Leerdoelen maatschappij SE1
- Rechtsstaat:
Een rechtssysteem waarin burgers door grondrechten worden beschermd tegen
machtsmisbruik en willekeur.
- Rechtsbescherming:
Wetten beschermen ons tegen machtsmisbruik van de overheid.
→ overheid is heel machtig, wij zijn individueel en kwetsbaar
- Rechtshandhaving:
De staat moet ervoor zorgen dat wij ons aan de wet houden.
Hiervoor heeft de overheid meer macht dan ons bijvoorbeeld,
geweldsmonopolie→ de overheid mag geweld gebruiken.
- Rechtsnormen:
Dit zijn gedragsregels die door de overheid wettelijk zijn vastgesteld.
Zoals: bij een ruzie mag je er niet zomaar op los slaan, dit zie je terug in het wettelijk
verbod mishandeling. En iedereen fietst aan de rechterkant
- Waarom is het recht constant in beweging:
De wetten veranderen mee met onze opvattingen. Bijv de #MeToo beweging, hierna
werden alle onvrijwillige vormen van seks voortaan gezien als verkrachting.
- Drie grondbeginselen van een rechtsstaat:
1. De grondrechten zijn vastgesteld in de grondwet
2. Er is een verdeling van macht
3. Er geldt het legaliteitsbeginsel
- Grondwet en grondrecht:
Grondrecht: De basisrechten die je nodig hebt om een menswaardig leven te leiden.
Grondwet: Document met daarin de grondrechten van de inwoners en hoe de staat
is ingericht.
- Soorten grondrechten:
Klassieke grondrechten: Gegarandeerde afdwingbare rechten zoals, vrijheid van
meningsuiting en vrijheid van godsdienst.
Sociale grondrechten: Deze rechten zijn niet gegarandeerd maar de overheid moet
zich er wel voor inspannen zoals, recht op werk en recht op woonruimte.
→ verschil: ene is wel afdwingbaar en gegarandeerd en de andere niet.
, - Systeem trias politica:
Dit is een systeem dat ervoor zorgt dat de machten gescheiden zijn, om
machtsmisbruik tegen te gaan.
In dit systeem zijn 3 machten gescheiden namelijk:
- Wetgevende macht:
maakt de wetten waaraan de overheid en de burgers zich moeten houden.
- Uitvoerende macht:
Zorgt voor de uitvoering van de goedgekeurde wetten.
- Rechterlijke macht:
Doet uitspraak in conflicten en beoordeeld of iemand de wet heeft overtreden.
- Check and balances:
Dit is de scheiding van de machten → trias politica
Meer spijbelaars? → rechter roept minister en parlement tot de orde.
- Het legaliteitsbeginsel:
Het legaliteitsbeginsel: de overheid mag alleen de vrijheid van burgers beperken als
die beperkingen in wetten zijn vastgelegd. Alles wat de overheid doet heeft dus een
wettelijke basis. Dit zorgt voor rechtszekerheid omdat, wij kunnen controleren wat de
overheid wel en niet mag doen.
- Misdrijven en overtredingen:
Misdrijf: ernstige strafbare feiten zoals, mishandeling en moord.
Overtreding: minder ernstige strafbare feiten zoals, wildplassen en door rood rijden.
- Bevoegdheden politie tijdens opsporing van criminaliteit:
opsporingsbevoegdheden worden ook wel dwangmiddelen genoemd.
De politie mag:
- fouilleren
- staande houden → id vragen en boete geven
- aanhouden(arrestatie) → je wordt meegenomen naar het bureau voor verhoor
- De politie mag dit alleen doen als er een redelijk vermoeden is dat jij de wet
overtreed, zo iemand noem je een verdachte.
- Bevoegdheden officier van justitie:
De officier van justitie mag:
- binnengaan woning
- afluisteren
- preventief fouilleren → fouilleren zonder sprake van verdenking
- infiltratie in misdaadorganisaties → mag niet uitlokken
- Rechtsstaat:
Een rechtssysteem waarin burgers door grondrechten worden beschermd tegen
machtsmisbruik en willekeur.
