KA:
- De levenswijze van jagers en verzamelaars
- Het ontstaan van landbouw en landbouwsamenleving.
Traditioneel: prehistorie
Samenleving: nomadisch agrarische revolutie agrarisch
De ontwikkeling van de mens:
1. Hominiden, aapachtige stamvader
2. Australopithecus, zuidelijke mensaap= loopt rechtop dus handen al
vrij.
3. Homo habilis, de handige mens= zelf al werktuigen maken
4. Homo erectus= Neaderthaler, de recht opgaande mens
5. Homo sapiens, de denkende mens= de Cro-magnon mens
Indeling in tijden:
o De oude steentijd: er waren alleen maar jagers hier.
Koud
Rendierjagers
Het rendier was het hoofdvoedsel
Beschikken over vuursteen-= vuursteen werktuigen.
Dagelijkse bezigheden hangen af van het rendier, verplaatsing
Zomer in de buurt van landijs (zit in het noorden, hoog) Denemarken
bijvoorbeeld, en in de winter in Noord-Nederland.
o De midden steentijd: er waren hier nog steeds alleen maar jagers.
Relatief warm
Rijk jacht- en visterrein
Jagers en verzamelaars
Jagers hadden een nomadische leefwijze, kenmerken:
Voedsel door verzamelen, jagen en vissen.
Mensen wonen in tijdelijke kampementen
Mensen volgden kuddedieren
Ongeveer 25 mand per groep
Seks gebonden dus mannen jagen en vrouwen verzamelen.
70% van het voedsel afkomstig van verzamelen.
Sporen die bleven, zijn sporen van kampementen
1
, o De nieuwe steentijd: de boeren komen. De samenleving verandert van jagen naar
boeren.
Boeren: agrarische leefwijze
Kenmerken:
Landbouw en veeteelt zorgen (aangevuld met jacht en visserij) voor het
levensonderhoud
De woonplaats van de mensen heeft nu een meer definitief karakter
Hulpmiddelen voor landbouw en veeteelt, worden in eerste instantie zelf
vervaardigd; pas geleidelijk ontstaat er arbeidsverdeling (specialisatie)
De bezitsverhoudingen van de grond bepalen de sociale structuur.
Twee soorten eerste boeren in NL:
1. Bandkeramiekers
Zuid Limburg (vruchtbaar löss)
Eerste landbouwers
Akkerbouw, veeteelt, jacht, visserij en voedsel verzamelen
Lange, rechthoekige huizen
Gepolijste werktuigen
Bolvormige potten en schalen met geometrische vormen.
Er waren dus potten. Dit kan alleen bij boeren omdat je
deze moet bakken in een oven.
Geloofden in een leven na de dood. Er zijn graven
gevonden met giften erbij. Mensen kregen voedsel en werktuigen mee in het graf.
2. Hunebedbouwers (trechterbekercultuur)
Trechterbreker vormige potten
Deze potten worden gevuld met eten en meegegeven aan de
doden in de hunebedden.
Drenthe
Groepen van ongeveer 20 man in 3 woningen.
In tegenstelling tot de bandceramiekers hebben de hunebedbouwers geen sporen
achterlaten van de woningen.
Houden geiten, runderen en schapen en jagen nog steeds.
Akkerbouw levert het meeste voedsel op.
Veel gebruiksvoorwerpen gemaakt van vuursteen
Hunebedden zijn niet alleen grafkamers maar ook een rituele centra waar word
gecommuniceerd met de voorouders.
o Bronstijd - in de Lage landen
90% koper en 10% tin, veels sterker dan 100% koper.
Maken van voorwerpen in bros heeft kennis nodig specialisatie=
bronsgieter. En door importeren van bros levendige handel in EU
2