Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Begrippenlijst minor high care volwassenen

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
63
Geüpload op
06-10-2022
Geschreven in
2022/2023

Alle begrippenlijsten van introductie week tot en met de E week van de minor high care volwassenen.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Begrippenlijst introductieweek
Acute zorgsetting, denk aan verschillende schakels
 Omstanderhulp en alarmering via de Centrale Post Ambulancevervoer (CPA)  er gebeurt een
ongeval - iemand belt 112. De telefonist schakelt door naar de gespecialiseerde meldkamer.
De centralist stelt de zorgvraag vast en zet de nodige hulpdiensten in.
 Verplaatsen naar de patiënt(en)  de hulpdiensten (ambulanceteams, MMT, politie,
brandweer, evt. bergingsbedrijven, Milieudienst, GGZ-instellingen zoals het RIAGG,
Rijkswaterstaat, het Havenbedrijf etc.) gaan naar de plek van het ongeval.
 Beoordelen van de patiënt(en)  op de plek van het ongeval beoordelen de medische teams
welke zorg de patiënt direct nodig heeft en welke behoefte aan ziekenhuiszorg er is.
 Verlenen van acute hulp  indien nodig wordt de eerste medische zorg verleend. Dit kan o.a.
betekenen dat slachtoffers uit complexe beknelde situaties moeten worden bevrijd: een
samenspel van diverse hulpverleners.
 Vervoer naar een ziekenhuis  afhankelijk van de noodzakelijke zorg wordt de patiënt
vervoerd naar
o Een traumacentrum met specifieke expertise of voldoende capaciteit;
o Een spoedeisende hulpafdeling van een groot regionaal ziekenhuis;
o Het dichtstbijzijnde ziekenhuis.
 Opvang op de Spoedeisende Hulpafdeling (SEH)  op basis van een vooraanmelding via de
meldkamer (CPA) wordt een multidisciplinair SEH-team samengesteld en opgeroepen om naar
de SEH te komen voordat de patiënt arriveert. Het ambulanceteam of MMT draagt de patiënt
over aan dit team en meldt welke handelingen zijn verricht en/of welke zorg verstrekt is. Zo
nodig wordt een nadere diagnose gesteld; spoedbehandelingen kunnen plaatsvinden in de
zogenoemde 'crashroom'.
 Operatie  de patiënt wordt overgeplaatst naar een operatiekamer. Zo nodig staat ook hier
een specifiek samengesteld, multidisciplinair operatieteam klaar.
 Intensieve zorg  na de operatie wordt de patiënt eventueel overgeplaatst naar de afdeling
Intensive Care.
 Verpleging en ontslag  tijdens de ziekenhuisopname ondergaat de patiënt de nodige
gespecialiseerde zorg, inclusief revalidatie en fysiotherapie. De huisarts wordt hiervan op de
hoogte gehouden. Eventuele nazorg wordt geregeld.
 Poliklinische revalidatie  na ontslag uit het ziekenhuis wordt de patiënt gedurende een
bepaalde tijd gevolgd al naar gelang de aard van de aandoening en de invloed die de
traumatische ervaring kan hebben op zijn of haar leven.

Bekend met begrippen: A1, A2 en B vervoer ambulance dienst
 Bij een A1-urgentie  er is sprake van een levensbedreigende situatie. De ambulance gebruikt
sirenes en zwaailichten en moet binnen 15 minuten na melding ter plaatse zijn.
 Bij een A2-urgentie  er is geen sprake van een levensbedreigende situatie, maar er is wel
spoed geboden.
De ambulance dient zo snel mogelijk (maar uiterlijk binnen 30 minuten) ter plaatse te zijn. Er
wordt dan geen gebruik gemaakt van zwaailichten en sirenes.
 Bij een B-urgentie  er is sprake van gepland vervoer.
Een ambulance is inzetbaar voor transport naar SEH, geplande ambulancezorg via de
traumaheli.

Functie en doelstelling RAV en
MMT
 Meldkamercentralist
o Aanname centralist: BIG-
geregistreerde verpleegkundige
o Uitgifte centralist: MBO-
opleiding (= geen
verpleegkundige).

, Ambulancechauffeur
o Rijopleiding Optische en Geluidssignalen (OGS)
o Uitgebreide opleiding voor ondersteunende verpleegkundige

 Ambulanceverpleegkundige
o BIG-geregistreerde HBO-verpleegkundige
o Specialisatie SEH/IC/Anesthesie/(CCU) met werkervaring
o Vervolgopleiding Ambulanceverpleegkundige
o BMH Bachelor Medische Hulpverlening i.p.v. AVP (nieuw)

Traumahelikopter  de belangrijkste reden om een traumahelikopter in te zetten is om een
arts en een verpleegkundige zo snel mogelijk naar de plaats te vervoeren, waar spoedeisende,
specialistische, medische hulp benodigd is. De traumahelikopter is dus geen vervanging van de
ambulance, maar een aanvulling op de reguliere ambulancezorg.

 MMT-piloot
o Uitgebreide vliegervaring bij Marine/Luchtmacht

 MMT-verpleegkundige
o BIG-geregistreerde HBO-verpleegkundige
o Specialisatie SEH/IC/Anesthesie/(CCU) met werkervaring
o Vervolgopleiding
o Vervolgopleiding HEMS-verpleegkundige

 MMT-arts
o Traumachirurg / anesthesioloog werkzaam in academisch ziekenhuis
o Uitgebreide opleiding op ander vakgebied

 Zorgdifferentiatie
o ALS-Ambulance → high care
o Rapid Responder (personenauto of motor) → high care, geen vervoerscapaciteit
o Midden complexe zorgambulance → medium care
o Zorgambulance → low care

Bekend met richtlijnen protocollen en triagesysteem. Denk aan LPA, Manchester
triagesysteem en NTS
 LPA  Landelijk Protocol Ambulancezorg. Voorziet de ambulancezorgprofessionals van
protocollen waarmee de zorg zoveel mogelijk evidence based kan worden verleend.
 Manchester triagesysteem  een hulpmiddel voor het uitvoeren van triage bij patiënten. De
kleur geeft aan binnen welke tijd een patiënt gezien moet worden door een arts.
o Rood  moet onmiddellijk gezien worden.
o Oranje  moet binnen 10 minuten gezien worden.
o Geel  moet binnen 1 uur gezien worden.
o Groen  moet binnen 2 uur gezien worden.
o Blauw  moet binnen 4 uur gezien worden.

 NTS  de Nederlandse Triage Standaard is een Nederlandse methodiek waarmee
professionele zorgverleners ondersteund worden in het snel en doeltreffend bepalen van de
urgentie en juiste medische vervolgactie. Voorbeelden van toepassing zijn de triage van
binnenkomende noodoproepen op de Meldkamer Ambulancezorg en de meldkamers van de
huisartsenposten. Ook spoedeisende hulp-afdelingen van ziekenhuizen maken steeds vaker
gebruik van deze standaard.

U Betekenis Inzet zorg Voorbeelden (onder voorbehoud
van context)
U0 Uitval ABCD, reanimatie Onmiddellijk Ademstilstand, hartstilstand
U1 Instabiele ABCD, <15 min Massale bloeding, verdenking
levensgevaar herseninfarct

, U2 Bedreiging ABCD, spoed <1 uur Acute koorts bij immuundeficiënte
patiënt
U3 Dringend, kans op <3 uur Hechten van niet-bloedende
schade wond, corpus alienum in het oog
U4 Niet dringend <24 uur Ongecompliceerde
urineweginfectie, pijnlijke enkel
U5 Geen spoedgeval, advies Meestal geen Vergeten medicatie, onschuldige
geven koorts

Bekend met levelindeling ziekenhuizen; 1,2 en 3
De ziekenhuizen zijn voor de opvang van traumapatiënten in drie levels ingedeeld.
 Het level 3  kan geïsoleerde letsels behandelen, bijvoorbeeld een enkel- of heupfractuur.
 Het level 2  kunnen ook vitaal bedreigde patiënten worden opgevangen, maar zijn niet alle
voorzieningen aanwezig, zoals neurochirurgie.
 Het level 1  kunnen alle ernstig gewonde patiënten 24 uur per dag, 7 dagen per week
worden opgevangen.

Prehospitaal kunnen medewerkers van ambulance of Mobiel Medisch Team de juiste keuze maken
naar welk ziekenhuis de patiënt moet worden vervoerd. Voornamelijk voor level 2-ziekenhuizen
gelden zwaardere criteria dan voorheen.

Bekend met begrippen: eerste, tweede en derdelijns zorg
 Eerstelijnszorg  alle zorg die direct toegankelijk is voor de patiënt.
Voorbeeld: huisartsen, maatschappelijk werk en spoedeisende hulp in ziekenhuizen.
 Tweedelijnszorg  de zorg waar een verwijzing voor nodig is. De hulp is meestal ambulant.
Dat betekent dat de patiënt niet wordt opgenomen in een instelling. Voorbeeld: psychologen,
orthodontisten en pedagogen.
 Derdelijnszorg  zorg waarbij de cliënt wordt opgenomen,
Voorbeeld: ziekenhuis of verpleeghuis.

