Week 1
Casus 1
Meneer O.W. is 54 jaar, getrouwd en heeft 3 volwassen dochters die niet meer
thuis wonen. Verder heeft hij 4 kleinkinderen. Hij is timmerman van beroep en
heeft een eigen bedrijf.
Op het moment van het eerste consult bij de fysiotherapeut heeft hij sinds 4
weken pijn in de rechter
schouder. Hij heeft daar vooral last van als hij bovenhands moet werken. Hij heeft
een klus gehad die wat tegenviel. Zodoende heeft hij gedurende 2 weken ook ’s
avonds moeten werken. Toen is het begonnen. Hij dacht eerst dat het vanzelf wel
weer over ging, maar het duurt hem nu toch wel wat te lang. Hij is naarzijn
huisarts geweest en deze heeft hem doorverwezen naar de fysiotherapeut.
Aangezien hij het nogal druk heeft, moet de fysiotherapeut hem zo gauw
mogelijk van zijn klachten afhelpen. Verder rijdt hij op de zaterdagmorgen met
een groepje op de racefiets om zijn algehele conditie watte onderhouden en om
te ontspannen. Hij moet daarbij al fietsende vaak even rechtop gaan zitten omdat
hij anders ook weer pijn in de schouder krijgt. De huisarts denkt aan een
subacromiaal impingement beeld. De huisarts heeft diclofenac voorgeschreven
en vraagt de fysiotherapeut om verder onderzoek en de daaruit voortvloeiende
behandeling.
3 hypothesen
Diagnose
Drie diagnostische groepen
1. schouderklachten mét passieve bewegingsbeperking, voornamelijk in exorotatie- en/of
abductierichting;
2. schouderklachten zónder passieve bewegingsbeperking en mét een pijnlijk traject in de
abductie;
3. overige schouderklachten zónder passieve bewegingsbeperking en zónder pijn in het
abductietraject
Bij klachten van mogelijk subacromiale aard, moet worden nagegaan of de
klachten berusten op inklemming en worden beoordeeld of er tekenen zijn van
een spier- of peesruptuur.
Diagnosegroep 1 Denk aan frozen shoulder en artrose van glenohumerale
gewricht
Diagnosegroep 2 subacromiaal impingement Teken van Neer & Hawkins-
Kennedy test integriteit van de rotator cuff Drop-arm test &
Jobe-test
Diagnosegroep 3 Denk aan instabiliteit van het glenohumerale gewricht of
stoornissen in het acromi0- of sterno-claviculaire gewricht,
CWK of CTO
* Impingement
- houding gerelateerd (schouders opgetrokken)
- scheurtje van labrum (vermindering van passieve stabiliteit)
- local stabilizers (vermindering van actieve stabiliteit)
* Frozen schoulder
, * immobiliteit in de CTO
- stenvers 4 test