Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Begrippenlijst E week minor high care volwassenen

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
5
Geüpload op
11-01-2023
Geschreven in
2022/2023

Alle informatie die je nodig hebt met betrekking tot anesthesie!

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Begrippenlijst E
GHOR
De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) leidt en coördineert de
geneeskundige hulpverlening bij rampen en crises. Het is belangrijk om in crisissituaties het werk
van al die verschillende organisaties goed te organiseren. Daarom hebben we in Nederland de
GHOR.

GRIP staat voor Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdingsprocedure. De GRIP structuur is in
het leven geroepen om de opschaling van de hulpverleningsdiensten ordentelijk te organiseren.
GRIP heeft betrekking op de organisatie van de rampenbestrijding en crisisbeheersing door de
hulpverleningsdiensten van de veiligheidsregio. De GRIP structuur is in het leven geroepen om de
opschaling van de hulpverleningsdiensten ordentelijk te organiseren.
De opschalingsniveaus zijn
 GRIP 1: Bronbestrijding.
 GRIP 2: Bronbestrijding -en effectgebied.
 GRIP 3: Bedreiging van welzijn van bevolking.
 GRIP 4: Gemeenteoverschrijdend incident.
 GRIP 5: Bovenregionaal incident.

MKA
De MKA speelt een centrale rol in het proces ambulancezorg. De MKA stelt vast of ambulancezorg
noodzakelijk of gewenst is en met welke urgentie. Vervolgens zorgt de MKA ervoor dat de juiste
(ambulance)zorg op het juiste moment en op de juiste plaats wordt ingezet. Indien noodzakelijk
geeft de MKA de melder instructies hoe te handelen tijdens het wachten op de ambulance. Tot slot
ondersteunt de MKA het ambulanceteam onderweg en ter plaatse. De MKA is hiermee de
regisseur van de ambulancezorg en heeft een poortwachtersfunctie bij de toegang tot de acute
zorg.

Observaties, controles en interventies bij postoperatieve
chirurgische-/traumapatiënten
 Observaties  draininsteek + productie, wond + productie wondvocht, doorbloeding
extremiteiten en bij neurochirurgie sensibiliteit.
 Controles  vitale functies/pijnscore + eventueel neurocontroles (EMV, pupil en kracht).
 Complicaties  flebitis, nabloeding/naatlekkage, pneumonie en littekenbreuk.

 Pancreaskop  bloedsuiker meten.
 Oesophagus  oedeemvorming (drukt op de luchtpijn), naadlekkage.
 Trauma  grote kans op bedreigde A = intuberen.
 Thoraxletsel  belangrijk goed door te ademen, daarom pijnstilling geven.
 Zwaartvormig aanhangsel kapot (thoraxletsel) = met reanimatie, belangrijk pijnmedicatie te
geven.
 De thymus kan de funtie van de mild overnemen.
 Femurfractuur = risico op vetlekkage (ruiterembolie).
 Normale hoeveelheid bloed man/vrouw = ongeveer 5/6 liter.
 Hoeveel bloed kun je verliezen voordat je in shock raakt? 3 liter bloed.

Anesthesie
 Algeheel  patiënt is in slaap. Medicatie combinatie van bewustzijnsverlaging, pijnbestrijding
en spierverslapping. Propofol, sufenta en rocuronium.
Het proces van de anesthesie bestaat uit drie onderdelen
o De patiënt buiten bewustzijn brengen (de inleiding of inductie).
o De periode waarin de operatie plaatsvindt (het onderhouden van de anesthesie).
o Het wakker worden (uitleiding).

,  Epiduraal/spinaal  de spinale ruggenprik verdoofd het
onderlichaam tijdens de operatie. De epidurale ruggenprik
zorgt vervolgens voor pijnstilling in de dagen na de operatie.
Epiduraal is vaak naast algehele narcose.
 Loco-regionaal  voor ingrepen aan armen en benen kan
gebruik worden gemaakt van een zenuwblokkade. Door het
inspuiten van een verdovingsmiddel rondom een
zenuwbaan, worden de zenuwen tijdelijk geblokkeerd.

De meest voorkomende bijwerkingen bij verschillende vormen
van anesthesie
 Misselijkheid en/of braken.
 Keelpijn en heesheidsklachten.
 Urineretentie (verminderde blaasfunctie bij plaatselijke anesthesie).
 Allergische reacties ten gevolge van medicijnen.
 Ademhalingsstoornissen.
 Kans op tandschade.

Algemene inleiding
De anesthesioloog is verantwoordelijk voor de narcose, andere verdovingsvormen en het toezicht
tijdens de operatie of ingreep. Ook buiten de operatiekamer (pijnteam). Daarnaast is de
anesthesioloog betrokken bij de voorbereiding voor en begeleiding na een operatie. Je kunt een
anesthestioloog in consult vragen voor bijvoorbeeld het zetten van een ruggenprik bij een
bevalling, pre-operatieve informatievoorziening voor een operatie en (acuut/chronisch pijnteam).
Als anesthesiemedewerker bewaak je de vitale lichaamsfuncties van de patiënt en assisteer je de
anesthesioloog voor, tijdens en na een operatie.

Anesthesie bij onderzoeken
 Cardioversie  een cardioversie is een behandeling onder narcose waarbij met een elektrische
schok geprobeerd wordt het hartritme weer in een normaal, regelmatig ritme te krijgen. Bij AF
of atriumflutter. Medicamenteus (labetelol of metoprolol) of met schok (op de R-top). Op T-top
veroorzaakt VF.
o Verpleegkundige aandachtspunten  risico op embolievorming (bloed blijft achter in kamer
wat stolt) en kans op asystolie.

 Rol en taak van IC verpleegkundige bij assisteren
o Klaarleggen en aangeven materialen.
o Toediening medicatie.
o Bewaken vitale functies.
o CRM.

Traject electieve behandeling
 Pre poli  algeheel lichamelijk onderzoek om gezondheid voor operatie te bepalen.
 Comorbiditeit  er is vooraf meer onderzoek nodig voor een operatie. Comorbiditeit kan ook
bepalen welke vorm van anesthesie het meest geschikt is. Denk aan hartfalen/COPD.
 Medicatiegebruik  diuretica, anti- trombotica, metformine, sommige antidepressiva, en
oestroprogestagenen kunnen echter problemen stellen en dienen dikwijls gestopt te worden
vóór een algemene anesthesie.
 Alcohol abusis  overmatige alcoholconsumptie heeft een nadelige invloed op de anesthesie.
Het is raadzaam om twee weken voor de operatie alcohol te matigen en 12 uur voor de
operatie helemaal geen alcohol te drinken.
Het is bekend dat het gebruik van alcohol invloed kan hebben op het krijgen van
o Infecties.
o Complicaties van de longen.
o Complicaties van het hart.
o Bloedingen tijdens de operatie en tijdens het herstel.
o Slechtere wondgenezing.
o Acute verwardheid (delirium).

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
11 januari 2023
Aantal pagina's
5
Geschreven in
2022/2023
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$10.80
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
liekekoenen Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
17
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
15
Documenten
9
Laatst verkocht
2 jaar geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen