Hoorcollege 1 - Introductie
Beleidscyclus: stappenplan beleid
1. Agendering = aankaarten situatie
2. Formulering = beleid maken
3. Vaststellen = vaststellen wel/niet implementeren
4. Implementatie = uitvoeren
5. Evaluatie = effectiviteit onderzoeken
● 1.1 Type beleidsevaluatie
Formatieve beleidsevaluatie: vóór beleidsuitvoering
Summatieve beleidsevaluatie: na beleidsuitvoering
3 soorten beleidsevaluatie
Tijdstip Hardheid Functie
1) Ex ante Vooraf Weinig empirisch; Ondersteunt beleidsmaker
inschatten & voorspellen in juiste keuze interventie
2) Ex tempore / durante Tijdens Eerste conclusies met Bijsturen beleid, beperk
inschatting neveneffecten neveneffect
3) Ex post Achteraf Empirisch onderzoek met Verantwoording beleid en
harde conclusies eventueel verbeteren
→ Verschillen van elkaar door middel van tijd, hardheid uitspraak (onderbouwd empirisch bewijs),
functie (doel).
● 1.2 Toename beleidsevaluaties
Trend → Evidence based policy (minder politiek geworden, meer kernwaarde), ook wel good
management.
New public management:
- Efficiënt
- Business like (organisaties goed op orde)
- Accountability: verantwoorden dat er juiste keuzes worden gemaakt
Hoe is de trend ontstaan?
Wave 1
Jaren 60 en 70 in USA & Noordwest Europa
Forse toename economie → beleid als correctie van open markt (hiervoor was empirisch bewijs
nodig)
- Toename vraag empirische en stat. info. (randomized experiment)
Wave 2
Jaren 90, Ministers en beleidsorganisaties willen efficiëntie , daarbij verantwoording nemen
(accountability) door evaluatie.
- Kritiek afnemen in EU
, → EU Budget herverdeeld
→ Evaluatie (in beleidsvelden EU, Wordt het geld wel goed gebruikt?)
New public management: goedwerkend beleid met zo min mogelijk kosten en WO-bewijs.
3 kritiekpunten op huidige beleidsevaluatie onderzoek
1. Gebrek fundamenteel onderzoek = Tekort aan ex ante onderzoek, daarbij geen systematisch
protocol hoe, wie, wat gedaan wordt; maar incidenteel.
2. Gebrek aan constructivisme = “gewone” burger wordt niet betrokken; sociale aspect komt
nauwelijks aan bod. Maar hoe werkt beleid voor verschillende doelgroepen?
3. Praktijkgericht = belangen van overheden of stakeholders invloed op beleid uitkomst
● 1.3 Context
Fundamenteel onderzoek: ex ante + ex post manier om te leren over effectief beleid → policy
learning.
Waarom wordt er niet altijd fundamenteel onderzoek gedaan? 3 redenen hiervoor
1. Procedural = beperkte procedures binnen complexe organisaties; onduidelijk wie wat doet.
2. Political = Politici dwarsbomen → hebben belang bij dat er geen rapport is; kunnen negatief
rapport niet verantwoorden
3. Institutional = Gebrek aan instituties en organisaties die evaluatieonderzoek uitvoeren
Weerbarstige beleidspraktijk
“framing” → Wie bepaald het probleem?
Belangrijke actoren waardoor beleid gevormd wordt: Politici, beleidsmakers, media, doelgroep en
lobbyisten.
Probleem of mediahype?
- Definities van wat ‘problematisch’ is veranderen
- Merk op: soms hebben sommige actoren er belang bij om iets als ‘probleem’ te benoemen
- Wees dus kritisch! Ga na of / waarom iets een probleem is!
Verschil tussen beleidsonderzoek en fundamenteel onderzoek:
- Bij fundamenteel onderzoek heb je een opdrachtgever in plaats van financier
- Wetenschappers, maar ook consultants
- Belangen staan los van fundamenteel onderzoek
Evaluatie in de weerbarstige beleidspraktijk
→ Actoren met belangen en afhankelijkheden
→ Evaluatie design
→ Wat gebeurt er met de evaluatie?
Hoorcollege 2 - Realistisch evalueren
Realistisch evalueren: Waarom? Welke mechanismen liggen ten grondslag?
Het onderliggende sociale mechanisme dat verklaart waarom X op Y werkt.
