Ondernemingsrecht week 1: introductie en personenvennootschappen, aandelen,
aandeelhouderschap en certificering van aandelen
Casus 1
Max, George en Anna zijn vennoten van de vennootschap onder firma ‘Slijterij ’t Fust’. George en
Anna hebben elk € 10.000 euro in contanten ingebracht. Max heeft een bestelbus met een waarde
van € 10.000 euro ingebracht. Daarnaast hebben zijn alle drie hun arbeid ingebracht. In het
vennootschapscontract hebben zij geen van de wet afwijkende afspraken gemaakt. De vof is
ingeschreven in het handelsregister. Anna koopt namens de vof voor € 2.000 bijzondere Twentse
wijnen in bij Wijncollectief Het Noaberschop. De rekening voor deze aankoop blijft ook na aanmaning
onbetaald.
1. Wie kan/kunnen door het Wijncollectief worden aangesproken tot betaling van de rekening
van € 2.000? voor welke delen?
De vennoten van de vof zijn hoofdelijk verbonden voor bevoegd verrichte handelingen namens
de vennootschap art. 17 jo art. 18 WvK. Art. 17 lid 1 en 2 WvK ze hebben geen andere afspraken
gemaakt dan het contract, dus zij was bevoegd tot het kopen van de wijnen. Het doel genoemd
in lid 2 valt onder de gekochte wijnen. Art. 18 WvK zegt dat een derde alle vennoten kan
aanspreken voor de gehele vordering. Ook kunnen ze de gehele vof aanspraken op grond van
arrest-Boeschoten/Besier, de vof heeft een afgescheiden vermogen en daarop kunnen zij ook de
vordering verhalen.
Interne draagplicht boek 7A
Externe draagplicht WvK
Een bedrijf onder gemeenschappelijke naam is een vof.
Als het niet was ingeschreven in het handelsregister hoe luidt het antwoord dan?
Je moet een vof in schrijven in het handelsregister, maar dan ben je wel allemaal aansprakelijk,
art. 23 jo art. 29 WvK. De sanctie is dus dat ze allemaal aansprakelijk zijn.
Als ze wel iets hadden afgesproken in het vennootschapscontract en Anna onbevoegd was?
Dan is alleen Anna gebonden, want in het register staat dat Anna onbevoegd is en het
wijncollectief had dat na kunnen gaan. De vennootschap heeft geen rechtspersoonlijkheid,
waardoor de vennoot zichzelf altijd bindt. Verhaal is alleen mogelijk op Anna. Art. 25 Hrgw
voor de derdenbescherming.
Stel dat George uit eigen middelen de rekening van € 2.000 voldoet aan het Wijncollectief. George
meent dat ook Max en Anna moeten meebetalen.
2. Kan George zich verhalen op Max en Anna? Zo nee, waarom niet? Zo ja, voor welk deel?
Ja, George kan zich verhalen op Anna voor het gehele bedrag. Het gaat hier om de interne
verhouding met betrekking tot de draagplicht. Indien handeling voor rekening komt van de
VOF/maatschap dragen de vennoten naar evenredigheid van hun inbreng, tenzij anders
overeengekomen (7A:1670 BW jo art. 15 WvK). Ze hebben allemaal even veel ingebracht en
dus allemaal 1/3 af moeten staan. In de casus blijkt niet dat er anders is overeengekomen.
Anna handelt binnen haar bevoegdheid, dus handelt zij voor rekening van de vof.
Beheershandelingen: 7A:1676 BW: handelingen die gelet op het doel tot de normale,
dagelijkse gang van zaken behoren.
,De echtgenote van Max heeft een goede baan in het buitenland gekregen. Het echtpaar besluit
daarom te emigreren. In verband hiermee wenst Max uit te treden als vennoot van de vof.
3. Kan Max uittreden uit de vof? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat zijn de gevolgen?
Art. 7A:1683 je kan opzeggen en art. 7A:1684 BW. Het is voor Max mogelijk om uit te treden
uit de vof. Dit zorgt voor ontbinding van de overeenkomst. Ze hebben geen afspraken
gemaakt die afwijken van de wet. Ze zouden dat wel nog kunnen doen en af te spreken
(contractsvrijheid). De overige vennoten kunnen het voortzetten als er een
voorzettingsbeding is gemaakt en voor de goederen geldt het verblijvensbeding.
4. Hoe luidt het antwoord op de vorige vraag indien de regeling opgenomen in het
Voorontwerp Wetsvoorstel personenvennootschappen in werking is getreden?
