Methoden en technieken van onderzoek in de sociale wetenschappen 15-11-2022
Boeken:
- Onderzoeksmethoden (10e druk) H2 tm 6 en 10
- Effectonderzoek in de gedragswetenschappen H2 tm 6
- Hoorcolleges
Onderzoek Doelgerichte activiteit om nieuwe kennis op te doen voor het helpen
oplossen van een probleem.
Ontologie – Epistemologie – Methodologie – Methode
Wetenschappelijk onderzoek Streven naar kennis en theorievorming.
Empirisch (feitelijke waarneming).
Systematisch m.b.v. methodologische spelregels:
toetsbare uitspraken, controleerbaar, repliceerbaar*.
Voortbouwen op werk van voorgangers (cumulatief)
Benaderingen van wetenschappelijk onderzoek;
- Empirisch-analytisch; afstand tot onderzoekseenheden, objectief, meten,
kwantitatief
- Empirisch-interpretatief; geen afstand tot onderzoekseenheden, subjectief,
begrijpen/beschrijven, kwalitatief
Triangulatie:
- Driehoeksmeting
- Verhogen betrouwbaarheid (kwaliteit verbeteren)
- Probleemstelling aanpakken met meerdere onderzoeksmethoden
Typen wetenschappelijk onderzoek:
- Fundamenteel – bijdrage aan de wetenschap
- Praktijkgericht – bijdrage aan de maatschappij, oplossen van een praktijkprobleem
,Empirische cyclus:
Inductie Je hebt nog niet zoveel kennis over een bepaald onderwerp. (Kwalitatief)
Deductie Je hebt al een bepaalde theorie, testen in de werkelijkheid. (Kwantitatief)
Kenmerken onderzoekstypen (fout op dia)
Kwantitatief Kwalitatief
Deductie Inductie
Toetsen van theorie Opstellen van theorie
Objectieve metingen Subjectieve interpretaties
Probleemstelling in onderzoeksplan:
- Wat wil je weten?
o Fundamenteel; hiaten/tegenstrijdigheden in de wetenschappelijke kennis
o Praktijkgericht; probleem afkomstig van opdrachtgever, vaag/globale
weergave van het probleem, huidige vs. gewenste situatie
- Waarom wil je dit weten?
o Inzicht krijgen in…
o Relevantie; theoretisch, praktijkgericht of beide
- Welk theoretisch raamwerk? – Conceptueel model
, Onderzoeksopdracht
Gymnastieklessen
n Een belangrijk doel van de gymnastieklessen is – naast het enthousiast maken voor
sport en bewegen - dat de leerlingen gedurende de gehele gymles actief bezig zijn.
Maar door uitleg en organisatie gaat vaak veel tijd verloren. Leerlingen luisteren naar
een instructie, staan te wachten of zijn om andere redenen niet actief bezig. De
organisatie en groepsvorming in een les kunnen zeer bepalend zijn voor de tijd dat
leerlingen actief aan het bewegen zijn. Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld het
werken in drie vakken versus klassikale gymles.
n Aan jullie als onderzoekers de taak om het met behulp van een onderzoek de
gymnastieklessen te inventariseren en om daarmee te komen tot aanbevelingen hoe
de scholen hun aanpak kunnen verbeteren.
Probleem?
Gewenste situatie?
Doelstelling?
Onderzoeksvraag: (kwantitatief)
- Beschrijvend; Wie koopt biologisch vlees? Wat voor…, welke…, wanneer?
- Verklarend; Waarom, waardoor?
- Voorspellend; Wat gebeurt er … als gevolg van…? Tot welke… leidt?
Boeken:
- Onderzoeksmethoden (10e druk) H2 tm 6 en 10
- Effectonderzoek in de gedragswetenschappen H2 tm 6
- Hoorcolleges
Onderzoek Doelgerichte activiteit om nieuwe kennis op te doen voor het helpen
oplossen van een probleem.
Ontologie – Epistemologie – Methodologie – Methode
Wetenschappelijk onderzoek Streven naar kennis en theorievorming.
Empirisch (feitelijke waarneming).
Systematisch m.b.v. methodologische spelregels:
toetsbare uitspraken, controleerbaar, repliceerbaar*.
Voortbouwen op werk van voorgangers (cumulatief)
Benaderingen van wetenschappelijk onderzoek;
- Empirisch-analytisch; afstand tot onderzoekseenheden, objectief, meten,
kwantitatief
- Empirisch-interpretatief; geen afstand tot onderzoekseenheden, subjectief,
begrijpen/beschrijven, kwalitatief
Triangulatie:
- Driehoeksmeting
- Verhogen betrouwbaarheid (kwaliteit verbeteren)
- Probleemstelling aanpakken met meerdere onderzoeksmethoden
Typen wetenschappelijk onderzoek:
- Fundamenteel – bijdrage aan de wetenschap
- Praktijkgericht – bijdrage aan de maatschappij, oplossen van een praktijkprobleem
,Empirische cyclus:
Inductie Je hebt nog niet zoveel kennis over een bepaald onderwerp. (Kwalitatief)
Deductie Je hebt al een bepaalde theorie, testen in de werkelijkheid. (Kwantitatief)
Kenmerken onderzoekstypen (fout op dia)
Kwantitatief Kwalitatief
Deductie Inductie
Toetsen van theorie Opstellen van theorie
Objectieve metingen Subjectieve interpretaties
Probleemstelling in onderzoeksplan:
- Wat wil je weten?
o Fundamenteel; hiaten/tegenstrijdigheden in de wetenschappelijke kennis
o Praktijkgericht; probleem afkomstig van opdrachtgever, vaag/globale
weergave van het probleem, huidige vs. gewenste situatie
- Waarom wil je dit weten?
o Inzicht krijgen in…
o Relevantie; theoretisch, praktijkgericht of beide
- Welk theoretisch raamwerk? – Conceptueel model
, Onderzoeksopdracht
Gymnastieklessen
n Een belangrijk doel van de gymnastieklessen is – naast het enthousiast maken voor
sport en bewegen - dat de leerlingen gedurende de gehele gymles actief bezig zijn.
Maar door uitleg en organisatie gaat vaak veel tijd verloren. Leerlingen luisteren naar
een instructie, staan te wachten of zijn om andere redenen niet actief bezig. De
organisatie en groepsvorming in een les kunnen zeer bepalend zijn voor de tijd dat
leerlingen actief aan het bewegen zijn. Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld het
werken in drie vakken versus klassikale gymles.
n Aan jullie als onderzoekers de taak om het met behulp van een onderzoek de
gymnastieklessen te inventariseren en om daarmee te komen tot aanbevelingen hoe
de scholen hun aanpak kunnen verbeteren.
Probleem?
Gewenste situatie?
Doelstelling?
Onderzoeksvraag: (kwantitatief)
- Beschrijvend; Wie koopt biologisch vlees? Wat voor…, welke…, wanneer?
- Verklarend; Waarom, waardoor?
- Voorspellend; Wat gebeurt er … als gevolg van…? Tot welke… leidt?