen die de twee hersenhelften met elkaar verbindt→
communicatie tussen rechter- en linker hersenhelft.
In de hersenen zijn twee kleurtinten te onderscheiden:
o Grijze stof (gray matter): buitenste laag, bevat cellichamen zonder myeline. Functie:
ontvangen en verwerken informatie.
o Witte stof (white matter): onder de cortex, bevat axonen met een laag van myeline.
Functie: overdragen van informatie naar andere locaties.
,Regionale specialisaties en functies:
o De hersenschors (cerebral cortex) voert ingewikkelde cognitieve processen uit
forebrain/telencephalon
o Subcorticale structuren zijn betrokken bij beweging en de regulering van emoties
forebrain/telencephalon
• Basale ganglia (basal ganglia): groep van nuclei, waaronder de caudate
nucleus, putamen, globus pallidus en substantia nigra. Deze nuclei zijn
verbonden met de hersenschors en belangrijk bij motorische controle (motor
control).
• Langs de basale ganglia ligt een los netwerk van structuren, het limbisch
systeem (limbic system)→ belangrijk voor emotie en leren. De componenten
van het limbische systeem zijn:
➢ Amygdala: group nuclei in the medial anterior part of the temporal
lobe. Diverse functies zoals emotionele regulering en geurperceptie.
➢ Mammilary bodies: pairs of nuclei at the base of the brain. Functie
leren en geheugen.
➢ Hippocampus: medial temporal lobe structure. Functie: idem.
➢ Fornix: a fiber tract that extends from the hippocampus to the
mammillary body. Functie: idem.
➢ Cingulate gyrus
➢ Olfactory bulb
➢ Stria terminalis
, o De diencephalon leidt sensorische informatie en controleert basis fysiologische
functies forebrain/diencephalon
Richting de mediale en basale aspecten van de voorhersenen (forebrain) zijn er twee
belangrijke componenten van het diencephalon:
➢ Thalamus: cluster van nuclei die de binnenkomende sensorische informatie
naar de geschikte gebieden van de cortex leiden om verder te worden
verwerkt. Ook ontvangt de thalamus informatie van de cortex om te
controleren welke sensorische informatie is overgedragen.
➢ Hypothalamus: discrete nuclei die betrokken zijn bij veel vitale functies (o.a.
honger, dorst, temperatuurregulatie). Ook heeft de hypothalamus controle
over de hypofyse, waardoor de hypothalamus de belangrijkste koppeling is
met de hormonale systemen. Ook worden de optic chiasm (waar de
oogspieren samenkomen en kruisen naar de andere kant van het brein) en de
mammilary bodies vaak als onderdeel van de hypothalamus gezien.
o Het midbrain bevat sensorische en motorische componenten
midbrain/mesencephalon
• Tectum: bovenste deel middenhersenen (midbrain): twee paren hobbels
(bumps), één paar in elke hersenhelft, met specifieke functies voor
sensorische verwerking:
➢ Superior colliculi: meer rostraal, specifieke functies bij visuele
verwerking.
➢ Inferior colliculi: meer caudaal, verwerken van informatie die geluid
betreft.
• Tegmentum: periaquaductal gray en de motorische centra.
• Twee belangrijke motorische centra: