HC Moeheid
50 op 1000 ingangsklacht moeheid bij de huisarts bij mannen. Vrouwen 114 op 1000.
Jaarlijks heeft 20% last, niet allemaal naar de huisarts: 1%. Bij de helft geen diagnose.
10% van de pten na 1e presentatie komt een tweede keer dat jaar i.v.m. moeheid. Vaker bij
mensen met chronische ziekte en mensen die sowieso vaker gaan.
50% blijft onverklaard.
25% psychisch
20% Somatisch
Pten zelf:
1. Lichamelijk; bloedarmoede, kanker
2. Psych als depressie en angst
3. Chronisch vermoeidheidsyndroom
4. Chronisch infectie zoals Lyme Pfei er
5. Psychosociaal
6. Omgevingsfactoren als milieuverontreiniging
Moeheid past bij infectie, maar niet als het > 3 mnden duurt; past niet bij Pfei er bijv. Paar
uitzonderingen: Q-Koorts, COVID?
Gebruik SCEGS in de spreekkamer.
- Somatisch —> VALTIS —> Moe bij opstaan? Past niet bij infectie want dan helpt rust. 70%
mensen met chronische ziekte heeft last van moeheid. Maar mensen met moeheid klachten
heeft maar 3% een chronische ziekte.
- Cognitie —> OBV (opvatting, beleving en verwachtingen) —> eigen verklaring, wat denkt de pt,
attributies. HULPVRAAG
- Emotioneel —> somber, angst, stress. 5-10% depressie.
- Gedrag —> iets veranderd? Aangepast?
- Sociaal —> oorzaken, gevolgen voor werk, gezin etc.
Maar wat te doen zonder aanwijzingen?
- Huisartsen vragen 50% bloedonderzoek aan
- Bedenk dat per bepaling de kans op afwijkend ongeveer 5%
- Dus bij 5 bepalingen kans van ruim 20% op minstens eenmaal afwijkend zonder onderliggende
aandoening
Landelijke afspraken lab diagnostiek
- Uitsluiten infectieziekten en/of maligniteit
- A prior kans 2%
- BSE
- Reageert traag op verandering ziekteproces (dagen)
- Afhankelijk van acute fase eiwitten, maar ook Hb
- CRP
- Acute fase, reageert ook op trauma
- Uitsluiten anemie: a priori kans 3%, maar mogelijk lager
- Hemoglobine:
- Bij bepaling capillair overdoen in veneus bloed
- Bij afwijkende waarde verder diagnostiek
- Hypo - hyper thyreoidie
- DM, a priori gemiddeld 0,5%. Hoger bij richtinggevende klachten zoals polydipsie en urie
- Nierfunctiestoornis, a priori < 0,5%
ff ff
50 op 1000 ingangsklacht moeheid bij de huisarts bij mannen. Vrouwen 114 op 1000.
Jaarlijks heeft 20% last, niet allemaal naar de huisarts: 1%. Bij de helft geen diagnose.
10% van de pten na 1e presentatie komt een tweede keer dat jaar i.v.m. moeheid. Vaker bij
mensen met chronische ziekte en mensen die sowieso vaker gaan.
50% blijft onverklaard.
25% psychisch
20% Somatisch
Pten zelf:
1. Lichamelijk; bloedarmoede, kanker
2. Psych als depressie en angst
3. Chronisch vermoeidheidsyndroom
4. Chronisch infectie zoals Lyme Pfei er
5. Psychosociaal
6. Omgevingsfactoren als milieuverontreiniging
Moeheid past bij infectie, maar niet als het > 3 mnden duurt; past niet bij Pfei er bijv. Paar
uitzonderingen: Q-Koorts, COVID?
Gebruik SCEGS in de spreekkamer.
- Somatisch —> VALTIS —> Moe bij opstaan? Past niet bij infectie want dan helpt rust. 70%
mensen met chronische ziekte heeft last van moeheid. Maar mensen met moeheid klachten
heeft maar 3% een chronische ziekte.
- Cognitie —> OBV (opvatting, beleving en verwachtingen) —> eigen verklaring, wat denkt de pt,
attributies. HULPVRAAG
- Emotioneel —> somber, angst, stress. 5-10% depressie.
- Gedrag —> iets veranderd? Aangepast?
- Sociaal —> oorzaken, gevolgen voor werk, gezin etc.
Maar wat te doen zonder aanwijzingen?
- Huisartsen vragen 50% bloedonderzoek aan
- Bedenk dat per bepaling de kans op afwijkend ongeveer 5%
- Dus bij 5 bepalingen kans van ruim 20% op minstens eenmaal afwijkend zonder onderliggende
aandoening
Landelijke afspraken lab diagnostiek
- Uitsluiten infectieziekten en/of maligniteit
- A prior kans 2%
- BSE
- Reageert traag op verandering ziekteproces (dagen)
- Afhankelijk van acute fase eiwitten, maar ook Hb
- CRP
- Acute fase, reageert ook op trauma
- Uitsluiten anemie: a priori kans 3%, maar mogelijk lager
- Hemoglobine:
- Bij bepaling capillair overdoen in veneus bloed
- Bij afwijkende waarde verder diagnostiek
- Hypo - hyper thyreoidie
- DM, a priori gemiddeld 0,5%. Hoger bij richtinggevende klachten zoals polydipsie en urie
- Nierfunctiestoornis, a priori < 0,5%
ff ff