Socialisatie en ongelijkheid in de superdiverse
samenleving
Inhoud
De superdiverse stad..........................................................................................................2
Diversiteit in Engeland........................................................................................................4
Geschiedenis diversiteit.......................................................................................................5
Sociale identiteit................................................................................................................6
Identiteit in ontwikkeling.....................................................................................................8
Identiteit in meervoud........................................................................................................9
Kansenongelijkheid...........................................................................................................10
Kansengelijkheid..............................................................................................................11
Advies Onderwijsraad.......................................................................................................12
Invloed cultuur op de opvoeding.........................................................................................13
Etnische-raciale socialisatie................................................................................................15
Intergroep relaties............................................................................................................16
Wij en zij denken.............................................................................................................17
Intergroep vriendschappen................................................................................................19
Sociale pijn en code switchen.............................................................................................20
Diverse gezichten van kansenongelijkheid............................................................................21
FOK en FOI.....................................................................................................................23
Collective teacher-efficacy.................................................................................................24
Dramaturgische lens.........................................................................................................25
Toxische/gezonde schoolcultuur.........................................................................................26
Differentiëren in een superdiverse klas................................................................................27
Docentcompetenties in cultureel diverse klassen...................................................................28
Onderzoek van Sabrina.....................................................................................................29
1
,De superdiverse stad
De-familiarisering (Baumann)
- Iets bekijken vanaf een afstand
Optische illusie
- Iedereen kijkt subjectief naar superdiversiteit (vanuit een eigen oogpunt)
- Intersubjectief > na veel onderzoek wordt een thema objectiever
Superdiversiteit
- Geen ideologie, maar empirisch (date gedreven)
- Niet normatief (iets divers maken, diversity day)
- Benadrukt niet alleen etniciteit, maar meerdere dimensies
- Laat verschillen zien IN groepen
- Super betekend niet fantastisch, zijn ook negatieve aspecten. Het betekend complex
Kenmerken superdiversiteit
- Vooral grote steden in West-Europa
- Stad kan superdivers zijn, maar een wijk niet
- Meest diverse wijken zijn goed te bereiken (vliegveld, haven)
Voorwaarden superdiversiteit
1. Majority Minority Cities > demografisch kantelmoment (+ 50%)
2. Intensivering culture diversiteit (sneller door globalisatie en beter transport)
3. Groeiende diversiteit binnen diversiteit (Diversification of diversity)
Toenemende vlottendheid > mensen blijven langer hier
Migratiecijfers zijn hoger dan ooit (door technologie & globalisatie)
- Hierdoor diversiteit groter (etniciteit, religie, sociaal-economische status, taal etc.)
Code switchen
- Code > geschreven en ongeschreven regels
- Je bent anders in andere groepen (peergroep, familie & school)
Sociale pijn
- De pijn die je ervaart als je er niet bij hoort en niet begrepen voelt, je wordt uitgesloten
- The need-to-belong > kan als push-factor zijn om er wel bij te horen
Globalisering > hoe meer betrokkenheid naar elkaar in de wereld
Glocalisering > lokale effecten van globalisering
Negatieve effecten superdiversiteit
- Schildpad-effect > mensen trekken zich terug (polarisatie, minder verenigingsleven in een
superdiverse wijk)
- Sociale boulimia > er wordt inclusie beloofd, maar er is sociale uitsluiting en pijn
Positieve effecten superdiversiteit
- Transnationals > groeiende groep met veel netwerken, die makkelijk kunnen verhuizen
- Mulitaligheid als norm > hoe meer superdiversiteit, hoe meer talen
- Culturele hybridisering > een weg leren om met elkaar leren omgaan (nieuwe jeugdtalen)
Paradigma (wisseling)
2
, - Een manier van kijken
- Schinkel > kritiek op het integratie beleid (mensen moesten verhuizen voor meer
assimilatie)
- Integratiebeleid werkt niet omdat het gemaakt werd vanuit je eigen beeld. Hierdoor
moeten steden met een eigen lokaal beleid komen
Assimilatie-theorie
- In 40-50 jaar (3 generaties) assimileert de groep in de samenleving
- Werkt goed in een samenleving met een dominante culturele groep
Superdiversiteitstheorie
- Meer diversiteit op het niveau van SES, leefstijl, waardenoriëntaties (stemmen op een partij),
opvoedingsstijlen etc.
- De 2e generatie polariseert (uit elkaar groeien) nog meer
Neo-liberaal > lijken op elkaar
Soorten steden
- Up-scale cities > willen hooggeschoolde migranten zodat die nieuwe kennis meebrengen
- Low- and down-scale cities > willen meer economische netwerken
- Low scale cities > meer diversiteit voor een betere plek in het globale netwerk
- Down scale cities > meer diversiteit zodat ze weinig loon kunnen betalen, dit kan als
negatief gezien worden
Rotterdam
Rotterdam geen ‘blije’ super diverse stad, het is anders dan andere globale steden
Globale steden
- Begonnen als havenstad, maar nu is de service sector belangrijker
- Deze steden zijn cultureel divers en economisch sterk
Haven steden
- Als 2e stad gezien > zijn divers, maar internationaal economisch sterk zijn ze niet
Rotterdam
- Een haven of 2e stad
- Deze steden laten zien hoe steden die geen ‘globale steden’ zijn reageren op
superdiversiteit
Geschiedenis Rotterdam
- Geprofiteerd internationale karakter Amsterdam
- Vooral arme havenarbeiders
- Migratie is er altijd al geweest
Drie periodes van migratie in Rotterdam
1. 1850-1930 > veel migratie, haven groter
2. 1960-1980 > afname migratie, na de oorlog
3. 1980-nu > toename migratie
Omdat de haven verder ligt van het stadscentrum, heeft dit de haven economie
beïnvloed
- De haven is geen pull-factor meer voor arbeiders
- In 2017 een superdiverse stad (demografisch kantelpunt)
- Meer Westerse immigranten
- 180 verschillende nationaliteiten
3