Samenvatting Hoorcolleges
Pedagogisch denken HC1
Het woord pedagogiek is afgeleid van Paidagogos = Kinderbegeleider
In het oude Griekenland was Paidagogos een slaaf die kinderen (eerst jongens, later ook meisjes
naar school bracht). Pedagogiek stamt daarvan af.
Wat is pedagogiek en/of wat doet een pedagoog?
Paidagoogia betekent letterlijk kinderleiding (het leiden van het kind).
Wat is pedagogiek?
Pedagogiek is een praktijkwetenschap: het gaat over het handelen. En daarbij zullen drie vragen
altijd centraal staan:
1. Hoe kan opvoeding het best omschreven worden
2. Hoe kan zij het best bestudeerd worden in de wetenschap
3. Welke rol vervult zij in de opvoedingspraktijk
De moderne pedagogiek.
De moderne Pedagogiek berust op twee principes:
1. Het principe van het kunnen leren
2. Het kind is een vrij en handelend subject
Paradox: Opvoedeling uitnodigen tot wat hij/zij nog niet kan en aanspreken als iemand die hij/zij
nog niet is. Hiermee wordt zelfverantwoordelijke zelfbepaling gestimuleerd.
Heel belangrijk zelfstandig handelen te stimuleren.
Contrafactische anticipatie: Vooruitlopen op wat nog niet feitelijk het geval is.
MARTINUS LANGEVELD (1905-1989)
'Het kind begrijpen, zoals het is,’
Dat is volgens Langeveld de opdracht van de pedagogiek.
Twee kenmerken: Kind is afhankelijk van volwassenen en kind wil zelfstandig zijn
,Normatieve pedagogiek
• Pedagogiek die waarde bepalend en richtinggevend is.
Voorbeeld: Niet lijfelijk straffen tijdens de opvoeding, want belemmert veiligheid van kind.
Voorbeeld: Burgerschapsvorming moet een plek hebben in het Onderwijs: want kinderen moeten
opgevoed worden tot democratische burgers.
• Langeveld was voorstander van normatieve Pedagogiek:
- Mens is Animal Educandum
- Een dier dat opgevoed moet worden
- Om mens te worden: moet je opgevoed worden
Doel van pedagogiek
Animal Educandum: Wezen dat opgevoed moet worden
Doel van Pedagogiek volgens Langeveld: Zelfverantwoordelijke zelfbepaling (oftewel Mondigheid).
Wat is mondigheid: Mondigheid is het vermogen om gebruik te maken van je verstand zonder
leiding van een ander.
De cultuur
• De mens is van nature een cultuurwezen
“Als cultuur wordt gezien als het belangrijkste verschil tussen dieren en mensen, zijn ook opvoeding,
vorming en onderwijs specifiek menselijke aangelegenheden.” pp.26 Smeyers et al, 2016.
• Joint attention (Tomasello): Het belang van gedeelde aandacht
- Van groot belang voor culturele overdracht
- Kinderen gaan kijken naar waar volwassenen naar kijken
- Door gedeelde aandacht/sociale interactie wordt er geleerd en cultuur overgedragen
- Bij kinderen met autisme is er minder sprake van joint attention
, De opvoeding
“Opvoeding is alle omgang tussen ouder en kind waarbij gericht een relatie wordt aangegaan. In
deze omgang biedt de ouder het kind liefde, geborgenheid, veiligheid, intimiteit, aandacht, grenzen,
instructieve, ondersteuning en controle. Hierdoor zal het kind tot zelfontplooiing komen en over het
nodige zelfvertrouwen en de nodige zelfstandigheid en zelfredzaamheid beschikken om richting te
geven aan zijn verdere leven.”
- pp.7: Becker, 2021.
4 basisdimensies van opvoeding:
• Ondersteuning bieden
• Instructie geven
• Controle uitoefenen
• Grenzen stellen
Opvoedingsdoelen
• De drie Z’s:
1. Zelfstandigheid (individu)
2. Zelfredzaamheid (samenleving)
3. Zelfvertrouwen (toekomst)
Pedagogisch denken HC1
Het woord pedagogiek is afgeleid van Paidagogos = Kinderbegeleider
In het oude Griekenland was Paidagogos een slaaf die kinderen (eerst jongens, later ook meisjes
naar school bracht). Pedagogiek stamt daarvan af.
