Blokopdracht 2.1 De ontwikkeling van kinderen
Door
Inleiding
Als klas bepalen jullie hoe de kwartetten er uit komen te zien, maar iedereen in de klas
werkt wel met hetzelfde formaat (A4 in vieren delen). Bovenaan iedere kaart moet duidelijk
staan wat jullie leeftijdsgroep is en wat het ontwikkelingsgebied is. Uiteraard mag je naast
tekst ook plaatjes of tekeningen op je kaarten zetten. Zoek in de literatuur naar vier
belangrijke kenmerken die horen bij jouw ontwikkelingsgebied én bij de leeftijdsgroep. Aan
de hand van deze informatie ga je over jouw ontwikkelingsgebied één kwartet met vier
kaarten maken, bijvoorbeeld vier kaarten over baby cognitief. Uiteindelijk komen jullie met
je groepje dus tot drie kwartetten, bijvoorbeeld 4x baby lichamelijk, 4x baby cognitief en 4x
babytaal. (= 12 kaarten). Bekijk ook eens het voorbeeld verder op in de opdracht. Noteer
wat je van deze opdracht hebt geleerd. Lever de opdracht digitaal in bij je docent. De
, docent verzamelt alle kwartetten en upload ze allemaal samen op MijnCapabel. Deze
kwartetten kan je als naslagwerk gebruiken tijdens je BPV-periode.
De speelkaarten
2