Gezondheidsvoorlichting 2.1
Samenvatting
Ontwerpen van de vragenlijst
Ontwerpen van je vragenlijst:
a. van meetbare indicatoren naar enquêtevragen
b. antwoordopties bij de vragen
c. opbouw en lay-out
d. validiteit en betrouwbaarheid
A. Van meetbare indicatoren tot enquêtevragen
Open en gesloten vragen:
Open: alle vrijheid in antwoorden (kwalitatief)
Voordelen: eigen woorden
Nadelen: niet getalsmatig (kwantitatief) te verwerken
Gesloten: beperkte keus/antwoordcategorieën
(gestructureerde dataverzamelingstechniek = kwantitatief)
Voordelen: gemakkelijk te verwerken, verhoogt reproduceerbaarheid
(betrouwbaarheid)
Nadelen: categorie sluit niet aan bij respondent, kans op lagere validiteit
Invloed van design op soort vragen/vragenlijst
Twee metingen vergelijken:
Voormeting + nameting bij de experimentele groep (pre experiment)
1. Voormeting bij experimentele groep
2. Nameting bij experimentele groep
Nameting bij de experimentele groep en controle groep (zuiver experimenteel)
1. Nameting bij experimentele groep
2. Nameting bij controle groep
De effectvragen in de twee metingen moet precies hetzelfde zijn.
De procesvragen kunnen niet hetzelfde zijn bij de experimentele groep en de controle groep
(controle groep heeft de interventie niet ontvangen, kunnen niks zeggen over hoe het verlopen is).
Ook bij de voormeting kan je nog geen procesvragen stellen, omdat de experimentele groep de
interventie nog niet heeft ontvangen.
Wat is het verschil tussen de vragenlijsten bij…
vóór- en námeting (bij experimentele groep)?
inleiding en afsluiting verschillend
geen procesvragen bij voormeting
meting bij experimentele- en controlegroep?
controlegroep kan geen procesvragen beantwoorden
voor beide groepen wel 1 vragenlijst: bij controlegroep doorverwijzen naar
effectvragen (overslaan procesvragen)
1
, Gezondheidsvoorlichting 2 B3 Jessica van Walstijn
Filtervragen
Je verifieert of je meet bij de juiste doelgroep (validiteit)
• Groep die niet behoord tot jouw doelgroep eruit te filteren met een filtervraag:
Leeftijdscategorie
Je voorkomt dat mensen die niet in je doelgroep thuis horen, onvoorspelbare antwoorden
geven (betrouwbaarheid)
In sommige onderzoeken gebruik je de filtervraag om onderscheid te maken tussen
experimentele- en controlegroep
• Vraag: Heeft u het voorlichtingsfilmpje bekeken?
Goede enquêtevragen:
1. Concrete
o Respondent dwingen tot goed nadenken tot zijn antwoordt betrouwbaar
antwoord
2. Begrijpelijk
o Respondent moet de vraag goed kunnen begrijpen
3. Eenduidig
o Makkelijke vragen, zorgen dat er geen twee vragen in één gesteld worden
4. Neutral
o Niet met je vraagstelling de respondent al een kant opsturen
5. Juiste verwachtingen
o Vraag: Heeft u laatst in een goed restaurant gegeten? Dan ga je ervan uit dat
degene laatst in een restaurant heeft gegeten, dit is voor sommige respondenten
niet aan de orde.
Voorbeeld concreet:
2