Wat is pedagogiek en/of wat doet een pedagoog?
Paidagoogia betekent letterlijk kinderleiding (het leiden van het kind).
Wat is pedagogiek?
Pedagogiek is een praktijkwetenschap: het gaat over het handelen. En daarbij zullen drie vragen
altijd centraal staan:
1. Hoe kan opvoeding het best omschreven worden
2. Hoe kan zij het best bestudeerd worden in de wetenschap
3. Welke rol vervult zij in de opvoedingspraktijk
De moderne pedagogiek.
De moderne Pedagogiek berust op twee principes:
1. Het principe van het kunnen leren
2. Het kind is een vrij en handelend subject
Paradox: Opvoedeling uitnodigen tot wat hij/zij nog niet kan en aanspreken als iemand die hij/zij
nog niet is. Hiermee wordt zelfverantwoordelijke zelfbepaling gestimuleerd.
Heel belangrijk zelfstandig handelen te stimuleren.
Contrafactische anticipatie: Vooruitlopen op wat nog niet feitelijk het geval is.
MARTINUS LANGEVELD (1905-1989)
'Het kind begrijpen, zoals het is,’
Dat is volgens Langeveld de opdracht van de pedagogiek.
Twee kenmerken: Kind is afhankelijk van volwassenen en kind wil zelfstandig zijn
,Normatieve pedagogiek
• Pedagogiek die waarde bepalend en richtinggevend is.
Voorbeeld: Niet lijfelijk straffen tijdens de opvoeding, want belemmert veiligheid van kind.
Voorbeeld: Burgerschapsvorming moet een plek hebben in het Onderwijs: want kinderen moeten
opgevoed worden tot democratische burgers.
• Langeveld was voorstander van normatieve Pedagogiek:
- Mens is Animal Educandum
- Een dier dat opgevoed moet worden
- Om mens te worden: moet je opgevoed worden
Doel van pedagogiek
Animal Educandum: Wezen dat opgevoed moet worden
Doel van Pedagogiek volgens Langeveld: Zelfverantwoordelijke zelfbepaling (oftewel Mondigheid).
Wat is mondigheid: Mondigheid is het vermogen om gebruik te maken van je verstand zonder
leiding van een ander.
De cultuur
• De mens is van nature een cultuurwezen
“Als cultuur wordt gezien als het belangrijkste verschil tussen dieren en mensen, zijn ook opvoeding,
vorming en onderwijs specifiek menselijke aangelegenheden.” pp.26 Smeyers et al, 2016.
• Joint attention (Tomasello): Het belang van gedeelde aandacht
- Van groot belang voor culturele overdracht
- Kinderen gaan kijken naar waar volwassenen naar kijken
- Door gedeelde aandacht/sociale interactie wordt er geleerd en cultuur overgedragen
- Bij kinderen met autisme is er minder sprake van joint attention
, De opvoeding
“Opvoeding is alle omgang tussen ouder en kind waarbij gericht een relatie wordt aangegaan. In
deze omgang biedt de ouder het kind liefde, geborgenheid, veiligheid, intimiteit, aandacht, grenzen,
instructieve, ondersteuning en controle. Hierdoor zal het kind tot zelfontplooiing komen en over het
nodige zelfvertrouwen en de nodige zelfstandigheid en zelfredzaamheid beschikken om richting te
geven aan zijn verdere leven.”
- pp.7: Becker, 2021.
4 basisdimensies van opvoeding:
• Ondersteuning bieden
• Instructie geven
• Controle uitoefenen
• Grenzen stellen
Opvoedingsdoelen
• De drie Z’s:
1. Zelfstandigheid (individu)
2. Zelfredzaamheid (samenleving)
3. Zelfvertrouwen (toekomst)