- Rechtsbescherming:
Wetten beschermen ons tegen machtsmisbruik van de overheid.
→ overheid is heel machtig, wij zijn individueel en kwetsbaar
- Rechtshandhaving:
De staat moet ervoor zorgen dat wij ons aan de wet houden.
Hiervoor heeft de overheid meer macht dan ons bijvoorbeeld,
geweldsmonopolie→ de overheid mag geweld gebruiken.
- Rechtsnormen:
Dit zijn gedragsregels die door de overheid wettelijk zijn vastgesteld.
Zoals: bij een ruzie mag je er niet zomaar op los slaan, dit zie je terug in het wettelijk
verbod mishandeling. En iedereen fietst aan de rechterkant
- Waarom is het recht constant in beweging:
De wetten veranderen mee met onze opvattingen. Bijv de #MeToo beweging, hierna
werden alle onvrijwillige vormen van seks voortaan gezien als verkrachting.
- Drie grondbeginselen van een rechtsstaat:
1. De grondrechten zijn vastgesteld in de grondwet
2. Er is een verdeling van macht
3. Er geldt het legaliteitsbeginsel
- Grondwet en grondrecht:
Grondrecht: De basisrechten die je nodig hebt om een menswaardig leven te leiden.
Grondwet: Document met daarin de grondrechten van de inwoners en hoe de staat
is ingericht.
- Soorten grondrechten:
Klassieke grondrechten: Gegarandeerde afdwingbare rechten zoals, vrijheid van
meningsuiting en vrijheid van godsdienst.
Sociale grondrechten: Deze rechten zijn niet gegarandeerd maar de overheid moet
zich er wel voor inspannen zoals, recht op werk en recht op woonruimte.
→ verschil: ene is wel afdwingbaar en gegarandeerd en de andere niet.
, - Systeem trias politica:
Dit is een systeem dat ervoor zorgt dat de machten gescheiden zijn, om
machtsmisbruik tegen te gaan.
In dit systeem zijn 3 machten gescheiden namelijk:
- Wetgevende macht:
maakt de wetten waaraan de overheid en de burgers zich moeten houden.
- Uitvoerende macht:
Zorgt voor de uitvoering van de goedgekeurde wetten.
- Rechterlijke macht:
Doet uitspraak in conflicten en beoordeeld of iemand de wet heeft overtreden.
- Check and balances:
Dit is de scheiding van de machten → trias politica
Meer spijbelaars? → rechter roept minister en parlement tot de orde.
- Het legaliteitsbeginsel:
Het legaliteitsbeginsel: de overheid mag alleen de vrijheid van burgers beperken als
die beperkingen in wetten zijn vastgelegd. Alles wat de overheid doet heeft dus een
wettelijke basis. Dit zorgt voor rechtszekerheid omdat, wij kunnen controleren wat de
overheid wel en niet mag doen.
- Misdrijven en overtredingen:
Misdrijf: ernstige strafbare feiten zoals, mishandeling en moord.
Overtreding: minder ernstige strafbare feiten zoals, wildplassen en door rood rijden.
- Bevoegdheden politie tijdens opsporing van criminaliteit:
opsporingsbevoegdheden worden ook wel dwangmiddelen genoemd.
De politie mag:
- fouilleren
- staande houden → id vragen en boete geven
- aanhouden(arrestatie) → je wordt meegenomen naar het bureau voor verhoor
- De politie mag dit alleen doen als er een redelijk vermoeden is dat jij de wet
overtreed, zo iemand noem je een verdachte.
- Bevoegdheden officier van justitie:
De officier van justitie mag:
- binnengaan woning
- afluisteren
- preventief fouilleren → fouilleren zonder sprake van verdenking
- infiltratie in misdaadorganisaties → mag niet uitlokken