STOFWISSELING EN WELVAART
VERSCHILLENDE SOORTEN STRESSOREN EN COPINGSTIJLEN BENOEMEN EN
VOORBEELDEN HIERVAN INTERPRETEREN
- Stressor: stressvolle stimulus of situatie
Traumatische stressoren: Een natuurramp bijvoorbeeld
Chronische stressoren: Problemen thuis, burn-out
- Copingstijlen:
Probleemgerichte coping: stressor wordt geïdentificeerd en er wordt
actie ondernomen
Emotiegerichte coping: inspanningen om je emotionele reactie op de
stressor te reguleren
Cognitieve herstructurering: positieve kant bekijken
Sociale vergelijkingen: Je eigen situatie vergelijken met die van een
ander
Positieve emoties: situaties vinden van humor en vreugde
Betekenis vinden: Oorzaak zoeken voor probleem
UITLEGGEN OP WELKE WIJZE STRATEGIEËN VOOR COPING EN KEUZES T.A.V.
LEEFSTIJL VAN INVLOED ZIJN OP ONZE STRESSREACTIE
- Sociale steun
- Lichaamsbeweging
- Voeding en eetpatroon
- Slaap en meditatie
UITLEGGEN WAT ZELFREGUL ATIE IS EN WELKE ROL HET SPEELT IN
TOTSTANDKOMING VAN GEDRAG
- Zelfregulatie is het controle hebben over je keuzes en het maken van de
juiste keuzes die beter zijn op lange termijn.
DE INVLOED VAN MOTIVATIE EN ZELFREGUL ATIE OP VOEDINGSKEUZE EN
EETGEDRAG UITLEGGEN (IN GESPREK MET EEN CLIËNT), EN HIER ADVIEZEN
AAN KOPPELEN
- Doelen formuleren:
Realistische doelen
Concrete doelen
Doelen monitoren (bijhouden hoe ver je bent in het bereiken van je
doelen/proces volgen)
- Strategieën toepassen:
, Actieplan bedenken: hoe ga je je doelen behalen
Mentale simulatie: doel voor je zien
- Omgaan met frustraties en tegenslagen
Zelfcontrole: De capaciteit om je gedachten en gedrag te veranderen en
aan te passen aan situaties, regels of persoonlijke doelen
Impulsen beheersen en gedrag toepassen die beter is voor de
langer termijn
UITLEGGEN WELKE DENKFOUTEN EN (VOOR)OORDELEN WE HEBBEN EN HOE
DEZE ONS HELPEN BIJ BESLISSINGEN
- Fundamentele attributiefout:
Overschatten van de invloed van persoonlijke karaktertrekken van
iemand
Situationele factoren worden geminimaliseerd
- Cognitieve dissonantie:
“Goed praten”
Als eigen gedrag niet strookt met eigen cognities
- Self-serving bias:
Deze vorm van bevooroordeling houdt in dat mensen succes aan
hun eigen capaciteiten of talenten toeschrijven (interne attributie),
terwijl ze hun falen meer toeschrijven aan de omstandigheden of
fouten van anderen (externe attributie).
UITLEGGEN HOE VOORKEUREN EN AFKEREN ONTSTAAN EN HOE DEZE GEDRAG
BEÏNVLOEDEN
- Evolutionair leren:
Babys hebben een voorkeur voor zoete smaken
Evolutie
Moedermelk is zoet
Bevat meer energie
Babys hebben een aangeboren afkeur voor zure, bittere en zoute
smaken (wordt later meestal afgeleerd als het vaak genoeg gegeten
wordt)
- Klassieke conditioneren: afkeur voor voedsel die gerelateerd wordt aan
ziekte
- Evaluatieve conditionering
UITLEGGEN WAT BEDOELD WORDT MET DE RESTRAINT-, PSYCHOSOMATISCHE,
EN DE EXTERNALITEITS-THEORIE EN WAT HET VERBAND IS MET LIJNGEDRAG
- Er zijn drie theorieën die overgewicht vanuit een psychologisch oogpunt
proberen te verklaren
De psychosomatische theorie verwijst naar het emotionele eten:
teveel eten in emotionele situaties. Mensen zouden niet genoeg
middelen hebben om de situatie te hanteren. Eten zorgt dan voor
een prikkel-reducerende werking.