Bedrijfseconomie samenvatting H5-6-7-8-9 Havo
§5.1
Bij een verzekering verplicht de verzekeraar zich om tegen ontvangst van een
premie de verzekerde schadeloos te stellen wegens een verlies, schade of
gemis van verwacht voordeel door een onzeker ongeval.
Een schadeverzekering uitkering is nooit hoger dan het schadebedrag. Een
sommenverzekering is niet afhankelijk van verlies of schade maar van het
moment van het voorval.
§5.2
Schadeverzekeringen:
Brandverzekering, transportverzekering, bedrijfsschadeverzekering,
kredietverzekering, (product)aansprakelijkheidsverzekering en een
rechtsbijstandverzekering.
In geval van schade berekenen we de schade-uitkering.
- Schadebedrag = waarde van de verloren goederen
- Gezonde waarde= de waarde van alle verzekerde goederen voor de
schade ontstaat
- Verzekerde som= waarde waarvoor goederen zijn verzekerd
Verzekeringsbreuk = verzekerde som/gezonde waarde
Schade-uitkering = verzekeringsbreuk * schadebedrag
§5.3
Sommenverzekeringen:
Lijfrenteverzekering, pensioenverzekering, compagnonsverzekering,
levensverzekering.
§5.4
Een opleiding volgen is een investering in jezelf (human capital). De kans is
groot dat je hierdoor meer gaat verdienen. Het volgen van een studie is goed
voor jou, maar ook voor de maatschappij en de economische ontwikkeling in
een land.
1
, §5.5
Als je geld spaart bij de bank krijg je rente (interest). De hoogte van het
rentepercentage is afhankelijk van
-looptijd, hoe langer je spaart hoe hoger het rente%
-hoogte spaarbedrag, hoe hoger hoe hoger het rente%
-ontwikkeling op financiële markten
§6.1
Enkelvoudige interest is als je elke keer een even groot bedrag krijgt over je
beginbedrag. Het rentebedrag is elke periode even groot.
Samengestelde interest is rente over rente.
§6.2
Peruntage = 1 (i)
Percentage = 100 (%)
Promillage = 1000 (‰)
Voorbeeld:
Op 50e verjaardag opent ze een spaarrekening. Ze wilt 100.000
euro hebben als ze 65 is. Ze krijgt 2,4% samengestelde interest
per jaar. Hoeveel moet ze erop zetten?
Uitwerking:
Beginbedrag is onbekend. We noemen het bedrag C.
eindbedrag is na 15 jaar is €100.000,- met 2,4% samengestelde
interest.
C*1,02415 = €100.000,-
C= €100.000/1,02415 = €100.000/1,427247693 = €70.064,29
Het berekenen van een onbekende beginwaarde heet de
berekening van een contante waarde.
§6.4
Aflossen = terugbetalen
Schuldrest is wat je op een bepaald moment nog verschuldigd
bent.
§7.1
2
§5.1
Bij een verzekering verplicht de verzekeraar zich om tegen ontvangst van een
premie de verzekerde schadeloos te stellen wegens een verlies, schade of
gemis van verwacht voordeel door een onzeker ongeval.
Een schadeverzekering uitkering is nooit hoger dan het schadebedrag. Een
sommenverzekering is niet afhankelijk van verlies of schade maar van het
moment van het voorval.
§5.2
Schadeverzekeringen:
Brandverzekering, transportverzekering, bedrijfsschadeverzekering,
kredietverzekering, (product)aansprakelijkheidsverzekering en een
rechtsbijstandverzekering.
In geval van schade berekenen we de schade-uitkering.
- Schadebedrag = waarde van de verloren goederen
- Gezonde waarde= de waarde van alle verzekerde goederen voor de
schade ontstaat
- Verzekerde som= waarde waarvoor goederen zijn verzekerd
Verzekeringsbreuk = verzekerde som/gezonde waarde
Schade-uitkering = verzekeringsbreuk * schadebedrag
§5.3
Sommenverzekeringen:
Lijfrenteverzekering, pensioenverzekering, compagnonsverzekering,
levensverzekering.
§5.4
Een opleiding volgen is een investering in jezelf (human capital). De kans is
groot dat je hierdoor meer gaat verdienen. Het volgen van een studie is goed
voor jou, maar ook voor de maatschappij en de economische ontwikkeling in
een land.
1
, §5.5
Als je geld spaart bij de bank krijg je rente (interest). De hoogte van het
rentepercentage is afhankelijk van
-looptijd, hoe langer je spaart hoe hoger het rente%
-hoogte spaarbedrag, hoe hoger hoe hoger het rente%
-ontwikkeling op financiële markten
§6.1
Enkelvoudige interest is als je elke keer een even groot bedrag krijgt over je
beginbedrag. Het rentebedrag is elke periode even groot.
Samengestelde interest is rente over rente.
§6.2
Peruntage = 1 (i)
Percentage = 100 (%)
Promillage = 1000 (‰)
Voorbeeld:
Op 50e verjaardag opent ze een spaarrekening. Ze wilt 100.000
euro hebben als ze 65 is. Ze krijgt 2,4% samengestelde interest
per jaar. Hoeveel moet ze erop zetten?
Uitwerking:
Beginbedrag is onbekend. We noemen het bedrag C.
eindbedrag is na 15 jaar is €100.000,- met 2,4% samengestelde
interest.
C*1,02415 = €100.000,-
C= €100.000/1,02415 = €100.000/1,427247693 = €70.064,29
Het berekenen van een onbekende beginwaarde heet de
berekening van een contante waarde.
§6.4
Aflossen = terugbetalen
Schuldrest is wat je op een bepaald moment nog verschuldigd
bent.
§7.1
2