College 1 – Introductie
De psychologie is de wetenschap die het gedrag van de mens bestudeert. Dit houdt niet enkel in wat
mensen doen en hoe ze het doen, maar ook wat mensen voelen, wat mensen denken en hoe ze tot
beslissingen komen. De psychologie kijkt naar algemene kenmerken van menselijk gedrag, maar ook
naar de verschillen, naar individuen en naar groepen, naar problematisch en naar normaal gedrag.
Sociologie legt meer de nadruk op relaties en sociale structuren (bv. sociale netwerken, instituties),
terwijl de sociale psychologie richt meer zich op het gedrag van individuen wanneer anderen
expliciet of impliciet aanwezig zijn.
Psychologie is altijd nodig in de veiligheidswereld, want je hebt altijd te maken met mensen.
Over het algemeen overschatten mensen de eigen mogelijkheden en onderschatten mensen de
gevaren uit de omgeving.
De vier G’s
- Gedrag
- Gebeurtenis
- Gedachte
- Gevoel
Als er iets gebeurt, interpreteren we dit meteen. Wat we zien, wordt gekleurd door gedachten en
emoties. We reageren dus niet rechtstreeks op een gebeurtenis, maar op wat we denken dat er
gebeurt. Wat we denken en voelen beïnvloedt ons gedrag
Wat is (on)veiligheid?
Instinctief onveilige situaties (aangeboren onveilig gevoel):
• Hoogte, hitte en vuur
• Slangen en insecten, zoals spinnen
• Zware weersomstandigheden, zoals storm, bliksem en donder
• Nieuwe omgeving en onbekende mensen
• Situaties waarin je alleen bent (afdwalen van de groep)
De ijsberg-metafoor
Zichtbaar
o Gedrag
o Kennis
Niet-zichtbaar
o Innerlijke processen
o Overtuigingen
o Persoonlijkheid
o Waarden
, o Normen
o Missie
Soorten menselijke fouten:
Onbewuste fout
o ‘Doe’ fout
o Vergissing – op actie gebaseerd
o Vergeten – op geheugen gebaseerd
o ‘Denk’ fout
o Fout op kennis gebaseerd (“dacht dat het zo moest”)
o Fout op regel gebaseerd (“regel verkeerd begrepen”)
Bewuste fout
o Routine
o Situationeel
o Exceptioneel
College 2 – Gebeurtenis – Perceptie
Perceptie > geeft betekenis aan sensatie. Door perceptie ontstaat een interpretatie van de externe
wereld, geen letterlijke kopie. Wat je waarneemt, is afhankelijk van….
Kenmerken van de prikkels zelf (bottom-up input)
Kenmerken van de waarnemer (top-down input)
Kenmerken van de sociale omgeving (top-down input)