Kernwoorden: Werkplek leren, werkplek pedagogie, werk identiteit, professionele expertise,
competentie ontwikkeling, praktijkgemeenschappen, organisatie leren
Focus artikel
Vormen van leren hebben we nodig die mensen in staat stellen deel te nemen aan transformatief en
innovatief leren in plaats van reproductief leren, aan netwerken en sociaal leren in plaats van
individueel leren, aan ethische en waarde bewust in plaats van waardevrij en objectief leren. Dit
vereist diep onderzoek-gebaseerde kennis van hoe leren plaats kan vinden op het werk. De waarde
van leren op het werk is toegenomen. Door de vele en diverse onderzoeken naar ‘workplace learning
(werkplek leren)’ is de behoefte naar structuur groot.
Concepten/theorie artikel
Vandaag de dag kijken mensen tegen 3 grote uitdagingen aan:
1. De fysieke wereld en natuur; issue over klimaat, energie en milieu.
2. De samenleving en het economische welzijn.
3. Direct gerelateerd aan de mensheid; hoe ondersteunen in de fysieke, de psychische en het
sociale welzijn alsmede de zin van de gemeenschap tussen mensen.
Deze wereldwijde uitdagingen hebben allemaal een directe of indirecte relatie met ‘werkplek leren’.
Dit zijn het soort problemen die worden bereikt en opgelost op verschillende soorten werkplekken, en
niet alleen in de top-level politieke kringen, maar ook op het operationele niveau. Er zijn verschillende
vormen van leren (transformatief en innovatief) nodig waarbij er samen diep wordt geleerd, i.p.v.
alleen en oppervlakkig. Hiervoor is onderzoek nodig naar hoe leren plaatsvindt en hoe leren kan
worden gegenereerd en versterkt op de werkplek. Het uitgangspunt is het holistische 3-P model van
werkplek leren in relatie tot zes onderzoeksrichtingen.
Het 3-P model van leren als startpunt
Het 3-P model van Bigg (1999) is gebruikt als startpunt, omdat 1) het onthult de complexiteit van het
fenomeen werkplek leren en 2) het presenteert de relaties tussen de verschillende componenten van
leren. Het model bevat 3 hoofdcomponenten:
1. Presage: 1) student gerelateerde factoren zoals voorkennis en motivatie en 2) onderwijs
gerelateerde factoren zoals onderwijsmethoden en assessments.
2. Proces: het centrale en belangrijkste gedeelte van leren, hier staat hoe de studenten leren
centraal hetzij door een diep of oppervlakkige aanpak.
3. Product: het resultaat van het leerproces, ofwel de leeruitkomsten zoals kennis, vaardigheden
en attituden.
Het is ontwikkeld in de context van leren op school en kan dus niet toegepast worden voor het
werkplek leren. Type van pedagogische praktijken kunnen ook betrokken worden bij werkplek leren,
maar werkplek leren wordt nu vaak afgebeeld als informeel leren dat plaatsvindt zonder expliciet
onderwijs. Daarom past de teaching context niet in het kader van werkplek leren. De basis (3
componenten) past wel goed bij de context van werkplek leren, met een aantal modificaties is het wel
toepasbaar. Er zijn 5 modificaties gedaan aan het model:
1. De context van het leren: in plaats dat leren onderdeel is van het presage component, is het
nu onderdeel van het gehele model er wordt gerefereerd naar de sociaal-culturele (kansen en
beperkingen werkplek leren) en technisch-organisatorische omgeving.
2. De interpretatie van de presage factoren: een component is toegevoegd tussen presage en
proces. Het betreft de interpretatie van de presage factoren van de lerende (constructivisme;
de presage factoren hebben geen directe invloed op het leerproces). De persoonlijke