“Recht: systeem regels waarmee mens samenleving ordent. Soms staat er ook in
op welke manier je iets moet doen. Sommige regels opgeschreven in wetten.
Recht onderverdeeld disciplines: rechtstakken.
Ieder mens belangen die hij probeert te realiseren. In praktijk botsing belangen
anderen. Belangentegenstelling vaak basis niet omvangrijke juridische
problemen.
Eigenrichting: in geschil gelijk halen door zelf geweld te gebruiken. ‘’Recht
(economisch) sterkste’’ geldt dan. In beginsel alleen overheid (politie, leger)
recht m.b.v. geweld handhaven: monopolie rechtshandhaving m.b.v.
dwangmiddelen (geldboete, straf). Om onrechtmatige eigenrichting te
voorkomen kunnen partijen probleem voorleggen aan rechter.
1.2 Organisatie rechterlijke macht
In Nederland lagere rechters en hogere rechters: eigen terrein waarop zij
rechtspreken. Ze zijn lid zittende magistratuur, rechters blijven in rechtszaal
zitten.
Juridisch probleem eerst door lagere rechter in rechtbank bekeken en beoordeeld.
- Rechtbank: eerste gerecht. Meervoudige kamers met drie rechtsprekende
rechters, en enkelvoudige kamers één rechtsprekende rechter
(kantonrechter, politierechter).
- Als partij niet eens is vonnis, zaak aan hogere rechters voorleggen; in
hoger beroep gerechtshof. Rechters gerechtshof: raadsheren, ongeacht
geslacht. Meervoudige kamer (drie raadsheren). Eenvoudige zaken één
raadsheer.
- Als partij niet eens is met arrest: onder bepaalde voorwaarden mogelijk
geschil voor te leggen Hoge Raad (in cassatie). Hoge Raad vijf raadsheren.
Uitspraak: arrest.
In cassatie bij Hoge Raad anders dan in hoger beroep gaan bij gerechtshof. In
hoger beroep kijkt rechter nogmaals of rechter rechtbank feiten goed heeft
beoordeeld, voldoende bewijs is en of recht juist toegepast. Uitspraak
gerechtshof i.p.v. vonnis rechtbank. Door Hoge Raad niet opnieuw gekeken of
feiten kloppen, alleen of lagere rechter recht juist heeft toegepast. Als Hoge Raad
oordeelt dat recht niet goed is toegepast, zaak terugverwezen lagere rechter,
opnieuw uitspraak doen.
1.3 Sancties op het niet-naleven van rechtsregels
Doel recht: samenleving rechtvaardig, vreedzaam en efficiënt ordenen. Daartoe
sanctie niet-naleven rechtsregel: middel naleving voorschrift af te dwingen, straf.
College burgemeester en wethouders kan last onder dwangsom opleggen: elke
dag overtreding niet ongedaan, geldbedrag betalen.
Aangesproken partij niet eens besluit college burgemeester en wethouders: aan
rechter voorleggen.
Niet altijd sanctie op niet-naleven rechtsregel (1:249BW).
, 2.1 Onderscheid privaatrecht – publiekrecht
Privaatrecht gedeelte objectieve recht rechtsverhouding (rechts)personen.
Publiekrecht betrekking rechtsverhouding overheid en burgers. Het staats- en
bestuursrecht, strafrecht en recht EU deel publiekrecht.
- Bestuursrecht
Overheid o.a. taak wetten op gebieden bestuursrecht uit te voeren; milieu,
bouwen, sociale verzekeringen en belastingen. Bij uitvoering wetten nemen
bestuursorganen, zoals bestuur gemeente, provincie en rijksoverheid besluiten.
- Strafrecht
Als persoon verdacht strafbaar feit hebben gepleegd: strafrecht, zaak verdachte
en samenleving. Namens samenleving treedt Openbaar Ministerie op.
Vertegenwoordigd door officier van justitie.
Nuancering publiek- en privaatrecht. Rechtsverhouding overheid en burger soms
door privaatrecht beheerst, indien overheid als rechtspersoon rechtsverkeer
deelneemt. Publiekrecht is dus van toepassing als overheid handeling verricht die
uitsluitend door overheid verricht kan worden.
Voor onderscheid wijze rechtshandhaving van belang. Handhaving regels
privaatrecht ,partijen zelf overgelaten. Handhaving regels publiekrecht, aan
overheid voorbehouden.
2.2 Onderscheid materieel recht – formeel recht
Materiële recht bevat regels die rechten verlenen en verplichtingen opleggen.
Als conflict ontstaat beroep worden gedaan op formele recht (procesrecht).
Wetboek Burgerlijke Rechtsvordering geeft regels manier waarop regels materiële
privaatrecht gehandhaafd kunnen worden: regels die aangeven hoe iemand
privaatrechtelijke recht kan afdwingen tegenover anderen. Formele regels geven
aan welke rechter bevoegd is en of notariële akte voor bewijs gebruikt mag
worden.
Wetboek Strafvordering geeft regels voor wijze regels materiële strafrecht
gehandhaafd; betreft regels die aangeven hoe overheid verplichtingen uit
bijvoorbeeld Wetboek Strafrecht kan afdwingen. Regels procesrecht aangeduid
met formeel recht.