Uitwerkingen Chemie Overal VWO 5e editie: H1 Scheiden en reageren.
§1.1 Zuivere stoffen en mengsel.
1 a: In tekening a en c is een zuivere stof, er is maar één soort molecuul.
b: In tekening b is een mengsel weergegeven, er zijn twee soorten moleculen.
c: Je kunt niet spreken van cola moleculen omdat cola bestaat uit meerdere soorten
moleculen en niet uit één soort molecuul
2 a: De temperatuur stijgt totdat het kookpunt bereikt is, daarna blijft deze constant totdat
alle stof verdampt is, daarna stijgt de temperatuur van de damp weer.
b: De temperatuur daalt totdat het stolpunt bereikt is, daarna gaat deze langzamer dalen
(en ontstaat er een vaste stof in een vloeistof). Als alle stof gestold is daalt de
temperatuur weer sneller. (zie ook de figuren hieronder)
3 a: een atoom is het kleinste deeltje van een chemisch element dat niet verder deelbaar
is langs chemische weg.
b: Volgens het Binas zijn er nu 118 elementen bekend.
c: Een molecuul is het kleinste deeltje van een verbinding en is opgebouwd uit atomen.
D: ontelbaar veel, tientallen miljoenen
4 a: oplossing c: oplossing
b: emulsie d: suspensie
5 a: Mengsel: nr. 1, 2, 4, 7 Zuivere stof: nr. 3, 5, 6
b: Meten van het kook of smeltdiagram, een zuivere stof heeft een kookpunt, een
mengsel heeft een kooktraject.
6 a: olie is hydrofoob, de olie lost niet op in het hydrofiele water.
b: ether is hydrofoob, mengt met de hydrofobe olie (zie a)
Uitwerkingen Chemie Overal VWO 5e editie.
H1: Scheiden en reageren. Pagina 1 van 12
, 7 a: Een eutectisch mengsel heeft een smeltpunt dat veel lager is dan de smeltpunten van
de aparte stoffen in het mengsel.
b: de fase waarbij in een stof tijdens het verwarmen zowel de vaste stof met het hoogste
smeltpunt en de vloeistof van de stof met het laagste kookpunt aanwezig zijn.
c: strooien bij vorst, tegen de gladheid, het ijs smelt.
d: menthol: smeltpunt 42 °C
kamfer: smeltpunt 179 °C, (antwoordboek 180 °C)
e: temperatuurdaling smeltpunt menthol: 42 – 20 = 22 °C
temperatuurdaling smeltpunt kamfer: 179 – 20 = 157 °C
f: Menthol: 0,8 x 250 =200 g Kamfer 250 – 200 = 50 g (of 0,2 x 250 = 50 g)
8 a: Tumbage (een legering), ook wel rood goud
b: 9 karaat betekent 9 delen goud en (24-9) = 16 delen koper.
9
massa percentage goud= x 100 %=37,5 %
24
37,5
Massa goud massa goud= x 7,00=2,63 g
100
9 a: deze dient als emulgator.
b: zie figuur rechts
c: De dikte hangt af van de
hoeveelheid druppeltjes. Er is te veel
olie toegevoegd, waardoor de
oliedruppeltjes samenvloeien en het
water in durppletjs in de olie zit.
Doordat er meer olie dan water is,
zijn er minder waterdruppeltjes dan
er er eerst oliedruppletjes waren.
Daardoor wordt de emulsie minder
dik.
Uitwerkingen Chemie Overal VWO 5e editie.
H1: Scheiden en reageren. Pagina 2 van 12
§1.1 Zuivere stoffen en mengsel.
1 a: In tekening a en c is een zuivere stof, er is maar één soort molecuul.
b: In tekening b is een mengsel weergegeven, er zijn twee soorten moleculen.
c: Je kunt niet spreken van cola moleculen omdat cola bestaat uit meerdere soorten
moleculen en niet uit één soort molecuul
2 a: De temperatuur stijgt totdat het kookpunt bereikt is, daarna blijft deze constant totdat
alle stof verdampt is, daarna stijgt de temperatuur van de damp weer.
b: De temperatuur daalt totdat het stolpunt bereikt is, daarna gaat deze langzamer dalen
(en ontstaat er een vaste stof in een vloeistof). Als alle stof gestold is daalt de
temperatuur weer sneller. (zie ook de figuren hieronder)
3 a: een atoom is het kleinste deeltje van een chemisch element dat niet verder deelbaar
is langs chemische weg.
b: Volgens het Binas zijn er nu 118 elementen bekend.
c: Een molecuul is het kleinste deeltje van een verbinding en is opgebouwd uit atomen.
D: ontelbaar veel, tientallen miljoenen
4 a: oplossing c: oplossing
b: emulsie d: suspensie
5 a: Mengsel: nr. 1, 2, 4, 7 Zuivere stof: nr. 3, 5, 6
b: Meten van het kook of smeltdiagram, een zuivere stof heeft een kookpunt, een
mengsel heeft een kooktraject.
6 a: olie is hydrofoob, de olie lost niet op in het hydrofiele water.
b: ether is hydrofoob, mengt met de hydrofobe olie (zie a)
Uitwerkingen Chemie Overal VWO 5e editie.
H1: Scheiden en reageren. Pagina 1 van 12
, 7 a: Een eutectisch mengsel heeft een smeltpunt dat veel lager is dan de smeltpunten van
de aparte stoffen in het mengsel.
b: de fase waarbij in een stof tijdens het verwarmen zowel de vaste stof met het hoogste
smeltpunt en de vloeistof van de stof met het laagste kookpunt aanwezig zijn.
c: strooien bij vorst, tegen de gladheid, het ijs smelt.
d: menthol: smeltpunt 42 °C
kamfer: smeltpunt 179 °C, (antwoordboek 180 °C)
e: temperatuurdaling smeltpunt menthol: 42 – 20 = 22 °C
temperatuurdaling smeltpunt kamfer: 179 – 20 = 157 °C
f: Menthol: 0,8 x 250 =200 g Kamfer 250 – 200 = 50 g (of 0,2 x 250 = 50 g)
8 a: Tumbage (een legering), ook wel rood goud
b: 9 karaat betekent 9 delen goud en (24-9) = 16 delen koper.
9
massa percentage goud= x 100 %=37,5 %
24
37,5
Massa goud massa goud= x 7,00=2,63 g
100
9 a: deze dient als emulgator.
b: zie figuur rechts
c: De dikte hangt af van de
hoeveelheid druppeltjes. Er is te veel
olie toegevoegd, waardoor de
oliedruppeltjes samenvloeien en het
water in durppletjs in de olie zit.
Doordat er meer olie dan water is,
zijn er minder waterdruppeltjes dan
er er eerst oliedruppletjes waren.
Daardoor wordt de emulsie minder
dik.
Uitwerkingen Chemie Overal VWO 5e editie.
H1: Scheiden en reageren. Pagina 2 van 12