Uitwerkingen bijeenkomsten
2014-2015
Index
Week 1: Belastingplicht particulieren 1
Taak 1.1 1
Taak 1.2 5
Taak 1.3 6
Week 2: Niet-zelfstandige arbeid 9
Taak 2.1 9
Taak 2.2 11
Week 3: Vermogen buiten de onderneming 13
Taak 3.1 13
Taak 3.2 19
Week 4: Multinationale ondernemingen I 22
Taak 4.1 22
Week 5: Multinationale ondernemingen II 24
Taak 5.1 24
Week 6: Methoden ter voorkoming van dubbele belasting I 32
Taak 6.1 32
Taak 6.2 35
Taak 6.3 37
Week 7: Methoden ter voorkoming van dubbele belasting II 39
Taak 7.1 39
Taak 7.2 41
, W EEK 1 B ELASTINGPLICHT PARTICULIEREN
Overzicht van onderwerpen
− Binnenlandse en buitenlandse belastingplicht (Hoofdstuk 2 Wet IB 2001, art. 3 Uitv. Reg.Wet IB 2001)
− Woonplaats particulieren (art. 4 AWR; art. 4 OESO MV)
− Kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen (art.7.8 Wet IB 2001, art. 21bis UBIB 2001)
− EU-rechtelijk non-discriminatiebeginsel (jurisprudentie)
Taak 1.1
1. Wat zijn de vier fundamentele vrijheden van verkeer in de EU?
• Vrij verkeer van kapitaal (art. 63 VWEU)
• Vrij verkeer van goederen (art 28 VWEU)
• Vrij verkeer van diensten (art. 56 VWEU)
• Vrij verkeer van personen
o Vrij verkeer van werknemers (art. 45 VWEU)
o Vrijheid van vestiging (art. 49 VWEU)
2. Op welke belastingbeginselen zijn de binnenlandse en de buitenlandse belastingplicht
gebaseerd?
• Binnenlandse belastingplicht à woonland-/vestigingsplaatsbeginsel &
nationaliteit
Alleen de personen die woonachtig/gevestigd zijn in Nederland worden belast.
• Buitenlandse belastingplicht à bronlandbeginsel.
Alleen de personen die inkomen genieten welke opkomt uit bepaalde specifiek
omschreven bronnen die een bijzondere band met Nederland hebben worden
belast.
3. Onder welke omstandigheden is een persoon binnenlands belastingplichtig voor de
Wet IB 2001?
Art 2.1 lid 1 sub a Wet IB: wanneer men in Nederland woont. De woonplaats wordt
naar omstandigheden bepaald (art 4 AWR). Het gaat om de duurzame betrekking van
persoonlijke aard.
Hierbij geldt:
− Verblijven is nog geen wonen (Hooiberg-arrest BNB 2002/85)
− Je moet duurzaam de beschikking hebben over een écht verblijf in een
geschikte woning.
− De band met Nederland hoeft niet perse sterker te zijn dan met het andere
land.
− Het maakt niet uit of je woont op basis van een zakelijk recht (eigendom) of
een persoonlijk recht (huur). Men kijkt naar de feitelijke situatie, niet de
juridische/formele situatie (BNB 2004/264)
Bekijk feiten en omstandigheden. Factoren:
• Waar heeft hij een woning?
• Waar wonen partner en kinderen?
• Waar is hij lid van een vereniging?
• Waar oefent hij hobby’s uit?
• Waar ontvangt hij de krant?
1