ng
Pathologie van het
Bewegen
Deeltentamen I – Hart en inspanning, Rugpijn,
Parkinson en Chronische Pijn
Hart en Inspanning....................................................................2
Albert (2000) – Triggering of Sudden Death from Cardiac Causes by Vigorous
Exertion............................................................................................................... 2
Maron (2000) – The Paradox of Exercise.............................................................3
Mandic (2012) – Resistance vs. Aerobic Training in Chronic Heart Failure...........3
Rugpijn..................................................................................... 5
Van Dieën – Work-Related Low-Back Pain: Biomechanical Factors and Primary
Prevention........................................................................................................... 5
Parkinson.................................................................................. 6
Okuma (2014) – Practical Approach to Freezing of Gait in Parkinson’s Disease. .6
Wu (2015) – Motor Automaticity in Parkinson’s Disease......................................8
Chronische Pijn........................................................................ 11
Butler – Peripheral Nerve: Structure, Function and Physiology..........................11
Schmid (2013) – Reappraising Entrapment Neuropathies.................................11
Afkortingen........................................................................................................ 12
, Hart en Inspanning
Albert (2000) – Triggering of Sudden Death
from Cardiac Causes by Vigorous Exertion
Inleiding en Methode
Doel van het artikel was het kwantificeren van het relatieve risico op Sudden
Death a.g.v. ardiale problemen (SDC; Sudden Cardiac Death) na hevige
inspanning , vergeleken met het risico bij lichte of geen activiteit.
Activiteit werd eenmaal in kaart gebracht bij baseline. Hierbij werd aangenomen
dat de frequentie van hevige inspanning in de week een maat was voor
VO2max/HDL cholesterol, etc.
Activiteit (in MET) rond het tijdstip van overlijden werd bepaald, hierbij gelde een
activiteit van MET≥6 als hevige inspanning.
Sudden Death werd gedefinieerd als: “death within 1 hour of symptom onset or
death after a witnessed cardiac arrest or abrupt collapse not preceded by
symptoms lasting longer than 1 hour”.
Resultaten
Van de 122 SDC gevallen
- 17 tijdens hevige inspanning (↑13.4%)
- 6 in de 30 minuten na hevige inspanning (↑ 4.9%)
Gevonden risico op SCD:
- Absolute risico: 1 per 19 miljoen uur
- Bij lichte inspanning 1 per 23 miljoen ‘at risk hours’
- Bij hevige inspanning: 1 per 1.42 miljoen ‘at risk hours’
Dit betekent een verhoogd risico van 16% bij hevige inspanning
Het risico op SCD bij hevige inspanning wordt verlaagd door regelmatige
inspanning:
- Bij <1x trainen per week:74.1% relatief risico
- Bij ≥5x trainen per week:10.9% relatief risico
Dit is echter alsnog hoger dan bij lichte inspanning.
Conclusie en Discussie
Bevindingen
- Risico op SCD is 14-45x hoger tijdens hevige inspanning
- Regelmatig sporten (bij baseline) zorgde voor een lager risico op SCD bij
hevige inspanning. Er werd echter geen effect op het absolute risico
gevonden (in andere studies wel!)
Kritiekpunten
- Populatie; male physicians (waarschijnlijk niet representatief voor gehele
bevolking)
- Activiteitenniveau werd alleen bij baseline bepaald, de kans is klein dat dit
bij iedereen gelijk is gebleven door de tijd;
- Middelmatige inspanning is niet geïnventariseerd er is alleen naar lichte en
hevige gekeken.
Mogelijke werking/verklaringen