EN DEMOCRATIE
HET TENTAMEN
, WEEK 1
MENSENRECHTEN EN DEMOCRATIE
,Mensenrechten en democratie
• Democratie en mensenrechten ondersteunen elkaar
• Gemeenschappelijke waarden zoals gelijkheid en autonomie
• Sommige mensenrechten noodzakelijk voor democratie (stemrecht)
• Spanningsverhouding
• Democratische meerderheid kan besluiten nemen die mensenrechten aantasten
• Mensenrechten kunnen beperkingen stellen aan democratische wetgeving
• Mensenrechten stellen grenzen aan de macht van de staat (dus ook de democratische staat)
• Waldron: als mensenrechten voortkomen uit menselijke waardigheid, dan prevaleert de democratische partic
van burgers boven rechters
• Mensenrechten
• Rechtspositivisme: dat mensenrechten zijn wat mensenrechtenwetgeving zegt dat ze zijn. Kritiek: dit is geen voorwaarde vo
bestaan van mensenrechten
• De drie kenmerken: universeel, gelijk voor eenieder, beschermen individuele menselijke waardigheid
• Prepositieve gelding: mensenrechten gelden ook als ze niet door de bevoegde juridische instantie zijn erkend
, Mensenrechtentheorieën
• Self-evident
• Mensenrechten zijn niet self-evident
• Consensus
• Maritain: door de verscheidenheid van filosofieën is een consensus over de rechtvaardiging van mensenrechten onmogelijk. We kunnen tot een consensus komen van norm
niet over de filosofie
• De consensus is niet volledig en niet oprecht
• God
• Locke: god is de bron van mensenrechten (ook verplicht tot respecteren van rechten jegens elkaar)
• Menselijke waardigheid
• Het concept van menselijke waardigheid is vaag
• Mensenrechten kunnen gebaseerd zijn op menselijke waardigheid maar de rechtvaardiging heeft wel een verband nodig
• Rationeel natuurrecht
• Macdonald: dat mensen rationeel zijn wil nog niet zeggen dat zij natuurlijke rechten hebben
• Modern law theorists: er zijn objectieve rechten die rationeel niet kunnen worden afgewezen (leven, samenleving en kennis). Kritiek: objectieve rechten te vaag en te contro
• Er zijn meerdere concepten van natuurrecht, natuurrecht is een biologisch concept en kan geen rechten genereren
• Mens zijn: capaciteiten, agency (personhood), gevoel (sentience > dieren), needs, ontplooiing
• Capaciteiten: mensen hebben capaciteiten om dingen te doen die voor hen fundamenteel zijn. Kritiek: conflicterende capaciteiten kunnen elkaar overtroeven, maar slechts
beperkte mate. Een bepaalde mogelijkheid kan op een goede en slechte manier gebruikt worden.
• Personhood
• Gewirth: moraliteit veronderstelt personhood. Rechten op vrijheid en welzijn zijn morele rechten, aangezien zij van iedereen eisen dat zij rekening houden m
belangrijkste belangen van anderen.
• Griffin: iedereen mag zijn conceptie van een waardig leven najagen. Vereist zijn autonomie, welzijn en vrijheid. Kritiek: sommige mensen willen geen auton
onderwerping aan god. Kritiek (Raz): slaven hebben ook personhood maar geen rechten & het is te onbepaald.
• Kritiek: kinderen en mensen met een verstandelijke beperking zijn ongelijk voor het recht
• Gevoel: veroordeelt marteling omdat het pijnlijk is, niet omdat het personhood schendt
• Needs: we hebben niet recht op alles wat we willen, sommige needs zijn immoreel of schaden anderen
• Ontplooiing: mensenrechten moeten realistisch en minimaal zijn, beperkt tot nodig voor een mensenleven en niet tot een goed leven