Hoofdtuk 8: Vergroening van het gemeenschappelijke landbouwbeleid.
Vergroening invoeren van verplichte vergroeningsmaatregelen als voorwaarde voor de toekenning
van de directe betalingen. De verplichte vergroeningsmaatregelen hebben betrekking op het milieu,
biodiversiteit en klimaat.
1989 lidstaten kregen de mogelijkheid om natuur- en milieuvoorwaarden te stellen aan het
ontvangen van LFA-betaling.
1992 door Mac-sharry hervormingen konden landbouwers actiever bijdragen aan de
hervormingen.
Hervorming GLB 1999 (Agenda 2000) tweepijler structuur milieu doelstellingen sterk verankert.
Cross Compliance sinds 2003:
sinds 2003 geldt voor elke GLB betaling dat er aan randvoorwaarden moet worden voldaan.
Strategie Europese Comissie:
- Landbouwers moeten voldoen aan minimumnormen op het gebied van milieu om voor een
volledige betaling in aanmerking te komen.
- Als samenleving vindt dat de landbouwers aan strengere eisen moet voldoen, dan moet de
samenleving dat zelf betalen.
3 onderdelen voorwaarden Cross Compliance:
- Landbouwers moeten aan wettelijke eisen voldoen
- Landbouwers moeten zich houden aan de normen om de grond in een goede landbouw- en
milieuconditie te houden
- Aandeel blijvend grasland op niveau van 2003 moet worden gehandhaafd
Cross compliance pijler 2 omvat het plattelandsbeleid, deze omvat:
- Agrarische natuurbeheersmaatregelen.
- Maatregelen voor eerste bebossing landbouwgrond
- Bijdrage aan probleemgebieden landbouw
Naar een groener GLB:
Voorstellen voor de periode 2014-2020:
- Economisch duurzame voedselproductie
- duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen
- evenwichtige gebiedsgerichte ontwikkeling
Voorstel 3 vergroeningsmaatregelen:
- Gewasdifersificatie minimaal 3 gewassen per bedrijf (minimaal 5% maximaal 70% oppervlakte per
gewas).
- Permanent grasland
- Ecologische aandachtsgebieden 7% van de totale oppervlakte landbouwgrond moet worden
aangewezen voor ecologisch beheer.
Extra betaling mogelijk voor boeren die in gebieden met een natuurlijke beperking hun bedrijf
hebben.
Vergroening invoeren van verplichte vergroeningsmaatregelen als voorwaarde voor de toekenning
van de directe betalingen. De verplichte vergroeningsmaatregelen hebben betrekking op het milieu,
biodiversiteit en klimaat.
1989 lidstaten kregen de mogelijkheid om natuur- en milieuvoorwaarden te stellen aan het
ontvangen van LFA-betaling.
1992 door Mac-sharry hervormingen konden landbouwers actiever bijdragen aan de
hervormingen.
Hervorming GLB 1999 (Agenda 2000) tweepijler structuur milieu doelstellingen sterk verankert.
Cross Compliance sinds 2003:
sinds 2003 geldt voor elke GLB betaling dat er aan randvoorwaarden moet worden voldaan.
Strategie Europese Comissie:
- Landbouwers moeten voldoen aan minimumnormen op het gebied van milieu om voor een
volledige betaling in aanmerking te komen.
- Als samenleving vindt dat de landbouwers aan strengere eisen moet voldoen, dan moet de
samenleving dat zelf betalen.
3 onderdelen voorwaarden Cross Compliance:
- Landbouwers moeten aan wettelijke eisen voldoen
- Landbouwers moeten zich houden aan de normen om de grond in een goede landbouw- en
milieuconditie te houden
- Aandeel blijvend grasland op niveau van 2003 moet worden gehandhaafd
Cross compliance pijler 2 omvat het plattelandsbeleid, deze omvat:
- Agrarische natuurbeheersmaatregelen.
- Maatregelen voor eerste bebossing landbouwgrond
- Bijdrage aan probleemgebieden landbouw
Naar een groener GLB:
Voorstellen voor de periode 2014-2020:
- Economisch duurzame voedselproductie
- duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen
- evenwichtige gebiedsgerichte ontwikkeling
Voorstel 3 vergroeningsmaatregelen:
- Gewasdifersificatie minimaal 3 gewassen per bedrijf (minimaal 5% maximaal 70% oppervlakte per
gewas).
- Permanent grasland
- Ecologische aandachtsgebieden 7% van de totale oppervlakte landbouwgrond moet worden
aangewezen voor ecologisch beheer.
Extra betaling mogelijk voor boeren die in gebieden met een natuurlijke beperking hun bedrijf
hebben.