1) Wat maakte de opkomst van een stedelijke burgerij in de
Nederlandse gewesten mogelijk (1050-1302)
KA’S:
13. De opkomst van handel en ambacht die de basis legde voor het
herleven van een agrarisch urbane samenleving
14. De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende
zelfstandigheid van steden
SAMENGEVAT:
- Vanaf de 11e eeuw veranderde de landbouw, de bevolking groeide,
de handel bloeide op en er ontstond een monetaire economie.
- In het noorden ontwikkelde vooral Vlaanderen zich in Europa.
- Stedelingen kochten stadsrechten om zichzelf te beschermen op
economische belangen.
- Atrecht: een startpunt van de stedelijke dynamiek in de
Nederlandse gewesten.
- Atrecht kreeg een hoge machtspositie door hoge
landbouwproductiviteit, lakennijverheid, handelsnetwerken.
- 1300: Atrecht werd overvleugeld door Vlaamse steden zoals Brugge
en Gent.
- Brugge: Vlaamse stad met veel aansluiting door de Noordzee.
Handel met steden van de Hanze, Spanje, Italië.
2) Welke invloed hadden sociaaleconomische en politieke
ontwikkelingen op de positie van de stedelijke burgerij in de
Nederlandse gewesten (1302-1602)
KA’S:
14. De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende
zelfstandigheid van steden
17. Het begin van staatsvorming en centralisatie
21. De protestantse reformatie die de splitsing van de christelijke kerk in
West-Europa tot gevolg had
22. Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een
Nederlandse staat
SAMENGEVAT:
- 1300: Vlaanderen en Brabant vormen samen het economische
zwaartepunt van de Nederlandse gewesten.
, - Brugge: handelscentrum van Nederlandse gewesten. Eerste
koopmansbeurs werd hier gevestigd.
- 1400: Amsterdam werd een belangrijke voorhaven voor de
graanhandel met het Oostzeegebied.
- 1500: Particularisme van de Brabantse en Vlaamse steden begon te
botsen met het beleid van de Bourgondische hertogen.
- Antwerpen nam de centrale positie van Brugge over, mede door
handel in Spaanse en Portugese koloniën over te nemen.
- 1600: Habsburgse vorsten Karel de vijfde en Philips de tweede
zetten de centralisatiepolitiek door.
- 1585: Antwerpen verloor haar marktfunctie. Veel kapitaalkrachtige
inwoners vertrokken naar Holland
- 1602: oprichting VOC
3) In hoeverre bepaalde de burgerij de ontwikkelingen in de Republiek
in de Gouden Eeuw (1602)
KA’S:
23. Het streven van vorsten naar absolute macht
24. De bijzondere plaats in staatkundig opzicht en de bloei in economisch
en cultureel opzicht van de Nederlandse Republiek
25. Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van
een wereldeconomie
SAMENGEVAT:
- De Republiek ontwikkelde zich een oorlogseconomie. Dit zorgde
voor economische samenwerking en innovatie.
- Regenten zagen de strijd ook als een middel om de Spaanse
handelspositie af te zwakken.
- In Duitsland, Engeland en Frankrijk was er veel oorlog. Hierdoor kon
de Republiek de Europese tussenhandel en de wereldhandel
beheersen.
- Amsterdam groeide explosief door haar stapelmarkt functie, de
koopmansbeurs en de grachtengordel.
- Na 1648: Engeland en Frankrijk herstelden zich. Er was hierdoor
weer meer concurrentie en De Republiek kon lastiger producten aan
het buitenland verkopen. Na het rampjaar 1672 was de Gouden
Eeuw officieel ten einde.
SAMENVATTING BOEK
1) De opkomst van de stedelijke burgerij in de Nederlandse
gewesten