Hoorcollege 1 Introductie case studies, single case experiments en de bijdrage van tests in
het beslissingsproces
Een voorbeeld van een single case experiment:
Case studies
Casestudies zijn gevalstudies. Het kan heel erg breed zijn. Het is van belang om je te
realiseren dat het bij cases vaak gaat over enkele of beperkte gevallen. Het zijn ook op
zichzelf staande gevallen
Wat zijn mogelijke cases?
- Individuen
- Organisaties
- Landen
- Groepen
- Patiënten
- Etc.
Maar ook
- Interactievormen (samenwerkingsverbanden, relaties, etc.)
- Beslissingen
- Projecten
- Nieuwe lesmethode
- Onderzoeksopzet
- Etc.
Wat voor soort onderzoeksvragen kan een case studie beantwoorden?
,Het gaat hierbij om hoe- en waarom-vragen.
Een voorbeeld is sociale uitsluiting. Dit hoort bij het artikel van Barner-Barry. Er is
onderzoek gedaan op een kleuterschoolplein naar leiderschap. Er was een jongetje dat in
sterke mate antisociaal gedrag liet zien. De andere kinderen reageerden daarop; ze sloten
Rob buiten. Vervolgens zag je dat Rob een soort outcast werd. De reactie van Rob was dat hij
zich toch wat socialer ging opstellen.
Interessant hieraan is dat het onderzoek een theorie toets over dat een groep sociale
normen heeft en dit oplegt aan individuen (wat sociaal gedrag bevordert). Maar wat je hier
ziet is dat elk individueel kind een nare ervaring heeft met Rob, het is dus een
opeenstapeling van negatieve ervaringen met Rob wat zorgt voor uitsluiting. Het zijn dus
individuele afwegingen in plaats van sociale normen van de groep.
Bij dit onderzoek is een combinatie gebruikt van geobserveerde gegevens en meer
geïnterpreteerde gegevens door de onderzoeker. De case is hier het groepsproces van
sociale uitsluiting.
Generalisatie
- Statistische generalisatie: generalisatie naar een statistische populatie. Aan deze
vorm van generalisatie zijn we het meest gewend.
- Generalisatie direct naar de theorie: de conclusies die worden getrokken in een
studie gaan direct over naar de theorie.
- Herhaling: replicatie (net als bij experiment). Hierbij heb je letterlijke replicatie en
theoretische replicatie: vanuit theorie gaan kijken naar wat de grenzen zijn van je
theorie. Je hebt een bepaalde theorie en probeert andere oorzaken uit te sluiten.
Een casestudie heeft direct een generalisatie naar een theorie, net als een experiment. Bij
casestudies (en experimenten) zie je bij een vragenlijst onderzoek eerst deze vorm van
generalisatie, daarna kijk je naar wat de implicaties voor een theorie zijn.
Soorten case studies
Doel:
- Exploratief (exploratory): als er over een bepaald onderwerp nog geen bestaande
theorie is. Je wilt een theorie gaan vormen vanuit het niets.
- Verklarend (explanatory): er is al wel een theorie, maar wilt kijken of je verklaring
voor een oorzaak-gevolg relatie ondersteund kan worden in een specifiek geval.
- Beschrijvend (descriptive): er is wel een theorie, maar geen causale theorie.
-
Soorten bewijs in een case studie
, - Documenten
- Archieven
- Interviews
- Directe observatie
- Participant observatie
- Fysieke artefacten
Het bewaken van de kwaliteit van een case studie
Triangulatie: Meerdere bronnen van bewijs gebruiken
Pattern matching: vooraf een bepaald patroon opstellen dat je verwacht bij het observeren.
Naderhand ga je kijken of deze verwachting klopte.
Logic models: oorzaak-gevolg cases waarbij je duidelijk kijkt wat theoretisch de oorzaak is en
de oorzaak is. Je gaat kijken of je dat ook weer observeert.
Single case experiments
Het verschil tussen single caseonderzoek en een experiment is dat een experiment een
onderzoek is waarbij sprake is van actieve manipulatie. Er is een factor die beïnvloedbaar is
door de onderzoeker. Bij een caseonderzoek is er geen sprake van manipulatie.
Historische achtergrond ‘single case experiments’