§1.1
Het ontstaan van de Himalaya
- Platentektoniek: het bewegen van aardkorstplaten zo ontstaan gebergten.
- India zit nu vast aan Azië, maar vroeger niet:
o Pangea brak grote en kleine stukken aardkorst ontstaan
- De Indische plaat brak af met grote snelheid aangekomen in Azië
- Ontstaan Himalaya: Indische oceaanbodem (aardkorstplaat) dook onder
Euraziatische plaat vulkanisme ontstaan
o Daarna botste de rest van India tegen Eurazië Himalaya groeit!
Oceaanbodem of berg?
1. Rivieren die uitmonden in de oceaan nemen zand en klei mee
2. Klei en zand ligt nu op de grond van de oceaan
3. Door de beweging van de Indische plaat, krijg je veel druk op de
oceaanbodem
Dit zorgt ervoor dat klei en zand worden samengeperst
tot gesteente (+fossielen worden gevormd)
4. Plooiingsgebergte: 2 platen drukken tegen elkaar waardoor ze plooien tot een berg:
Himalaya
Oceaanplaat wordt dus eigenlijk een berg fossielen boven water.
Steen uit vulkanen
- Door magma dat vanuit de grond omhoog bewegen wordt de
grond omhooggeduwd = vulkanen
- Als magma niet uit de grond komt, gaat de magma stollen en
wordt het heel hard stollingsgesteente
Stollingsgesteente:
- Bijvoorbeeld graniet
- Is onregelmatig gevlekt
- Door het afslijten van het gesteente erboven kan je graniet aan het oppervlak zien.
Jonge en oude gebergten
- Hooggebergten/ jong gebergte = hoge toppen, diepe dalen (bijv. Himalaya)
o Slijtage is nog bezig, omdat niet al het gebergte op dezelfde level is
- Middelgebergte/oud gebergte = geen hoge pieken meer, maar platte omgeving
o Slijtage heeft zijn werk gedaan, al het gebergte is vlak
o Soms is het zelfs heuvelland omdat het zo laag en vlak is geworden
Hooggebergte (Himalaya) Middellandgebergte
(Schotse hooglanden
, §1.2
Reliëf = gebergten
Verwering = het afbreken van gesteente
Mechanische verwering:
1. Vorstverwering:
a. Regenwater tussen spleten en scheuren van een
steen
b. Als het gaat vriezen spleten worden groter + brokken steen breken af
2. Bij een woestijn:
a. Overdag: steen heel warm (zet uit)
b. ’s nachts: steen koelt heel hard af (krimpt in)
hierdoor breekt stukken steen af
3. Biologische verwering:
a. De wortels van een groeiende plant gaat in spleten steen
zitten
b. Als wortels dikker worden spleten worden groter
Chemische verwering:
Zuurstof en vocht op gesteente zorgt voor veranderen van gesteente:
- Warm en vochtig snelle reactie, dus breekt snel af
- Koud en droog langzame reactie, dus breekt minder snel af
Biologische
verwering
Grotten:
- Regenwater stroomt
- De wortels van planten maken water zuur
- Gesteente (bijvoorbeeld kalksteen) lost op door het zure water gangenstelsel
- Karstgebieden = gebied waarbij grote hoeveelheden steen zijn opgelost
Ontstaan grotten Chemische verwering
Het ontstaan van de Himalaya
- Platentektoniek: het bewegen van aardkorstplaten zo ontstaan gebergten.
- India zit nu vast aan Azië, maar vroeger niet:
o Pangea brak grote en kleine stukken aardkorst ontstaan
- De Indische plaat brak af met grote snelheid aangekomen in Azië
- Ontstaan Himalaya: Indische oceaanbodem (aardkorstplaat) dook onder
Euraziatische plaat vulkanisme ontstaan
o Daarna botste de rest van India tegen Eurazië Himalaya groeit!
Oceaanbodem of berg?
1. Rivieren die uitmonden in de oceaan nemen zand en klei mee
2. Klei en zand ligt nu op de grond van de oceaan
3. Door de beweging van de Indische plaat, krijg je veel druk op de
oceaanbodem
Dit zorgt ervoor dat klei en zand worden samengeperst
tot gesteente (+fossielen worden gevormd)
4. Plooiingsgebergte: 2 platen drukken tegen elkaar waardoor ze plooien tot een berg:
Himalaya
Oceaanplaat wordt dus eigenlijk een berg fossielen boven water.
Steen uit vulkanen
- Door magma dat vanuit de grond omhoog bewegen wordt de
grond omhooggeduwd = vulkanen
- Als magma niet uit de grond komt, gaat de magma stollen en
wordt het heel hard stollingsgesteente
Stollingsgesteente:
- Bijvoorbeeld graniet
- Is onregelmatig gevlekt
- Door het afslijten van het gesteente erboven kan je graniet aan het oppervlak zien.
Jonge en oude gebergten
- Hooggebergten/ jong gebergte = hoge toppen, diepe dalen (bijv. Himalaya)
o Slijtage is nog bezig, omdat niet al het gebergte op dezelfde level is
- Middelgebergte/oud gebergte = geen hoge pieken meer, maar platte omgeving
o Slijtage heeft zijn werk gedaan, al het gebergte is vlak
o Soms is het zelfs heuvelland omdat het zo laag en vlak is geworden
Hooggebergte (Himalaya) Middellandgebergte
(Schotse hooglanden
, §1.2
Reliëf = gebergten
Verwering = het afbreken van gesteente
Mechanische verwering:
1. Vorstverwering:
a. Regenwater tussen spleten en scheuren van een
steen
b. Als het gaat vriezen spleten worden groter + brokken steen breken af
2. Bij een woestijn:
a. Overdag: steen heel warm (zet uit)
b. ’s nachts: steen koelt heel hard af (krimpt in)
hierdoor breekt stukken steen af
3. Biologische verwering:
a. De wortels van een groeiende plant gaat in spleten steen
zitten
b. Als wortels dikker worden spleten worden groter
Chemische verwering:
Zuurstof en vocht op gesteente zorgt voor veranderen van gesteente:
- Warm en vochtig snelle reactie, dus breekt snel af
- Koud en droog langzame reactie, dus breekt minder snel af
Biologische
verwering
Grotten:
- Regenwater stroomt
- De wortels van planten maken water zuur
- Gesteente (bijvoorbeeld kalksteen) lost op door het zure water gangenstelsel
- Karstgebieden = gebied waarbij grote hoeveelheden steen zijn opgelost
Ontstaan grotten Chemische verwering