Biologie Samenvatting Toetsweek 3
Genetica
5) Dihybride kruidingen
Wanneer de genenparen in verschillende chromosomenparen liggen, geldt Mendels wet van
onafhankelijke overerving. Een kruising waarbij gelet word op de overerving van 2 eigenschappen, noem
je een dihybride kruising. Om de kans te berekenen van een bepaald genotype/fenotype kruis je eerst de
ene eigenschap en dan de andere, vervolgens vermenigvuldig je de kansen van de genotype/fenotypen. Zie
voor voorbeeld boek!!!.
6) Speciale manieren van overerven
Voor sommige erfelijke eigenschappen bestaan er 3 of meer verschillende allelen
(multipele allelen). Bijvoorbeeld bij de bloedgroepen wat word bepaald door 1 gen bestaan
er 3 verschillende allelen: I A , I B en i .
Letale factoren
Je hebt onafhankelijke overerving (2 genenparen liggen op verschillende chromosomen)
maar je hebt ook gekoppelde overerving. Hierbij liggen de 2 genenparen op hetzelfde
chromosomen paar (gekoppelde genen). Dit geef je als volgt weer:
- Het genotype van een homozygoot dominant individu:
- Het genotype van een homozygoot recessief individu:
Het mitochondriaal DNA (mtDNA) erft
over via eicellen en dus niet via
zaadcellen of stuifmeel.
Evolutie
1) Ontwikkeling van het leven
Ontstaan organisme (zie samenvatting
boek).
Aan het ontstaan van leven ging
waarschijnlijk een chemische evolutie
(hierin werden de stoffen gevormd
waaruit de eerst eencellige ontstonden)
vooraf.
Genetica
5) Dihybride kruidingen
Wanneer de genenparen in verschillende chromosomenparen liggen, geldt Mendels wet van
onafhankelijke overerving. Een kruising waarbij gelet word op de overerving van 2 eigenschappen, noem
je een dihybride kruising. Om de kans te berekenen van een bepaald genotype/fenotype kruis je eerst de
ene eigenschap en dan de andere, vervolgens vermenigvuldig je de kansen van de genotype/fenotypen. Zie
voor voorbeeld boek!!!.
6) Speciale manieren van overerven
Voor sommige erfelijke eigenschappen bestaan er 3 of meer verschillende allelen
(multipele allelen). Bijvoorbeeld bij de bloedgroepen wat word bepaald door 1 gen bestaan
er 3 verschillende allelen: I A , I B en i .
Letale factoren
Je hebt onafhankelijke overerving (2 genenparen liggen op verschillende chromosomen)
maar je hebt ook gekoppelde overerving. Hierbij liggen de 2 genenparen op hetzelfde
chromosomen paar (gekoppelde genen). Dit geef je als volgt weer:
- Het genotype van een homozygoot dominant individu:
- Het genotype van een homozygoot recessief individu:
Het mitochondriaal DNA (mtDNA) erft
over via eicellen en dus niet via
zaadcellen of stuifmeel.
Evolutie
1) Ontwikkeling van het leven
Ontstaan organisme (zie samenvatting
boek).
Aan het ontstaan van leven ging
waarschijnlijk een chemische evolutie
(hierin werden de stoffen gevormd
waaruit de eerst eencellige ontstonden)
vooraf.