Overdrachten
Letter Betekenis Uitleg
R Reason Benoem waarom je belt.
S Story Relevante diagnose(S), voorgeschiedenis, opnamereden.
V Vitals (ABCDE) Uitslagen (LO, lab, controles en beeldvorming).
P Plan Vertel wat je al gedaan hebt, wat je gaat doen en wat je
van de dokter nodig hebt.

Letter Betekenis Uitleg
S Situation Benoem waarom je belt.
B Background Relevante diagnose(s), voorgeschiedenis, medicatie en
allergieën.
A Assessment Uitslagen (LO, lab, controles en beeldvorming) en geef
een oordeel over het probleem (urgentie).
R Recommendation Geef aan wat je wilt dat er gebeurt en wanneer.
R Repeat Herhaal de afspraken.

Letter Betekenis Uitleg
A Allergies Heeft het slachtoffer een allergie voor iets?
M Medicine Welke medicijnen gebruikt het slachtoffer?
P Past Is er in het verleden iets gebeurd?
L Last meal Wanneer heeft het slachtoffer voor het laatst gegeten?
E Event Wat is er gebeurt voor het letsel of ziek worden?

, Begrippenlijst A/B
Anatomie
Doel ademhaling
Dient voor de gaswisseling: het uitwisselen van zuurstof (O2) en koolstofdioxide (CO2).

Adenosinetrifosfaat (ATP)
De cel heeft de energie uit het ATP nodig voor; celgroei, productie van hormonen en
spijsverteringsenzymen, cel herstel en in het algemeen voor het laten verlopen van vele
scheikundige reacties in de cel.

Functies van de ademhaling
 Zorgen dat de gaswisseling zo effectief mogelijk verloopt door het oppervlak waarmee
gaswisseling kan gebeuren zo groot mogelijk te maken.
 De lucht moet af en toe ververst worden zodat het aanbod van zuurstof voldoende blijft en de
afvoer van CO2 gegarandeerd kan worden.
 Het oppervlak moeten we in optimale vorm houden zodat de gaswisseling effectief kan
verlopen.
 We gebruiken ons ademhalingsstelsel om mee te communiceren met onze stem.
 Reuk is ook onderdeel van ons ademhalingsstelsel deze functies zie je dan ook terug in de
anatomie van de luchtwegen.

Anatomie ademhalingsstelsel
Bovenste luchtwegen
Onderste luchtwegen

Pulmonale circulatie
De pulmonale circulatie of longcirculatie is de kleine
circulatie. In de kleine bloedsomloop komt
zuurstofarm bloed binnen in de rechterboezem van
het hart. De klep tussen de rechterboezem en -
kamer opent en het bloed stroomt naar de
rechterkamer. Het hart pompt het bloed via de
rechterkamer en de longslagader naar de longen.
Daarna komt het via de longader in de
linkerboezoem terrecht waarna het via de
linkerkamer de aorta in gepompt wordt.

Regulatie van de ademhaling
De ademhaling wordt geregeld door het ademhalingscentrum. Dit is een netwerk van zenuwcellen
in het onderste deel van de hersenen, de zogeheten hersenstam (medulla oblongata). Het
ademhalingscentrum regelt zowel de start van de in- en uitademingsfasen als de overgang van
inademing naar uitademing. De zenuwprikkels die in het ademhalingscentrum binnenkomen, zijn
afkomstig van de longen, de borstkas en ‘lichaampjes’ in de halsslagader en de aorta. Het
ademhalingscentrum stuurt zelf zenuwprikkels naar de ademhalingsspieren. De prikkels die het
ademcentrum afgeeft worden voortgeleid via de intercostale zenuwen, die de buitenste
tussenribspieren (intercostaalspieren) aansturen.
De prikkels worden ook voortgeleid via de nervus phrenicus die via het ruggenmerg, dat door de
borstholte naar het middenrif loopt en dit aanstuurt.

Ademhalingscentrum
Het ademhalingscentrum bestaat uit verscheidene groepen van neuronen die gelokaliseerd zijn in
de medulla oblongata en de pons.
Deze neuronen zorgen voor de regulatie van de ademhaling. Er kan een onderscheid gemaakt
worden tussen drie groepen neuronen
 Dorsale ademhalingsgroep  (in het dorsale gedeelte van de medulla oblongata) die
voornamelijk zorgt voor inademing.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
6 oktober 2022
Aantal pagina's
63
Geschreven in
2022/2023
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$43.22
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
liekekoenen Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
17
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
15
Documenten
9
Laatst verkocht
2 jaar geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen