Hoorcollege 1
John Snow
Onderzoek Cholera
Occurence relation
Hoe hangt het ene samen met het ander
Data: aantal huishouden, aantal doden.
Je wilt weten: aantal doden/huishouden.
Achterkomen of het echt een associatie is:
Chi2 test doen. Significan verschil: p<0.05
Inseminatiesucces en conditiescore (geiten)
,Hoorcollege 2 maten voor betrouwbaarheid van diagnostiek in
individuen en koppels
Statistiek is onlosmakelijk verbonden met het hele wetenschappelijke onderzoek en vormt dus een
wezenlijk onderdeel van de wetenschappelijke redenering.
Dat begint met de onderzoeksvraag en de hypothesen die getoetst worden.
, Als illustratie nemen we een onderzoek waarin men geïnteresseerd is in de fractie asielhonden die
tandproblemen hebben.
Men nam een steekproef van 1445 honden uit de populatie van alle honden die in een bepaalde
periode in een Nederlands asiel zaten.
Van ieder dier wordt bepaald of er tandproblemen zijn of niet (0-1 data).
Deze data is verzameld omdat dat info geeft over de te toetsen hypothesen.
De hypothesen en de verzamelde data bepalen voor een groot deel wat er uitgerekend en hoe er
geredeneerd gaat worden (en dus bepalen ze de statistiek).
De onderzoekers willen bepaalde uitspraken kunnen doen over deze populatie.
Stel, uit het onderzoek in het verleden is gebleken dat de fractie asielhonden met tandproblemen
0.25 was. Voorlopig gaan we ervanuit dat dat nu ook nog geldt voor de populatie asielhonden.
Dit is dus een uitspraak over de populatie. De uitspraak zegt dat de populatiefractie 𝜋 gelijk is aan
0.25. het onderzoek gaat uitwijzen of het terecht is dat we ervanuit gaan dat de populatiefractie 0.25
is.
Stap 1: de hypothesen
John Snow
Onderzoek Cholera
Occurence relation
Hoe hangt het ene samen met het ander
Data: aantal huishouden, aantal doden.
Je wilt weten: aantal doden/huishouden.
Achterkomen of het echt een associatie is:
Chi2 test doen. Significan verschil: p<0.05
Inseminatiesucces en conditiescore (geiten)
,Hoorcollege 2 maten voor betrouwbaarheid van diagnostiek in
individuen en koppels
Statistiek is onlosmakelijk verbonden met het hele wetenschappelijke onderzoek en vormt dus een
wezenlijk onderdeel van de wetenschappelijke redenering.
Dat begint met de onderzoeksvraag en de hypothesen die getoetst worden.
, Als illustratie nemen we een onderzoek waarin men geïnteresseerd is in de fractie asielhonden die
tandproblemen hebben.
Men nam een steekproef van 1445 honden uit de populatie van alle honden die in een bepaalde
periode in een Nederlands asiel zaten.
Van ieder dier wordt bepaald of er tandproblemen zijn of niet (0-1 data).
Deze data is verzameld omdat dat info geeft over de te toetsen hypothesen.
De hypothesen en de verzamelde data bepalen voor een groot deel wat er uitgerekend en hoe er
geredeneerd gaat worden (en dus bepalen ze de statistiek).
De onderzoekers willen bepaalde uitspraken kunnen doen over deze populatie.
Stel, uit het onderzoek in het verleden is gebleken dat de fractie asielhonden met tandproblemen
0.25 was. Voorlopig gaan we ervanuit dat dat nu ook nog geldt voor de populatie asielhonden.
Dit is dus een uitspraak over de populatie. De uitspraak zegt dat de populatiefractie 𝜋 gelijk is aan
0.25. het onderzoek gaat uitwijzen of het terecht is dat we ervanuit gaan dat de populatiefractie 0.25
is.
Stap 1: de hypothesen