Maatschappijleer aantekeningen
Parlementaire democratie
- Democratie: demos (volk) en Kratein (regeren)
- In een parlement discussiëren vergaderen volksvertegenwoordigers en regeringsleden
- Controlerende macht: het parlement controleert regering
- De politiek:
Neemt de besluiten om een land te bestuderen
o Welvaart
o Volksgezondheid
o Buitenlandse betrekking
De besluitvorming kan direct zijn
o Het referendum (volksraadpleging) is een directe vorm van democratie
Besluitvorming kan ook indirect
o Parlementaire democratie
- Nederland is een gedecentraliseerde staat:
Besluitvorming vindt ook plaats op provinciaal en gemeenschappelijk niveau
De leden van elk orgaan
worden gekozen door
geheime stemming
- Vanaf 18 jaar heb je zowel het passief
als het actief kiesrecht:
Passief: er wordt op je
gestemd
Actief: je mag stemmen
- Begrippen
Parlement
Statengeneraal
Volksvertegenwoordiging
1e en 2e kamer
= landelijk niveau
- Bij een dictatuur heeft 1 persoon of 1 groep de macht
, Paragraaf 2
- Ideologie: hoe moet een samenleving bestuurd worden, idee dat ten grondslag ligt aan het
politiek handelen
- Elke ideologie heeft visie op:
Waarden en normen
Sociaal economische verhoudingen
Machtsverdeling
- Stromingen
Socialisme links
Liberalisme rechts
Confessionalisme
Paragraaf 3
- Politieke stroming: totaal van mensen die (ong.) hetzelfde denken
- Politieke partij: onderdeel van stroming die een bepaald doel wil bereiken
Verschillende soorten partijen
o Populistisch
o One-issue
o (niet) democratisch
- Actiegroep: dmv acties doel te bereiken (handtekeningen, demonstreren)
- Belangenorganisatie: komt op voor de belangen van de leden (vb: vakbond, anwb)
Paragraaf 4
- 4 verkiezingen
5 (gekozen) bestuurslagen
1. Europees
2. Landelijk
3. Provinciaal
4. Gemeentelijk
5. Waterschappen
- Niet alle (partij) leden zijn actief, er zijn ook sympathisanten. Meestal begin je op
gemeenschappelijk niveau om op landelijk niveau te komen
- Lijsttrekker: bovenaan, trekt de kiezers aan
- Lijstduwer: bekende naam
- Partijvoorzitter: iemand die de partij voorzit
- Fractieleider: voorzitter van de mensen die in 2 e kamer zit van een partij
- Voorkeursstemmen: goed je best doen, actief zijn op bijv. socials
- Evenredige vertegenwoordiging: als je 10% van de stemmen hebt krijg je 10% van de zetels
- Senaat: 1e kamer (wordt gekozen door provinciale staten)
- Demissionair kabinet: kabinet zonder missie
- Spindocter: een media adviseur
Parlementaire democratie
- Democratie: demos (volk) en Kratein (regeren)
- In een parlement discussiëren vergaderen volksvertegenwoordigers en regeringsleden
- Controlerende macht: het parlement controleert regering
- De politiek:
Neemt de besluiten om een land te bestuderen
o Welvaart
o Volksgezondheid
o Buitenlandse betrekking
De besluitvorming kan direct zijn
o Het referendum (volksraadpleging) is een directe vorm van democratie
Besluitvorming kan ook indirect
o Parlementaire democratie
- Nederland is een gedecentraliseerde staat:
Besluitvorming vindt ook plaats op provinciaal en gemeenschappelijk niveau
De leden van elk orgaan
worden gekozen door
geheime stemming
- Vanaf 18 jaar heb je zowel het passief
als het actief kiesrecht:
Passief: er wordt op je
gestemd
Actief: je mag stemmen
- Begrippen
Parlement
Statengeneraal
Volksvertegenwoordiging
1e en 2e kamer
= landelijk niveau
- Bij een dictatuur heeft 1 persoon of 1 groep de macht
, Paragraaf 2
- Ideologie: hoe moet een samenleving bestuurd worden, idee dat ten grondslag ligt aan het
politiek handelen
- Elke ideologie heeft visie op:
Waarden en normen
Sociaal economische verhoudingen
Machtsverdeling
- Stromingen
Socialisme links
Liberalisme rechts
Confessionalisme
Paragraaf 3
- Politieke stroming: totaal van mensen die (ong.) hetzelfde denken
- Politieke partij: onderdeel van stroming die een bepaald doel wil bereiken
Verschillende soorten partijen
o Populistisch
o One-issue
o (niet) democratisch
- Actiegroep: dmv acties doel te bereiken (handtekeningen, demonstreren)
- Belangenorganisatie: komt op voor de belangen van de leden (vb: vakbond, anwb)
Paragraaf 4
- 4 verkiezingen
5 (gekozen) bestuurslagen
1. Europees
2. Landelijk
3. Provinciaal
4. Gemeentelijk
5. Waterschappen
- Niet alle (partij) leden zijn actief, er zijn ook sympathisanten. Meestal begin je op
gemeenschappelijk niveau om op landelijk niveau te komen
- Lijsttrekker: bovenaan, trekt de kiezers aan
- Lijstduwer: bekende naam
- Partijvoorzitter: iemand die de partij voorzit
- Fractieleider: voorzitter van de mensen die in 2 e kamer zit van een partij
- Voorkeursstemmen: goed je best doen, actief zijn op bijv. socials
- Evenredige vertegenwoordiging: als je 10% van de stemmen hebt krijg je 10% van de zetels
- Senaat: 1e kamer (wordt gekozen door provinciale staten)
- Demissionair kabinet: kabinet zonder missie
- Spindocter: een media adviseur