Beleidscyclus: stappenplan beleid
1. Agendering = aankaarten situatie
2. Formulering = beleid maken
3. Vaststellen = vaststellen wel/niet implementeren
4. Implementatie = uitvoeren
5. Evaluatie = effectiviteit onderzoeken
● 1.1 Type beleidsevaluatie
Formatieve beleidsevaluatie: vóór beleidsuitvoering
Summatieve beleidsevaluatie: na beleidsuitvoering
3 soorten beleidsevaluatie
Tijdstip Hardheid Functie
1) Ex ante Vooraf Weinig empirisch; Ondersteunt beleidsmaker
inschatten & voorspellen in juiste keuze interventie
2) Ex tempore / durante Tijdens Eerste conclusies met Bijsturen beleid, beperk
inschatting neveneffecten neveneffect
3) Ex post Achteraf Empirisch onderzoek met Verantwoording beleid en
harde conclusies eventueel verbeteren
→ Verschillen van elkaar door middel van tijd, hardheid uitspraak (onderbouwd empirisch bewijs),
functie (doel).
● 1.2 Toename beleidsevaluaties
Trend → Evidence based policy (minder politiek geworden, meer kernwaarde), ook wel good
management.
New public management:
- Efficiënt
- Business like (organisaties goed op orde)
- Accountability: verantwoorden dat er juiste keuzes worden gemaakt
Hoe is de trend ontstaan?
Wave 1
Jaren 60 en 70 in USA & Noordwest Europa
Forse toename economie → beleid als correctie van open markt (hiervoor was empirisch bewijs
nodig)
- Toename vraag empirische en stat. info. (randomized experiment)
Wave 2
Jaren 90, Ministers en beleidsorganisaties willen efficiëntie , daarbij verantwoording nemen
(accountability) door evaluatie.
- Kritiek afnemen in EU
, → EU Budget herverdeeld
→ Evaluatie (in beleidsvelden EU, Wordt het geld wel goed gebruikt?)
New public management: goedwerkend beleid met zo min mogelijk kosten en WO-bewijs.
3 kritiekpunten op huidige beleidsevaluatie onderzoek
1. Gebrek fundamenteel onderzoek = Tekort aan ex ante onderzoek, daarbij geen systematisch
protocol hoe, wie, wat gedaan wordt; maar incidenteel.
2. Gebrek aan constructivisme = “gewone” burger wordt niet betrokken; sociale aspect komt
nauwelijks aan bod. Maar hoe werkt beleid voor verschillende doelgroepen?
3. Praktijkgericht = belangen van overheden of stakeholders invloed op beleid uitkomst
● 1.3 Context
Fundamenteel onderzoek: ex ante + ex post manier om te leren over effectief beleid → policy
learning.
Waarom wordt er niet altijd fundamenteel onderzoek gedaan? 3 redenen hiervoor
1. Procedural = beperkte procedures binnen complexe organisaties; onduidelijk wie wat doet.
2. Political = Politici dwarsbomen → hebben belang bij dat er geen rapport is; kunnen negatief
rapport niet verantwoorden
3. Institutional = Gebrek aan instituties en organisaties die evaluatieonderzoek uitvoeren
Weerbarstige beleidspraktijk
“framing” → Wie bepaald het probleem?
Belangrijke actoren waardoor beleid gevormd wordt: Politici, beleidsmakers, media, doelgroep en
lobbyisten.
Probleem of mediahype?
- Definities van wat ‘problematisch’ is veranderen
- Merk op: soms hebben sommige actoren er belang bij om iets als ‘probleem’ te benoemen
- Wees dus kritisch! Ga na of / waarom iets een probleem is!
Verschil tussen beleidsonderzoek en fundamenteel onderzoek:
- Bij fundamenteel onderzoek heb je een opdrachtgever in plaats van financier
- Wetenschappers, maar ook consultants
- Belangen staan los van fundamenteel onderzoek
Evaluatie in de weerbarstige beleidspraktijk
→ Actoren met belangen en afhankelijkheden
→ Evaluatie design
→ Wat gebeurt er met de evaluatie?
Hoorcollege 2 - Realistisch evalueren
Realistisch evalueren: Waarom? Welke mechanismen liggen ten grondslag?
Het onderliggende sociale mechanisme dat verklaart waarom X op Y werkt.