Aanpassingen van gedrag;
Ontogenese en leerprocessen
Fylogenese genetisch geheugen
Studie van determinanten:
Is moeilijk
o Genotype zorgen voor het coderen van een bepaald enzym
o Enzymen laat op zijn beurt een bepaald biochemisch proces
toe
o Cel metabolisme, cel functie en ontwikkeling beïnvloeden
o Fysiologische ontwikkeling
o Gedrag
Selectie van delen van gedragssequenties of eigenschappen van
gedrag
o Makkelijk indien milieu-invloed klein is
Genetische onderbouw voor gedrag is meestal multifactorieel
Pleiotropische effecten
Switch genes:
Genen die instaan voor de keuzes tussen twee mogelijke
alternatieven in de ontwikkeling
Beheersen het al dan niet optreden van één van de 2
3 mogelijke invloeden
o Gedragspatroon
o Gedragssequentie
o Normen die het optreden van een aantal
gedragingen besturen
Voorbeeld hygiëne bijen:
Koningin legt eieren in de cel
Op de cel komt een dekseltje zodat de larven
zich veilig voelen
o Soms sterven de larven, kunnen nou
eenmaal niet allemaal overleven
De deksel verwijderen en dode dieren
verwijderen
o 2 gedragingen waarbij de ene kolonie het
wel doet en de andere niet
Combinatie van gameten zorgt voor verschillende genotypes in de
bijen
Voorbeeld gedragspatroon:
Cryptomerie bij eenden
o De twee rassen vertonen het gedrag niet, de hybriden
vertonen het wel
, Voorbeeld gedragssequentie:
De volgorde van verschillende baltsgedragingen
kan veranderen terwijl het gedragspatroon zelf niet
verandert
Normen die het optreden van een aantal gedragingen besturen:
Verandering van niveau van motivatie en homeostase
o Hogere en lagere frequentie
o Inhibitie bepaalde delen gedrag honden die niet blaffen
Bijvoorbeeld het selecteren van minder agressie
Algemene modaliteit:
Worden geselecteerd voor meer of minder ‘emotionaliteit’,
’temperament’ en ‘locomotie’ voorbeelden
Gedragspatronen zijn hetzelfde, maar verschillen in intensiteit
o Bv. temperament
Erfelijkheidsgraad:
Ook wel heritabiliteit
Mate waarin fenotypische variabiliteit kan uitgelegd worden door
genetische variabiliteit
Maat voor variatie in de populatie voor een bepaald kenmerk
Aanduiding van de mogelijkheid voor selectie daarop
Heritabiliteit:
Momentopname
Mate waarin fenotypische variabiliteit kan
uitgelegd worden door genetische variabiliteit
Maar voor variatie in de populatie voor een
bepaald kenmerk
Aanduiding van de mogelijkheid voor selectie
daarop
Slaat op de populatie, niet op één individu
Is geen verklaring voor verschillen in
kenmerken tussen populaties
Wil niet zeggen dat er geen milieu-invloeden kunnen zijn voor een
kenmerk
Niet nauwkeurig
Niet te verwarren met erfelijkheid
Erfelijkheidsgraad:
Mate waarop je kan selecteren voor een kenmerk
Erfelijk:
Eigenschap die je kan doorgeven aan je kind
Via genetica
Selectieproeven:
Vooruitgang dierlijke productie