Bestuurslagen voor veiligheidsbeleid:
o Rijk
o Provincie
o Gemeente
- Organisaties die geen aparte laag vormen: waterschap, veiligheidsregio’s, Europese
Unie
Staat en veiligheidsbeleid:
- Gedecentraliseerde eenheidsstaat:
o Decentraal: aan lagere bestuurslagen zijn bevoegdheden toegekend om
bepaalde wetgevende en bestuurlijke taken uit te voeren
o Eenheidsstaat: Rijk draagt zorg voor wet- en regelgeving die voor het hele
land geldt en zorgt voor centraal toezicht
- Beperkte beleidsvrijheid: staat moet handelen binnen de kaders van internationale en
nationale wetgeving
- Belangrijke rol weggelegd voor ministeries en organisaties die daaronder vallen
o Justitie en Veiligheid: Immigratie- en Naturalisatie Dienst, Centraal Orgaan
opvang Asielzoekers, Nationaal Cyber Security Centrum, Nationaal
Coördinator Terrorisme en Veiligheid…
➢ Zorg dragen voor een veiliger en rechtvaardiger samenleving
o Infrastructuur en Waterstaat: Rijkswaterstaat, KNMI, Planbureau voor de
Leefomgeving…
➢ Balans tussen leefbaarheid, mobiliteit en veiligheid bewaren
o Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Algemene Inlichtingen- en
VeiligheidsDienst
➢ Kernwaarden democratie borgen; veilig wonen
o Volksgezondheid, Welzijn en Sport & Economische Zaken: Nederlandse
Voedsel en Waren Autoriteit
o Defensie: Militaire Inlichtingen- en VeiligheidsDienst
o Sociale Zaken en werkgelegenheid: arbeidsveiligheid
o Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: ondersteunt instellingen in het bestrijden
van veiligheidsrisico’s
o Buitenlandse Zaken: internationale vrede en veiligheid
Leiding ministeries:
o Politieke leiding: minister & staatssecretaris(sen)
o Ambtelijke leiding: Secretaris-Generaal en Directeuren-Generaal
• Directeur-Generaal: verantwoordelijk voor verzameling directies die werken
aan een gemeenschappelijk doel of thema
, Veiligheidsbeleid op lokaal niveau: Gemeenten
- Regierol: sturing op de selectie en aanpak van veiligheidsthema’s, samenwerking en
nakoming van afspraken, tussentijdse evaluatie en doorontwikkeling van de aanpak
➢ Rol als voortrekker die gemeente op zich neemt
- Algemene Plaatselijke Verordening (APV): wettelijke regels die alleen in de
betreffende gemeente van kracht zijn
➢ Meestal gebaseerd op model-APV
- Wet Bibob: stelt gemeente in staat tot de aanpak van georganiseerde criminaliteit, met
name tegen het door de onderwereld binnendringen van de bovenwereld
(ondermijning)
- Velden gemeentelijk veiligheidsbeleid
o Veilige woon- en leefomgeving
o Bedrijvigheid en veiligheid
o Jeugd en veiligheid
o Fysieke veiligheid
o Integriteit en veiligheid
- Actoren:
o Gemeenteraad: burgers die besluiten nemen
➢ Democratisch controleorgaan
o College van Burgemeesters en Wethouders (B&W): bereidt besluiten van de
raad voor en voert ze uit
➢ Dagelijks bestuur
o Burgemeester: voorzitter raad en B&W
o Ambtenaren
- Types beleidsvoering: meestal wordt gekozen voor de middenweg
o Sectorbeleid: aparte afdeling waar alle veiligheidsbeleid wordt voorbereid
o Facetbeleid: alle afdeling besteden aandacht aan veiligheid
Horizontale factor in veiligheidsbeleid:
- Afstemming tussen overheden en niet-overheidsactoren
- Genereren van steun/draagvlak bij degenen op wie het beleid is gericht, door…
o Participatie bij voorbereiding besluit
o Beroep doen op gedeeld belang
o Tegenstellingen in probleempercepties overbruggen of temperen
- Taak voor IVK’er: samenwerking faciliteren
➢ Voor weerbarstige (wicked) problemen zijn verschillende perspectieven
nodig om tot een oplossing te komen