De uittreding van een vennoot leidt slechts tot ontbinding van de overeenkomst ten aanzien
van het gedeelte dat de uittredende vennoot betreft. Een voorzettingsbeding is niet meer
nodig, art. 813 en 814 van het voorontwerp Wetsvoorstel personenvennootschappen. De
vennootschap krijgt rechtspersoonlijkheid (makkelijker in de praktijk) dus behoren de
goederen toe aan de vennootschap en niet aan de vennoten zelf.
Stel dat Max inderdaad is uitgetreden en dat de vof wordt voortgezet door George en Anna. George
en Anna overwegen om de vof om te zetten in een besloten vennootschap (BV).
5. Hoe wordt (onder huidig recht) een vof omgezet in een BV? Welke (juridische) stappen
moeten daartoe worden gezet?
Naar huidig recht:
- BV oprichten, art. 2:175 BW. Art. 2:203 e.v. rechtshandelingen van het oprichten van de
BV;
- Ontbinding vof, art. 7A:1684 BW;
- Overdracht van het vermogen (als storting op aandelen en/of agio), zie vanaf art. 2:204a
BW.
Casus 2
De aandelen van Scheepsmakelaardij BV worden gehouden door vijf aandeelhouders, ieder voor
gelijke delen. Op de algemene vergadering, waartoe geldig is bijeen- en opgeroepen, ligt het voorstel
ter stemming voor om een drag along bepaling in de statuten op te nemen. (NB. Bij een drag along
bepaling zijn indien een aandeelhouder zijn aandelen verkoopt de mede-aandeelhouders ook
verplicht hun aandelen te verkopen. Op deze manier kan een koper alle aandelen in handen krijgen.)
Eén van de aandeelhouders, John, is het met het voorstel niet eens en stemt tegen; de overige
aandeelhouders stemmen voor het voorstel. De statuten bevatten geen van de wet afwijkende
bepalingen over statutenwijzing.
a. Wat zijn de gevolgen van het besluit van de algemene vergadering voor John en voor de
overdraagbaarheid van zijn aandelen?
Art. 2:231 BW algemene stemmen. De meerderheid van de leden van het orgaan moet vóór
het voorstel hebben gestemd. Daar wordt aan voldaan en er is geldig bijeengeroepen.
Hiermee wordt aan de voorwaarden voor het besluit voldaan. In de statuten is niks geregeld.
Art. 2:192 lid 1 BW het kan niet tegen de wil van de aandeelhouder worden gelegd, indien je
tegenstemt. Het besluit geldt dus niet voor John omdat de statuten gewijzigd zijn. John is
niet verbonden aan die verplichting. Dit geldt dus alleen voor oude aandeelhouders, de
nieuwe aandeelhouder wordt wel gebonden hieraan.
, Art. 2:192a BW, overdracht van de aandelen van John, indien iemand ze niet wilt overkopen.
De vof kan ze ook zelf kopen, indien iemand ze niet over wilt kopen tegen de waarde die
staat genoemd in dit artikel.
b. Wat zouden de redenen zijn om deze regeling in de statuten op te nemen in plaats van in
een aandeelhoudersovereenkomst?
- Flexibele overname;
- Art. 2:195 lid 4 BW;
- De statuten zijn openbaar, dus het is duidelijk voor buitenstanders;
- Een contract geldt alleen voor de personen die het hebben gesloten en de statuten voor
iedereen;
- Art. 2:192 lid 4 BW, aandeelhoudersrecht opschorten.
Casus 3
Jan is bestuurder en enig aandeelhouder van BV Z. Hij wil de werknemers van BV Z laten delen in de
winst van de vennootschap door hen al dan niet rechtstreeks te laten deelnemen in het
vennootschappelijk kapitaal. Daartoe is hij bereid nieuwe aandelen voor die werknemers uit te
geven. Jan staat voor de keuze tussen aandelen zonder stemrecht of certificaten van aandelen. Jan
wil in elk geval geen extra gedoe rond de algemene vergadering. Dat regelt hij altijd in z’n eentje.
Wat zou u Jan adviseren: aandelen zonder stemrecht of certificaten van aandelen?
Aandelen zonder stemrecht hebben geen recht om te stemmen in de vergadering, maar moeten wel
voor de algemene vergadering worden uitgenodigd (vergaderrecht). Ze hebben recht om mee te
praten en ze mogen stukken inzien.
Bij certificaathouders hebben ze alleen vergaderrechten als dit in de statuten is bepaald. Ze hebben
minder invloed en inmening dan stemrechtloze aandeelhouders. Het advies is dus certificaten van
aandelen.
Certificaten van aandelen, want bij aandelen zonder stemrecht geldt nog steeds het vergaderecht
van de aandeelhouders. Bij certificaathouders geldt dit slechts als dat in de statuten is bepaald. Zij
hebben dus minder invloed dan stemrecht loze aandeelhouders, art. 2:227 BW.