Opgave 1: Geef in de onderstaande gevallen aan welke wettelijke regeling van toepassing is:
a) Mevrouw Karelse heeft een baan en wordt ziek; Loondoorbetaling door werkgever, na 2 jaar
WIA.
b) Kees is ziek, zijn contract wordt niet verlengd door zijn werkgever; ZW
c) Jessy wordt ontslagen en kan nog geen nieuwe baan vinden; WW
d) Jan bereikt de pensioengerechtigde leeftijd; AOW
e) Samira is 22 en moeder van een zoon. Ze heeft het laatste jaar niet gewerkt; PW (bijstand)
f) Henny is 44 jaar en heeft twee kleine kinderen. Haar man overlijdt; Anw
g) Claire heeft na een ernstig ongeluk al ruim 2 jaar niet meer gewerkt voor haar werkgever. Ze
is nog steeds arbeidsongeschikt; WIA
Opgave 2: Verzekerd/ rechthebbende
Wie heeft er recht op een uitkering? Iedere wet bepaalt wie rechthebbende is en waar men
aanspraak op kan maken wanneer men aan bepaalde voorwaarden voldoet. Ga na wie recht heeft op
een uitkering en waar men recht op heeft. Waar is dit in de wet geregeld? o.g.v. de volgende wetten:
a. de Werkloosheidswet
Verzekerd is:
Art. 15 WW: Met inachtneming van de artikelen 16 tot en met 21 en de daarop berustende
bepalingen heeft de werknemer die werkloos is recht op uitkering.
Art. 3. WW: Werknemer is de natuurlijke persoon jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd die in
privaatrechtelijke of in publiekrechtelijke dienstbetrekking staat
De werknemer is de verzekerde. Werknemer is degene die een arbeidsovereenkomst heeft en nog
niet de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt. Werknemer heeft bij werkloosheid recht op een
uitkering. Dit is geregeld in art. 15 jo. art 3 van de WW.
b. de Ziektewet
Art. 19 ZW: De verzekerde heeft bij ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid als rechtstreeks
en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte recht op ziekengeld overeenkomstig het bij of
krachtens deze wet bepaalde.
Art. 20 ZW: De werknemers in de zin van deze wet zijn verzekerd.