Werkcollege 1
Het verschil tussen overgewicht en obesitas benoemen.
Kinderen boven de 2 jaar dik zullen later ook dikker zijn.
Overgewicht: BMI boven de 25.
Obesitas: BMI boven de 30.
Obesitas grotere risico’s dan overgewicht. Minder functioneren van de
organen.
Diabetes, voorbeeld van een welvaartziekte.
Vet bij de buik is slechter dan rond de rest van het lichaam.
Vervetting: vet rondom een orgaan, bijvoorbeeld de lever, die dan minder
goed werkt.
Naast het BMI ook de Middelomtrek.
Middelomtrek vrouw: 88 cm.
Middelomtrek man: 102 cm.
Antropometrie: meten van het lichaam.
Energiebalans: de hoeveelheid die je binnenkrijgt en verbruikt aan energie.
Balans verstoord door te veel eten of weinig bewegen.
Beargumenteren welke feiten en fabels er zijn m.b.t overgewicht
en afvallen.
- Van bananen word je dik – nee. Ligt eraan hoeveel je er eet.
- Mensen met overgewicht hebben vaak een lage stofwisseling – nee. Bij
overgewicht juist vaak hoger.
- Door 1 glas cola per dag extra te drinken stijgt je gewicht met 4 kg per
jaar – Ja.
- Van sporten val je nauwelijks af – Ja. Van sporten alleen van je niet af,
om af te vallen moet je structureel dagelijks bewegen.
- Een trage schildklier is een belangrijke oorzaak van overgewicht – Ja.
Maar niet veel mensen hebben dit.
- Afvallen vertraagt de stofwisseling – Ja
- Gewichtsbehoud na het afvallen heeft weinig kans op succes – Ja
- Zitten is het nieuwe roken – Ja
De belangrijkste behandelmethoden voor overgewicht en obesitas
beschrijven.
Welke behandelmethoden voor overgewicht en obesitas zijn er en hoe
werken ze?
Behandelmethodes: diëten, chirurgische ingrepen en medicatie.
- shake dieet, paleo dieet, Ziekenhuis dieet, Sonja Bakker dieet,
koolhydraat armdieet, vetarm dieet, maagband, maagverkleining, maaltijd
vervangende producten.
Sonja bakker: Weinig calorieën (vooral in het begin), neemt later iets toe.
Maar blijft onder de 1600 calorieën.
Low Calorie dieet: 1000-1200 calorieën.
Onder de 1000 > Very Low Calorie dieet.
Crash dieet: Very Low Calorie.
>>Tabel werkcollege 2 literatuur.
Energiebeperkt dieet: goed vol te houden op langere termijn. Dit dieet
werkt het beste.
, Laagcalorisch dieet: Jojo effect, crash dieet. 50% houdt het maar vol.
Obesitas: chirurgische ingrepen zoals een maagverkleining, maagband.
Gewichtspillen: 1. Remmen je eetlust. (Soms in combinatie met
chirurgische ingreep of dieet.)
2. Richten zich op de vetinname. “Vet poep je uit.”
Onder de eetlustremmers: Stacker: Hardslag verhoogd, meer zweten >
Energie naar buiten, val je van af.
‘Afvallen door kou’, kost extra energie.
Diksap: zoet houden van kinderen.
Convenant gezond gewicht: JOGG
De belangrijkste oorzaken verklaren waarom mensen zwaarder
zijn geworden.
Waarom zijn mensen zwaarder geworden? Door de huidige maatschappij,
mensen zijn steeds minder gaan bewegen.
Benoemen welke factoren invloed hebben op het ontstaan van
hart- en vaatziekten. Risicofactoren hart en vaatziekten: hoog
cholesterol, lage bloeddruk, overgewicht, stress, roken, alcohol, weinig
bewegen.
Uitleggen wat onder verantwoord afvallen wordt verstaan.
Verantwoord afvallen: Langzaam aan: energiebeperkt dieet. Verantwoord
afvallen: onder begeleiding, meer bewegen en gedragsverandering.
Werkcollege 2
De belangrijkste kenmerken van een energiebeperkt dieet
benoemen.
Bij een energiebeperkt dieet wordt de inname van koolhydraten vet en
alcohol beperkt. Het energiebeperkt dieet is meestal het meest effectieve
dieet. Met een energiebeperkt dieet kan een gewichtsdaling van circa 5 (-
3,5 tot -7) kg in een jaar worden bereikt. Op een energiebeperkt dieet blijft
na vier tot vijf jaar een gewichtsdaling
van 3,5 kg behouden.
Verklaren welke voedingsstoffen welke rol spelen bij het afvallen.
Vetten: Een lage vetinname heeft tijdens een dieet een sterke relatie met
gewichtsverlies.
Een reductie van vet zonder een opgelegde caloriebeperking leidt tot een
reductie van de calorische inname (dosisresponsrelatie). Een dieet met 10
% minder vet leidt na een jaar tot een gewichtsverlies van 4-5 kg bij
personen met een BMI > 30 kg/m2.
Voedingsvezels: In de maag en darmen nemen vezels water op waardoor
ze in volume toenemen, de maag en darmen raken hierdoor meer gevuld
en je hongergevoel neemt af.
Een vezelrijk dieet verlaagt het LDL-cholesterol. Vezels verlagen de
opname van koolhydraten en suikers en leveren zelf geen tot nauwelijks
calorieën
Koolhydraten: Een belangrijk punt is dat koolhydraten in dranken geen
verzadigingsgevoel geven. Uit een onderzoek bleek dat of h0et dieet een
hoog of laag gehalte aan koolhydraten had niet van belang was.
Het effect van energiebeperking en lichamelijke activiteit op
afvallen beschrijven.